Welk effect heeft financieel onderwijs op het financieel gedrag van mbo-studenten?

 MBO | Vakken

Als jongeren kennis over financiële zaken meteen in de praktijk kunnen brengen, kan financieel onderwijs bijdragen aan verstandig omgaan met geld. De invloed van onderwijs op financieel gedrag van studenten is echter minimaal en is niet blijvend. Mogelijk is financieel onderwijs te gericht op kennisoverdracht, hetgeen niet automatisch leidt tot ander gedrag. Bovendien spelen vooral sociaal-psychologische factoren een rol.

Een op de vijf mbo-studenten vindt dat hij vaak geld tekort komt, en vijftien procent geeft aan een financieel probleem te hebben. Ruim een vijfde van de mbo’ers heeft geld geleend van anderen of bij DUO, de Dienst Uitvoering Onderwijs.

Ontwikkelen van financiële competenties

Het Nibud heeft uitgebreide leerdoelen opgesteld voor jongeren van alle leeftijden. Voor jongeren tussen de 15 en 17 jaar onderscheidt het Nibud vier thema’s: inkomsten verwerven, geldzaken organiseren, verantwoord besteden en voorbereid zijn op onvoorziene gebeurtenissen. De leerdoelen binnen deze thema’s dragen bij aan het ontwikkelen van financiële competenties.

Financieel onderwijs dat zich richt op budgetteren, plannen, vermogensopbouw en sparen heeft een groter effect op financieel gedrag, dan programma’s die gaan over het lenen van geld. Wanneer een jongere het geleerde meteen in de praktijk kan brengen, is de impact op financieel gedrag groter. Hoe meer lesuren, hoe groter de invloed is. Belangrijk daarbij zijn een grondige aanpak, het betrekken van onderwijsexperts en het trainen van docenten. Op een praktische manier aandacht besteden aan psychologische invloeden op gedrag, verbetert de financiële kennis, houding en gedrag van de jongeren. De effectiviteit van financieel onderwijs neemt toe wanneer de school de ouders erbij betrekt. Aansluiten bij financiële vragen die de jongeren bezighouden, helpt hen eveneens anders om te gaan met hun ‘financiële wereld’.

Hoewel financiële kennis cruciaal is voor gezond financieel gedrag, is meer inzicht nodig in de stap ‘van kennis naar gedrag’. Zeker omdat financieel onderwijs slechts 0,1 procent van de variantie in financieel gedrag verklaart. Bovendien is er na twintig maanden of langer nauwelijks meer een effect van financieel onderwijs op het financieel gedrag zichtbaar.

Sociaal-psychologische factoren

Verschillende sociaal-psychologische factoren spelen een rol bij financieel gedrag. Het is echter de vraag of onderwijs die factoren kan beïnvloeden. Factoren die horen bij gezond financieel gedrag zijn bijvoorbeeld vertrouwen in eigen kunnen, langetermijndenken en zelfcontrole. Een hoger vertrouwen in eigen kunnen hangt samen met de Nibud-competenties bijhouden van de administratie, opzijleggen van geld en beter controleren van financiële producten. Onduidelijk is of vertrouwen in eigen kunnen leidt tot verstandig financieel gedrag of dat het juist andersom is. Namelijk dat een jongere meer zelfvertrouwen krijgt omdat hij zijn geldzaken goed op orde heeft.

Meer weten?

Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Rosanne Dubbeld (antwoordspecialist) en Melissa van Amerongen (kennismakelaar Kennisrotonde).

Onderwijssector
MBO

Vraagsteller
mbo-instelling - docent

Niet gevonden waar je naar op zoek bent?

Stel direct jouw vraag