Grootte school heeft vooral invloed op kosten

De grootte van scholen heeft nauwelijks effect op de leerprestaties van leerlingen. Ook de invloed op bijvoorbeeld de sociale cohesie op school, betrokkenheid van leerlingen en leraren en ouderparticipatie is nauwelijks aantoonbaar. Wel aangetoond is dat grote scholen verhoudingsgewijs goedkoper zijn. Dit blijkt uit een NWO-studie door onderwijsonderzoeker Hans Luyten (Universiteit Twente) en zijn team.

De onderzoekers bestudeerden 84 onderzoekspublicaties en eerdere literatuuroverzichten over effecten van schoolgrootte. De effecten van schoolgrootte op zowel leerprestaties als zogenoemde niet-cognitieve aspecten als betrokkenheid zijn (zeer) beperkt, aldus de onderzoekers. De relatief sterkste effecten zijn gevonden voor sociale cohesie en participatie. Hans Luyten: ‘Dat wil zeggen dat de sociale cohesie en de participatie van ouders, leerlingen en leerkrachten op kleinere scholen iets beter is dan op grote scholen.’

Niet zomaar kleine scholen sluiten
Wat de kosten per leerling betreft heeft het onderzoek aangetoond dat grote scholen relatief goedkoper zijn. De financiële voordelen van grote scholen wegen op tegen eventuele (kleine) nadelen wat betreft leerprestaties of slaagpercentages, stellen de onderzoekers. ‘Kostenbesparingen zijn het grootst als zeer kleine scholen worden samengevoegd. De kosten dalen veel minder sterk als scholen van gemiddelde grootte verder in omvang toenemen. Dat betekent natuurlijk niet dat je zomaar kleine scholen in dorpen moet opheffen. Want als de enige school in een kleine gemeenschap verdwijnt, kost dat de samenleving ook iets,’ aldus Luyten.

Verschillen per land
Ook na veelvuldig onderzoek is er nog geen eenduidig beeld over de effecten van schoolgrootte op de leerprestaties en het schoolklimaat. Toch zijn er wel enkele aanwijzingen voor negatieve effecten. Dit verschilt wel per land: in Amerika zijn meer negatieve effecten van schoolgrootte gerapporteerd, terwijl in andere landen grotere scholen juist tot een beter klimaat en betere leerpresentaties lijken te leiden. Nederlandse basisscholen zijn in vergelijking met andere OESO-landen relatief klein; voor het voortgezet onderwijs geldt precies het omgekeerde.

Niet teveel effecten toedichten aan grootte
De onderzoekers concluderen ook dat de onderzoeksresultaten nogal variëren. Dus behalve dat er maar kleine effecten werden vastgesteld, zijn die effecten ook nog vrij onzeker. ‘We mogen dus niet zomaar allerlei effecten verwachten van veranderingen in schoolgrootte,’ zegt Luyten.

Achtergrondinformatie
Het onderzoek ‘Schoolgrootte-effecten opnieuw bekeken’ is gefinancierd door de Programmaraad voor het Onderwijsonderzoek (PROO), een onderdeel van NWO. De PROO laat regelmatig reviewstudies uitvoeren, zodat er meer inzicht komt in voor de praktijk bruikbare kennis uit recente wetenschappelijke literatuur. De PROO maakt deel uit van het nieuwe Nationaal Regieorgaan Onderwijsonderzoek (NRO).

Meer informatie: j.w.luyten@utwente.nl

Het volledige eindrapport als PDF..