Vijf vragen aan…

Onderwijsprofessionals stellen hun vragen aan de Kennisrotonde. In deze rubriek komt een van hen aan het woord over het waarom van de vraag en de bijdrage van het antwoord aan zijn/haar dagelijkse onderwijspraktijk. Deze keer is dat Ingrid Cloosterman, coördinator Lucas Academie en beleidsmedewerker Lucas Onderwijs, Den Haag.

Wat was jouw vraag aan de Kennisrotonde?

Welke kenmerken van kenniswerkplaatsen dragen bij aan professionele ontwikkeling en schoolontwikkeling?

Wat was de aanleiding om deze vraag te stellen?

We zijn bezig nieuwe initiatieven te ontplooien; we hebben dan ook meerdere vragen aan de Kennisrotonde gesteld. Ik gebruik deze antwoorden als onderbouwing van de dingen die we doen. We hadden bij het bestuur een voorstel ingediend om de onderzoekende houding bij leraren te bevorderen. Als Lucas Academie proberen we dat al op verschillende manieren te stimuleren en we hebben nu voorgesteld om kenniswerkplaatsen in te richten. Als we iets willen opzetten, is het goed om te weten of er in de wetenschap iets bekend is over dat onderwerp. Ik heb een kritisch schoolbestuur tegenover me, die vraagt of zoiets wel werkt. Een wetenschappelijke onderbouwing helpt om iets voor elkaar te krijgen.

Ingrid Cloosterman
Ingrid Cloosterman

Wat ga je met het antwoord doen?

We gaan van start met een kenniswerkplaats ouderbetrokkenheid. Voor kenniswerkplaatsen is een aantal succesfactoren bekend. Bijvoorbeeld dat deelnemers actief zijn in een community, regelmatig bij elkaar komen en vertrouwen in elkaar hebben. Maar ook duurzaamheid speelt een rol. Zo’n kenniswerkplaats opzetten vergt een lange adem, je moet even doorzetten.

Die succesfactoren houd ik in mijn achterhoofd. Je wilt de mensen die de kenniswerkplaats opzetten de ruimte geven en niet van te voren het hele proces vastleggen. Als zij wat verder zijn in de ontwikkeling van hun kenniswerkplaats, dan ga ik die succesfactoren met hen delen en kijken we of de werkplaats goed functioneert. Tot die tijd zal ik slechts licht sturen op basis van de kennis die ik heb. Want het is wel mijn rol om het proces goed te begeleiden.

In hoeverre helpt het antwoord van de Kennisrotonde jou bij het maken van verdere keuzes?

Wetenschap is iets anders dan de praktijk. Succesfactoren zijn altijd contextgebonden. Bijvoorbeeld community vorming vind ik heel belangrijk. Maar we hebben ook te maken met een lerarentekort; hoeveel tijd kunnen mensen vrijmaken. Hoe gaan we de kennisdeling – want daar draait het om – organiseren? Door bijvoorbeeld eerst bij de scholen na te vragen wat de ambities zijn op het gebied van ouderbetrokkenheid op die school. En welke eerste stappen zij kunnen nemen? Eén school zal zevenmijlslaarzen-stappen kunnen zetten, op een andere school zal het allemaal wat langzamer gaan. Het draait niet om de kenniswerkplaats maar om de school; een kenniswerkplaats is een middel om iets te bereiken. In de kenniswerkplaats delen we de lessons learned. Zo leer je van en met elkaar en maak je samen nieuwe kennis. Deze lessons learned delen we, bijvoorbeeld in een artikel of tijdens een conferentie met andere scholen in Nederland.

Heeft het antwoord aan je verwachtingen voldaan?

Het versterkt wat ik denk. Bovendien krijg je extra literatuur. Veel publicaties kende ik al, wat bevestigt dat ik al aardig op de hoogte ben. Maar een aantal publicaties is nieuw, dan kun je weer verder lezen.
Ongeacht het soort werk dat je doet, kun je een vraag stellen aan de Kennisrotonde. En je wordt begeleid in het stellen van een goede onderzoeksvraag, dat is prettig.

Lees hier het antwoord op de vraag die Ingrid Cloosterman van Lucas Onderwijs aan de Kennisrotonde stelde: Welke kenmerken van kenniswerkplaatsen dragen bij aan professionalisering en schoolontwikkeling?