Met welke combinatie heeft de cognitieve en sociaal-emotionele ontwikkeling van leerlingen in groep 3 het meeste baat: met groep 1/2 of met groep 4/5?

 PO | Schoolorganisatie

Een combinatie van groep 3 met een groep 1/2 kan even goed, slecht of neutraal uitpakken als een combinatie met een groep 4/5. Er zijn geen gegevens bekend over welke combinatie bevorderlijk zou zijn voor leerprestaties of sociaal-emotionele ontwikkeling van leerlingen. Zeker bij kleine groepen ligt het voor de hand om te kijken naar de werkhouding en de cognitieve ontwikkeling van de leerlingen. Dit in plaats van een algemene richtlijn te volgen die hier geen rekening mee houdt.

Combinatieklassen komen veel voor. Het zijn klassen waarin leerlingen van twee of meer jaargroepen gezamenlijk onderwijs krijgen. Scholen hebben verschillende reden om met combinatieklassen te werken. Zo kunnen kleine scholen – vooral voorkomend op het platteland en in krimpgebieden – geen jaargroepen van ten minste 25 leerlingen samenstellen. Samenvoegen van klassen biedt de mogelijkheid om met de beschikbare personeelsformatie dan toch alle groepen les te geven.

Spelen of zelfstandig werken

Afhankelijk van de verdeling van leerlingen over de leerjaren hebben scholen de mogelijkheid verschillende combinaties te maken. Een school kan bijvoorbeeld een groep 3 combineren met groep 1/2 of met groep 4/5. Bij een dergelijke afweging lijkt het logisch het effect van beide alternatieven op de cognitieve en sociaal-emotionele ontwikkeling van de leerlingen mee te nemen. In de groepen 1/2 ligt de nadruk meer op spel en in groep 4/5 meer op leren en zelfstandig werken. Dat onderscheid heeft te maken met de ontwikkelingsfase waarin kinderen zich bevinden. En het is een erfenis van het oude onderscheid tussen de kleuterschool en de lagere school.

Welk alternatief de voorkeur verdient is niet te zeggen. Er bestaat simpelweg geen informatie over. Dat geldt voor zowel effecten op leerprestaties als voor effecten op sociaal-emotionele ontwikkeling. Wel is duidelijk dat leerlingen uit combinatiegroepen niet beter of slechter presteren dan leerlingen uit jaargroepen. Daarnaast scoren leerlingen uit combinatiegroepen ten opzichte van leerlingen uit jaargroepen hoger op niet-cognitieve kenmerken als het sluiten van vriendschappen en zelfvertrouwen.

Overgang van groep 2 naar groep 3

Leerlingen aan het einde van groep 2 vertonen grote verschillen in rijpheid voor groep 3. Zeker bij een zeer kleine groep 3-leerlingen ligt het daarom voor de hand om te kijken naar wat het meest zal aansluiten bij die specifieke leerlingen, bijvoorbeeld op basis van hun werkhouding en cognitieve ontwikkeling. Dat is min of meer vergelijkbaar met hoe de Inspectie van het Onderwijs kijkt naar de overgang van groep 2 naar groep 3. De Inspectie pleit ervoor de doorstroming naar groep 3 uitsluitend te baseren op ontwikkelingsgegevens, en dus los te zien van de geboortedatum.

Meer weten?

  • Lees het volledige rapport opgesteld als antwoord op deze vraag, inclusief geraadpleegde bronnen.

Over spelen, leren en spelend leren in groep 3:

Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Sjerp van der Ploeg (kennismakelaar Kennisrotonde).

Onderwijssector
PO

Vraagsteller
po-instelling - schoolleider

Niet gevonden waar je naar op zoek bent?

Stel direct jouw vraag