Welke kenmerken van kenniswerkplaatsen dragen bij aan professionalisering en schoolontwikkeling?

 PO | Professionalisering | Leergemeenschappen | Ook interessant

In kenniswerkplaatsen die effectief bijdragen aan de onderwijspraktijk hebben deelnemers een gemeenschappelijk belang en een eigen instellingsbelang. Ze zijn actief in hun community door onder meer regelmatig bij elkaar te komen, onderling vertrouwen op te bouwen en een gezamenlijke taal te ontwikkelen. Draagvlak en een lerende cultuur binnen de scholen dragen eveneens bij aan professionalisering en schoolontwikkeling. Succesvolle samenwerking vergt een lange adem.

Actief betrokken zijn bij onderzoek bevordert de professionele ontwikkeling van docenten. Als docenten zelf onderzoek gaan doen, hebben ze goede begeleiding gedurende langere tijd nodig. Onder meer kenniswerkplaatsen kunnen voorzien in een structuur daarvoor. Het zijn samenwerkingsverbanden van onderzoekers en praktijkprofessionals, soms met andere belanghebbenden zoals gemeenten en bedrijven. De werkplaatsen zijn gericht op kennisontwikkeling aansluitend bij schoolontwikkelingsvragen, en op daadwerkelijk gebruik van die kennis in de scholen.

Ervaringen primair onderwijs

De ervaringen opgedaan in de werkplaatsen onderwijsonderzoek primair onderwijs na het eerste jaar, openbaren drie accenten. De werkplaatscoördinator speelt een cruciale rol. Hij structureert de werkplaats, is aanspreekpunt en verstevigt het netwerk. Het schoolbestuur is er voor het faciliteren en stimuleren van schooldirecteuren om deel te nemen aan de werkplaatsen. Het bestuur prioriteert deelname en borgt het voortbestaan van de werkplaatsen. Ten slotte moet er oog zijn voor ontwikkelingen binnen de hogescholen en universiteiten die deelnemen aan de werkplaatsen.

Na twee jaar ervaring met de werkplaatsen primair onderwijs zijn er voorzichtige uitspraken te doen over de feitelijke bijdrage aan de schoolontwikkeling. Zo lijkt een richtinggevend gemeenschappelijk thema voordelen te hebben voor de verbinding tussen (de vragen van) de scholen en de overdracht van onderzoeksinzichten. Zo’n richtinggevend thema kan echter nadelig zijn voor de betrokkenheid, verbinding en kennisdeling tussen leerkracht-onderzoekers en hun collega’s binnen de eigen school. Bij een open thema is er meer ruimte voor diverse schoolgebonden vragen, en dan lijkt de betrokkenheid en verbinding tussen leerkracht-onderzoekers en hun collega’s in de eigen school groter. Dit kan de bruikbaarheid binnen de school ten goede komen, maar de overdracht van onderzoeksinzichten buiten de school juist weer beperken.

Ervaringen uit andere praktijken

Samenwerking tussen scholen (po, vo, mbo) en instellingen voor hoger onderwijs, gericht op kennisontwikkeling voor schoolontwikkeling, kent een aantal succesfactoren. Ten eerste is belangrijk dat deelnemers een gemeenschappelijk en een eigen instellingsbelang hebben bij de samenwerking. Het gemeenschappelijk doel is om met zorgvuldig praktijkgericht onderzoek bij te dragen aan de onderwijskwaliteit. Het belang voor de scholen is om onderzoek te doen naar een eigen vraagstuk. Daardoor heeft de school baat bij de opbrengsten en de docenten ontwikkelen een onderzoeksmatige aanpak. Ook de betrokken universiteiten en hogescholen hebben eigen belangen, bijvoorbeeld meer inzicht krijgen in de praktijk of een onderzoeksomgeving voor studenten bieden.

Essentieel is verder community-vorming. Deelnemers moeten regelmatig bij elkaar komen, vertrouwen opbouwen en een gezamenlijke taal ontwikkelen. Dat draagt bij aan de samenwerking, kennisontwikkeling en benutting. Draagvlak en een lerende cultuur binnen de school zijn hiervoor eveneens belangrijk. Eventueel kan een voorlopersgroep hier goed werk doen. De scholen geven onderzoek een plek in de schoolstructuur en ‑cultuur, door onder meer leraren vrij te roosteren voor onderzoek. Ten slotte, succesvolle samenwerking kost tijd.

Meer weten?

Lees het volledige rapport opgesteld als antwoord op deze vraag, inclusief geraadpleegde bronnen.

Zie voor voorbeelden van Kenniswerkplaatsen in het (primair) onderwijs:

Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Niek van den Berg (kennismakelaar Kennisrotonde).

Onderwijssector
PO

Vraagsteller
onderwijsstichting - opleidingscoördinator

Niet gevonden waar je naar op zoek bent?

Stel direct jouw vraag