Effectief formatief evalueren door kleine stappen te zetten

Er wordt veel van formatief toetsen verwacht. De Facebookgroep ‘Actief leren zonder cijfers’ groeit als kool.  Maar het blijkt vaak nog moeilijk in te zetten. “Het beste kan de docent heel klein beginnen in zijn eigen lespraktijk met zijn eigen leerlingen”, zeggen onderzoekers Judith Gulikers en Liesbeth Baartman die in de literatuur zochten naar formatief evalueren in de praktijk. “Door kleine stappen te zetten, succeservaringen op te doen en van daaruit verder te bouwen.”

Om formatief evalueren goed te kunnen toepassen, hebben docenten vakinhoudelijke kennis nodig en inzicht in learning progressions (hoe de kennis van de leerling zich ontwikkelt en welke misconcepties er zijn). Ook is het belangrijk dat zij beschikken over een vakdidactisch handelingsrepertoire. Ze weten dan hoe ze reacties van leerlingen kunnen ontlokken, door bijvoorbeeld goede vragen te stellen, en kunnen de lessen daarop aanpassen.

Vijf fasen

Om formatief te kunnen evalueren, moeten docenten de vijf fasen van de zogenoemde formatieve toetscyclus toepassen. De vijf fasen zijn:

1)         verwachtingen verhelderen.
2)         leerlingreactie(s) ontlokken
3)         leerlingreactie(s) analyseren en interpreteren
4)         communiceren over resultaten met leerlingen
5)         vervolgacties ondernemen voor onderwijs en leren

De docent in de klas zou moeten denken en werken vanuit deze cyclus, en niet per fase. “Begin je aan stap 1 dan moet je deze altijd relateren aan de andere stappen”, aldus Gulikers.

Feedback

Docenten zetten niet alle vijf fasen even veel en in samenhang in, blijkt uit de literatuurstudie van de Universiteit Wageningen en de Hogeschool Utrecht. Zo analyseren en interpreteren (fase 3) docenten niet doelbewust. Gulikers: “Docenten doen heel veel, maar voornamelijk vanuit hun gevoel, niet gericht.” Ook communiceren docenten weinig met leerlingen over de resultaten (fase 4). Terwijl feedback geven vaak wordt gezien als de kern van formatief toetsen.
Bovendien is formatief toetsen meer dan feedback geven. “Als feedback niet doelgericht is en niet gebaseerd op analyse, heeft het weinig zin. Feedback geven staat vaak op zichzelf. Maar door deze juist in de toetscyclus te plaatsen, maak je feedback sterker.”

Professionalisering

En fase 5 blijkt voor docenten lastig. Het idee is dat docenten aan de hand van de resultaten kijken of ze het goede hebben aangeboden, of dat ze het misschien anders moeten doen. Maar docenten weten vaak niet goed hoe ze goede didactische vervolgacties kunnen kiezen en vormgeven. In de professionalisering van docenten voor formatief evalueren, zou hiervoor meer aandacht moeten zijn. Gulikers: “Belangrijk is wel dat professionalisering van deze fase niet op zichzelf staat, maar is ingebed in de hele cyclus.”

Effect op leerlingen

Hoewel er nog weinig bewijs is voor de invloed van formatief toetsen op de leerlingen is er wel een aantal effecten gevonden op kennisontwikkeling, schrijven, motivatie/attitude, leerprocessen zoals zelfregulatie en autonomie, en studentpercepties of sfeer in de klas. Opmerkelijk is dat docenten die kennisontwikkeling als doel hebben, de formatieve cyclus anders vormgeven dan docenten die zelfregulatie en autonomie als doel hebben.

Gulikers, J.T.M. & Baartman L.K.J. (2017), Doelgericht professionaliseren: formatieve toetspraktijken met effect! Wat DOET de docent in de klas? Universiteit Wageningen, Hogeschool Utrecht.

Deze review werd door het NRO gefinancierd vanuit het programma Overzichtsstudies.

Meer informatie