Hoe kunnen docenten mbo-studenten niveau 1 en 2 zo goed mogelijk begeleiden naar succesvol zelfsturend leren?

 MBO | Zelfregulerend leren | Ook interessant

Ook mbo-studenten niveau 1 en 2 kunnen zich zelfsturend leren eigen maken. Er is vooralsnog geen specifiek onderzoek gedaan naar effectieve aanpakken van zelfsturend leren voor deze groepen, maar wel naar kenmerken van deze studenten en de voorwaarden waaronder zij (zelfsturend) kunnen leren. Zo moeten docenten aandacht hebben voor de problematiek van studenten en zorgen voor een vertrouwensrelatie. Als zij stapsgewijs werken aan zelfvertrouwen en plannings- en reflectievaardigheden van studenten helpt dat hen om zelfsturend leren te ontwikkelen. Begeleiding op maat en kennis hebben van interesses en capaciteiten van studenten is ook een succesfactor voor het leren. Evenals verbinding maken met de leefwereld en beroepsperspectieven van studenten.

Zelfsturend leren houdt in dat studenten zelf verantwoordelijkheid nemen voor hun leerproces en bepalen waar, hoe en wanneer ze nieuwe kennis en vaardigheden verwerven. Er is geen specifiek onderzoek gedaan naar deze manier van leren voor de lagere mbo-niveaus. Maar uit onderzoek naar de voorwaarden waaronder mbo-studenten het beste leren, is af te leiden hoe docenten het best pedagogisch-didactisch handelen kunnen handelen om zelfsturend leren te stimuleren.

Kenmerken van mbo’ers en hun leerproces

Uit onderzoek blijkt dat veel mbo’ers niveau 1 en 2 moeite hebben met zelfstandig werken, weinig kritisch zijn over informatiebronnen en weinig zicht hebben op hun eigen capaciteiten en mogelijkheden. Daarbij hebben sommige studenten te maken met leerproblemen, beperkte taalvaardigheid, een laag IQ, gecombineerd met problemen in de privésfeer. Dat alles heeft invloed op hun schoolprestaties en hun gedrag op school.

Pedagogisch-didactisch handelen toegespitst op mbo-studenten niveau 1 en 2

Belangrijk is dat docenten extra investeren in de relatie met deze studenten, wat affiniteit en geduld vraagt. Pas daarna is er ruimte voor het overdragen van kennis, (sociale) vaardigheden en beroepshouding. Docenten die studenten intensief coachen bij studiekeuzes, hen begeleiden bij persoonlijke problemen en huisbezoeken afleggen hebben een positieve invloed op het leren.

Verder gedijen studenten beter in een krachtige leeromgeving met structuur en een veilige sfeer. Ook actiegericht leren, waarbij de student reflecteert op het geleerde en feedback krijgt van de docent, geeft meer leereffecten.

Tot slot moeten docenten aansluiten bij de leefwereld van studenten en hen (herhaaldelijk) opdrachten laten doen die ze kunnen tegenkomen in de beroepspraktijk.

Ondersteuning bij autonomie, competentie en verbondenheid

Autonomie, competentie en verbondenheid zijn sleutelwoorden die zelfsturend leren kunnen bevorderen. Hieronder een uitleg met tips voor docenten.

Autonomie: bij zelfsturend leren zijn doorzettingsvermogen, motivatie, initiatief nemen en reflecteren op het leerproces van belang. Tips voor de docent:

  • Identificeer persoonlijke interesses en waarden van studenten, wat willen en kunnen zij?
  • Ondersteun hun ontwikkeling daarin, geef ze tijd en ruimte voor eigen inbreng;
  • Stimuleer ontwikkeling van nieuwe interesses en persoonlijke waarden. Toon empathie als een student geen interesse heeft in verplichte leerstof maar leg ook uit waarom het belangrijk is. Maak verbinding met de leefwereld van studenten.

