Wat werkt in het voortgezet onderwijs om innovaties die in een deel van de school zijn ontwikkeld, schoolbreed in te voeren?

 VO | Vernieuwingsonderwijs

Er is weinig onderzoek gedaan naar schoolbrede verankering van innovaties. Uit algemene studies zijn zeven aandachtspunten bekend om duurzame vernieuwing te realiseren. Het gaat om concentratie, commitment, coherentie, community, continuïteit, consistentie en contextmanagement. Dit zogeheten 7C-model was uitgangspunt in een meerjarig innovatieproject van onderzoekers, samen met een groep middelbare scholen: de Expeditie Durven Delen Doen.

De invoering van onderwijsvernieuwingen verloopt niet altijd succesvol. Veranderende prioriteiten, beperkte middelen en tegenstrijdige belangen bemoeilijken vaak het volharden in een nieuwe werkwijze. Ook lopen er soms meer vernieuwingsprojecten naast elkaar.

Onderwijsvernieuwing

Om een vernieuwing succesvol en blijvend organisatiebreed in te voeren, doorloopt een school drie fasen. Tijdens de initiatie- en implementatiefasen krijgt de innovatie vorm en voert de school deze in een deel van de organisatie in. In de institutionalisatiefase is het de bedoeling om de nieuwe manier van werken uit te breiden naar de hele organisatie. Het moet onderdeel worden van het dagelijks handelen van docenten. Om die verankering meer kans van slagen te geven, is het 7C-model een met onderzoek onderbouwd hulpmiddel.

Concentratie

Activiteiten gericht op het verbeteren en vernieuwen van scholen hebben focus en een doel nodig. Het doel van de innovatie moet gekoppeld zijn aan het leren van leerlingen. Het dagelijks handelen van de leraar staat duidelijk omschreven. Die omschrijving ontstaat gaandeweg door te experimenteren, te praten en elkaar te coachen. Het toevoegen van een onderzoeker als inhoudelijk expert aan het innovatieteam in de school kan bijdragen aan de focus.

Commitment

Commitment en eigenaarschap van docenten en de schoolleider is essentieel bij duurzaam vernieuwen. Als docenten mee mogen denken over de innovatie, voelen ze zich betrokken en is het niet iets wat hun opgelegd wordt. Om weerstand tegen of een eigen invulling van de innovatie te voorkomen, is het verstandig om ook docenten die geen deel uitmaken van het ontwerpteam op de hoogte te houden van de ontwikkelingen.

Coherentie

Het is zaak de coherentie tussen verschillende activiteiten in de school blijvend te bewaken. Dat geldt ook voor het doel en de inzet van faciliteiten om de plannen te realiseren. Innovaties die focussen op een bepaald aspect zijn vaak minder succesvol dan innovaties die met meerdere zaken samenhangen. Het beste is om een top-downbenadering en een bottom-upbenadering te combineren. De top faciliteert en geeft sturing aan het proces; de medewerkers denken mee over inhoud en invoering van innovaties.

Community

Scholen die een (leer)gemeenschap vormen, faciliteren het leren en verminderen de kans op uitval. Dat geldt voor leerlingen én docenten. Een verandering moet kunnen bouwen op enige hechtheid in de sociale infrastructuur. Maar, een innoverend team mag niet te veel op een eilandje opereren; het team moet constant in verbinding staan met de rest van de organisatie.

Continuïteit

Het succesvol implementeren van veranderingen binnen scholen duurt jaren. Duurzaam vernieuwen vereist continuïteit, zowel in het docententeam als in de schoolleiding. Het is aan te bevelen om op eventuele wijzigingen in de leiding te anticiperen en bijvoorbeeld al heel vroeg een opvolger vanuit de organisatie in te werken.

Consistentie in de omgeving

Duurzaam vernieuwen in scholen is gebaat bij consistentie in de omgeving. Scholen worden geholpen als organisaties die invloed uitoefenen op scholen hun beleid op elkaar afstemmen. Een ‘betrouwbare overheid’ is in dit opzicht een belangrijke voorwaarde. Een remmend voorbeeld is overheidsbeleid dat zich richt op individuele leertrajecten voor leerlingen, terwijl de financiering van scholen gebeurt op basis van jaargroepen.

Contextmanagement

Scholen die erin slagen duurzaam te vernieuwen blijven trouw aan hun uitgangspunten en houden de regie in eigen hand. Ze betrekken anderen bij hun plannen en stemmen die voortdurend af op hun omgeving. Scholen die flexibel meebewegen zonder hun uitgangspunten uit het oog te verliezen, zijn het succesvolst in het verduurzamen van vernieuwingen.

Meer weten?

Lees het volledige rapport opgesteld als antwoord op deze vraag, inclusief geraadpleegde bronnen.

Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Anke Klein Hulse (antwoordspecialist) en Niek van den Berg (kennismakelaar Kennisrotonde).

Onderwijssector
VO

Vraagsteller
projectleider

Gerelateerde vragen:

Wat zijn effectieve interventies voor schoolleiders om curriculumontwikkeling te bevorderen?
 PO | VO | Professionalisering | Management | Schoolloopbaan | Ook interessant
Schoolleiders kunnen curriculumontwikkeling bevorderen door doelbewust interventies in te zetten. Curriculumontwikkeling is een complex proces dat je kunt zien als een organisatieverandering en als een ontwerpproces. Op beide onderdelen kunnen schoolleiders zorgen voor duurzame ontwikkeling en verankering in de organisatie. Succesfactoren zijn onder andere het stimuleren van een positieve houding ten aanzien van curriculumverandering binnen de school en het vormgeven van een gezamenlijk en geleidelijk proces. De verandering inbedden in het professionele ontwikkelingsprogramma voor alle betrokkenen draagt ook bij aan succes.
Lees verder

Niet gevonden waar je naar op zoek bent?

Stel direct jouw vraag