Wat is de relatie tussen intelligentie en prestaties op methodeonafhankelijke toetsen voor begrijpend lezen in groep 5-8?

 PO | Taal | Toetsen & feedback | Vakken

Met methodeonafhankelijke toetsen voor begrijpend lezen worden algemene vaardigheden getoetst. Denk daarbij aan wereldkennis, woordenschat en het kunnen leggen van verbanden of redeneren in nieuwe situaties. Deze vaardigheden zijn sterk verbonden aan intelligentie. Daarom is het aannemelijk dat intelligentie van invloed is op de scores op deze toetsen. Dat is minder het geval bij methodegebonden toetsen. Die zijn vooral geschikt om vast te stellen of leerlingen specifieke doelen hebben behaald. We moeten echter voorzichtig zijn met stellige conclusies. Er is onvoldoende empirisch onderzoek gedaan om een eenduidig antwoord te geven op de vraag.

De betekenis van een geschreven tekst achterhalen, is een van de belangrijkste vaardigheden die kinderen leren op school. Goede begrijpend lezers vormen tijdens het lezen een model van de tekst. Dit doen ze op basis van de informatie die in de tekst staat én de kennis die zij al hadden (wereldkennis). Dit model wordt ook wel een situatiemodel  genoemd. Daarbij spelen verschillende vaardigheden een rol. Dit zijn zowel leesspecifieke vaardigheden, zoals technisch lezen en luisterbegrip, als meer algemene, zoals woordenschat, wereldkennis, werkgeheugen en intelligentie. Wanneer een leerling problemen heeft met een of meerdere van deze aspecten, vormt hij mogelijk slechts een oppervlakkig model van de tekst. Hij komt dan niet tot de diepere betekenis van een tekst.

Rol van intelligentie bij begrijpend lezen

Herhaaldelijk is aangetoond dat leerlingen met een hogere intelligentie beter zijn in begrijpend lezen. Intelligentie is ‘het vermogen doelgericht te handelen, rationeel te denken en effectief met de omgeving om te gaan’. Dit vermogen kan worden ontleed in verschillende deelvaardigheden. Twee deelvaardigheden spelen een belangrijke rol bij begrijpend lezen:

  • Verbaal Begrip: het vermogen om algemene kennis en woordkennis toe te kunnen passen. Deze kennis is in sterke mate afhankelijk van cultuur en scholing.
  • Fluid Reasoning: het vermogen om verbanden te zien en daarmee regels te herkennen en deze regels toe te passen in een nieuwe context (abstract en logisch redeneren). Dit is van belang voor het analyseren van relaties en het leggen van verbanden tussen personen en acties in verhalende teksten. En het speelt een rol bij het ontraadselen van complexe informatieve testen. Juist het leggen van deze verbanden, die vaak niet expliciet in de tekst staan, helpt lezers de informatie uit de tekst te koppelen aan andere informatie in die tekst. Het helpt hen ook die informatie te verbinden aan de eigen wereldkennis. Daardoor ontwikkelen ze een gedetailleerder situatiemodel en rijker begrip.

Intelligentie omvat echter meer dan deze twee vaardigheden en ook begrijpend lezen is een optelsom van vaardigheden. Daardoor is de relatie tussen intelligentie en begrijpend lezen tamelijk complex.

Methodeonafhankelijke toetsen

Op scholen worden vaak zowel methodegebonden als methodeonafhankelijke toetsen afgenomen om het begrijpend lezen in kaart te brengen. Met methodegebonden toetsen wordt gekeken of een leerling de specifieke doelen heeft behaald die voor die periode zijn gesteld.

Methodeonafhankelijke toetsen, zoals de LVS-toetsen van Cito, toetsen de algemene vaardigheid in begrijpend lezen. Daarbij wordt een sterk beroep gedaan op de wereldkennis en woordenschat van leerlingen. Ook een belangrijke rol spelen algemene cognitieve vaardigheden zoals het kunnen leggen van verbanden en/of redeneren in nieuwe situaties. En juist deze laatste twee vaardigheden zijn sterk verbonden met intelligentie (denk bijvoorbeeld aan de vaardigheden Fluid Reasoning en Verbaal Begrip). Het ligt dus voor de hand dat intelligentie op deze manier invloed kan uitoefenen op de scores van methodeonafhankelijke toetsen, meer dan op methodegebonden toetsen. Uit een Amerikaanse studie blijkt dan ook dat de scores op veelgebruikte methodeonafhankelijke toetsen voor begrijpend lezen sterk samenhangen met het IQ van de leerling. Er is echter weinig bekend uit empirisch onderzoek over eventuele verschillen tussen de prestaties op methodegebonden en methodeonafhankelijke toetsen en de rol die intelligentie daarbij speelt.

Meer weten?

Lees het volledige rapport opgesteld als antwoord op deze vraag, inclusief geraadpleegde bronnen.

Als de bliksem begrijpend lezen (artikel in Didactief)

Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Nicole Swart (Expertisecentrum Nederlands), Joyce Gubbels (Expertisecentrum Nederlands), Judith Stoep (Expertisecentrum Nederlands/Radboud Universiteit) en Anne Luc van der Vegt (Kennismakelaar Kennisrotonde).

Onderwijssector
PO

Vraagsteller
po-instelling - IB'er

Niet gevonden waar je naar op zoek bent?

Stel direct jouw vraag