De invloed van de leraar-leerling relatie op externaliserend leerlinggedrag

Leraren moeten soms ingrijpen om druk, dwars of agressief leerlinggedrag te stoppen of om verdere escalatie te voorkomen. Wat is dan het meest effectief? Deze vraag stond centraal in het onderzoek. Resultaten lieten zien dat er geen duidelijke ‘top-5’ van meest effectieve handelingen is. Wel werd duidelijk dat bepaalde interventies ervoor zorgen dat een incident korter of juist langer duurt, of vaker of minder vaak voorkomt. Ook blijkt vooral een goede leraar-leerling relatie een positieve invloed te hebben op de duur en frequentie van externaliserend leerlinggedrag.

Sinds scholen verplicht zijn passend onderwijs aan te bieden, krijgen leerkrachten in het regulier onderwijs vaker met externaliserend leerlinggedrag te maken. Aangezien dit gedrag een negatief effect heeft op zowel het welzijn van de leraar als dat van de leerling, is het nodig om leraren handvatten te bieden, zodat zij er adequaat mee om kunnen gaan. Dit onderzoek heeft, naast belangrijke inzichten, een nieuw observatie-instrument opgeleverd. Hiermee kunnen scholen de effectiviteit van interventies zelf beoordelen.

Onderzoeksmethode

Door het observeren van 61 leraren op 17 speciaal onderwijsinstellingen in Nederland hoopten de onderzoekers een ‘top-5’ van meest effectieve interventies te kunnen opstellen. Het onderzoek keek naar het gedrag dat leerlingen vertoonden en de reactie van de leerkracht hierop. Daarnaast werden zowel leerlingen als leerkrachten gevraagd een vragenlijst over de leerkracht-leerling relatie in te vullen.

Het onderzoek werd uitgevoerd met een zelf-ontwikkeld observatie-instrument. Dit instrument is vrij te gebruiken en hieronder te downloaden.

Effectieve interventies

Alhoewel er geen duidelijke ‘top-5’ van meest effectieve handelingen werd gevonden, bleek wel het soort interventie van invloed op de frequentie en duur van incidenten. Vooral maatregelen zoals time-out, negeren of straf kunnen ervoor zorgen dat leerlingen zich niet gehoord of begrepen voelen, waardoor incidenten langer duurden en vaker voorkwamen. Het blijkt daarom interessant dat deze maatregelen relatief vaak werden toegepast. Andere handelingen met een “positievere” benadering worden gesuggereerd om de duur en frequentie van incidenten te verminderen. Denk hierbij aan het (helpen) verwoorden van emoties, gebruik van humor of het geven van een compliment.

Vooral een goede leraar-leerling relatie bleek belangrijk om de duur en frequentie van externaliserend leerlinggedrag te verminderen. Wanneer zowel de leraar als de leerling een positieve relatie aangeven leidt dit tot minder incidenten én duurt het langer tot het eerste incident optreedt.

Downloads

Meer informatie
Het onderzoek Een praktijkonderzoek naar effectief handelen bij externaliserend leerlinggedrag is gefinancierd vanuit het NRO-onderzoeksprogramma Gedrag en passend onderwijs. Binnen dit programma bestaat ook de website www.lerenvangedrag.nl met onderzoek op het gebied van gedrag en vooral ook de toepassing daarvan.