Competentie: vertrouwen hebben in het eigen kunnen is een voorwaarde om (meer zelfsturend) te leren. Tips voor docenten om hierin maatwerk te kunnen leveren zijn:

  • Bied hulp aan en geef studenten, vooral op mbo-1 niveau, enige sturing;
  • Stel stappenplannen op; knip zo nodig een opdracht in stukken;
  • Geef positieve feedback;
  • Bied uitdagende taken aan;
  • Geef betekenis aan de leerstof en laat zien dat de stof aansluit bij de beroepspraktijk en/of het toekomstperspectief.

Verbondenheid: een vertrouwensrelatie met de docent, goede onderlinge relaties tussen studenten en een veilig klimaat in de klas zijn noodzakelijk om te kunnen leren. Tips voor docenten:

  • Toon begrip voor studenten, dat zij mogen zijn wie ze zijn, zonder direct te oordelen;
  • Bevorder een cultuur van vertrouwen in de klas;
  • Weet wat de student aan kan, ken zijn capaciteit en motivatie;
  • Toon begrip voor problemen van studenten op school of in hun privéleven.

Meer weten?

Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Maurice de Greef (kennismakelaar Kennisrotonde), Edith van Eck (kennismakelaar Kennisrotonde)

Onderwijssector
MBO

Vraagsteller
mbo-instelling - docent en studieloopbaanbegeleider

Gerelateerde vragen:

Met welke didactische strategieën kunnen docenten de motivatie en leergierigheid bij mbo-studenten positief beïnvloeden?
 MBO | Motivatie
Er zijn twee soorten motivatie: intrinsiek en extrinsiek. Intrinsieke motivatie komt van binnenuit en verhoogt de leerprestaties. Een docent kan de intrinsieke motivatie van de studenten bevorderen door in te spelen op drie psychologische basisbehoeften: autonomie, gevoel van competentie en sociale verbondenheid. Hoe beter de docent daarbij kan aanknopen, hoe hoger de intrinsieke motivatie van de leerlingen.
Lees verder
Hoe kunnen docenten het eigenaarschap van leerlingen in het voortgezet onderwijs versterken?
 VO | Motivatie | Zelfregulerend leren
Eigenaarschap van leren is de mate waarin de leerling verantwoordelijkheid neemt voor zijn eigen leerproces. Om het eigenaarschap van leerlingen te versterken kun je onder meer de motivatie, betrokkenheid, zelfsturing en metacognitieve vaardigheden bevorderen. Docenten kunnen daarvoor hun eigen gedragsrepertoire verbreden, bijvoorbeeld door didactische strategieën toe te passen die zijn gericht op het gevoel van autonomie, betrokkenheid en competentie. Ook leerlingen effectieve leerstrategieën aanleren en hen ondersteunende feedback geven, zijn voorbeelden van effectief docentgedrag. Bovendien kunnen docenten de leeromgeving verrijken met bijvoorbeeld goed toegankelijke informatiebronnen, internet en andere (digitale) hulpmiddelen.
Lees verder
Wat zijn kenmerken van mbo-studenten en presteren zij beter als de onderwijsaanpak wordt afgestemd op die kenmerken?
 MBO | Differentiatie
Dé mbo-student bestaat niet. Er is een grote diversiteit onder mbo’ers, onder andere in type en niveau van de vooropleiding, leeftijd, sociaal-economische status ouders, beheersing van de basisvaardigheden en ambities voor vervolgloopbaan (werk en/of doorleren). De vele verschillende mbo-opleidingen zijn ook debet aan die diverse populatie studenten. De pedagogisch-didactische aanpak afstemmen op de kenmerken van een groep of individuele studenten heeft in het algemeen een positief effect op leerprestaties en –ontwikkeling van studenten. Het is aannemelijk dat dit ook voor mbo-studenten geldt, maar nader onderzoek moet uitwijzen of dat inderdaad zo is.
Lees verder

Niet gevonden waar je naar op zoek bent?

Stel direct jouw vraag