Welke groepsgrootte levert bij unitonderwijs het beste resultaat voor de leerprestaties van leerlingen in de onderbouw van het basisonderwijs?

 PO | Schoolorganisatie | Ook interessant

Een kleinere klassenomvang beïnvloedt over het algemeen de leerprestaties positief. De grens zou weleens bij twintig leerlingen kunnen liggen. Het is daarbij belangrijk de leerlingen binnen kleinere klassen verder te groeperen naar niveau en differentiatie van instructie. Bij echt kleine subgroepen die bestaan uit drie of vier leerlingen zijn de leeropbrengsten hoger dan bij subgroepen van vijf tot zeven leerlingen.

Bij unitonderwijs vervangen groepen leerlingen van verschillende leeftijden en niveaus de reguliere klassen. Units kunnen variëren van veertig tot wel honderd leerlingen. Vaak splitst de school de leerlingen binnen een unit op in kleinere leeftijds- of niveaugroepen. Leraren delen de verantwoordelijkheid voor de leerlingen in een unit met andere leraren, al dan niet in samenwerking met leraarondersteuners, onderwijsassistenten en vakspecialisten. Scholen verwachten hiermee dat leerlingen op hun eigen niveau mee kunnen doen aan het onderwijs.

Ervaringen uit verschillende experimenten

Over effecten van groepsgrootte in unitonderwijs is weinig bekend. Uit het innovatieve onderwijsexperiment SlimFit zijn geen harde conclusies te trekken over de invloed op de leerprestaties van leerlingen. In het experiment heeft unitonderwijs aanvankelijk positieve effecten op de Cito-scores voor taal en rekenen. Een jaar na afloop van het experiment zijn die effecten echter omgeslagen. Wel worden de leerlingen volgens de leraren vaardiger in samenwerken en presenteren. Ook ontwikkelen de leerlingen meer eigenaarschap voor hun eigen leerproces.

Uit andere onderwijsvormen is wel duidelijk wat de invloed is van groepsgrootte op leerprestaties. Een substantieel kleinere klassenomvang beïnvloedt de leerprestaties positief. Een grootschalig experimenteel onderwijsproject in de Verenigde Staten laat zien dat kleine klassen van 13 tot 17 leerlingen betere leerprestaties opleveren bij wiskunde en lezen, dan klassen van 22 tot 25 leerlingen. Dit effect treedt mogelijk al op bij 20 leerlingen. Bij andere projecten zijn de effecten minder groot of zelfs afwezig. Groepsgrootte hangt namelijk vaak samen met andere variabelen. Zo profiteren vooral jonge leerlingen in groep 2 en 3 uit lagere sociaal-economische milieus van kleinere klassen.

Groeperen van leerlingen

In het unitonderwijs wordt onderwijs op een praktische wijze ingevuld door leerlingen binnen een unit in subgroepen op te delen naar leeftijd of niveau. Over de effecten daarvan op de leerprestaties valt niets te zeggen. Wel is bekend dat het groeperen van leerlingen naar niveau, in vergelijking met niet-groeperen, positieve effecten heeft op de leeropbrengsten. Die effecten ontstaan omdat leerkrachten hun instructie, materialen en tempo in kleine niveaugroepen beter kunnen afstemmen op de behoeftes van leerlingen. Dit effect is groter bij groepen die bestaan uit drie tot vier leerlingen, dan bij groepen die vijf tot zeven leerlingen tellen. Dit kan betekenen dat in het unitonderwijs positieve effecten van opdelen in kleinere groepen mogelijk zijn, mits de subgroepen klein genoeg zijn.

Differentiatie van instructie

Volgens leerkrachten op unit-scholen is een belangrijk voordeel van dit type onderwijs dat ze meer gedifferentieerd onderwijs kunnen bieden op basis van de leerbehoefte van de leerling. Effectieve differentiatie wint aan impact als er sprake is van inzet van extra handen in de klas of van het verkleinen van de groepsomvang. Op die manier kunnen leerkrachten signaleren welke leerlingen extra hulp nodig hebben, en voor hen de instructie, het tempo of de verwerking aanpassen.

Meer weten?

Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Deborah van den Berg en Jo Scheeren (antwoordspecialisten) en Ruud van der Aa (kennismakelaar Kennisrotonde).

Onderwijssector
PO

Vraagsteller
po-instelling - IB'er

Gerelateerde vragen:

Zijn er verschillen in leeropbrengsten en de ontwikkeling van leerlingen in unitonderwijs ten opzichte van klassikaal onderwijs?
 PO | Schoolorganisatie
Bij unitonderwijs worden de reguliere klassen vervangen door units van zeventig á negentig kinderen. Leerkrachten werken in deze units in een gedifferentieerd team samen met mensen van binnen en buiten de school. Uit evaluatieonderzoek blijkt dat unitonderwijs niet leidt tot betere Cito-scores voor taal en rekenen. De ervaringen van leraren met deze vorm van organiseren zijn evenwel positief. Er is volgens hen meer ruimte voor maatwerk en een betere uitleg. Leerlingen leren meer van elkaar, ervaren meer autonomie en zijn meer eigenaar van hun eigen leerproces. Bovendien leren leerlingen samenwerken, ict gebruiken en presenteren. En ze ontwikkelen metacognitieve vaardigheden, zoals leren leren.
Lees verder

Niet gevonden waar je naar op zoek bent?

Stel direct jouw vraag