Vanuit welke perspectieven op identiteit kunnen docenten op middelbare scholen met elkaar in gesprek gaan over hun identiteit en waarden, en wat leveren dergelijke gesprekken op?

 LERARENOPLEIDING | PO | VO | MBO | SECTOROVERSTIJGEND | Professionalisering | Ook interessant

Er zijn vier perspectieven op identiteit die docenten als vertrekpunt kunnen nemen in een gesprek over identiteit. Het rolperspectief gaat uit van de verschillende rollen van een docent. Het micro/macroperspectief benadert identiteit vanuit twee niveaus die in evenwicht moeten zijn. Vanuit het spanningenperspectief kun je lastige situaties waar leraren mee worstelen bespreken. Het carrièreperspectief heeft de loopbaan van docenten als vertrekpunt. De opbrengst is bij alle perspectieven vergelijkbaar: bewustwording van je eigen professionele identiteit, de mogelijkheid om samen de identiteit van de school vorm te geven en hogere werktevredenheid. Voorwaarde is wel dat gesprekken regelmatig plaatsvinden in een veilige context.

Identiteit van docenten is het antwoord op de vraag: “Wie ben ik als docent?”. Het antwoord omvat twee deelconcepten: de persoonlijke identiteit (iemands waarden, normen en biografie) en de professionele identiteit (iemands visie op de schoolcontext, vakinhoud, leerdoelen en wijze van beroepsuitoefening). Er zijn verschillende mogelijkheden om met collega’s een gesprek te voeren over de professionele identiteit. Docenten kunnen vanuit verschillende perspectieven meedoen. Elk perspectief brengt andere vragen met zich mee.

Vier perspectieven op professionele identiteit

Het rolperspectief bekijkt de identiteit van docenten vanuit de verschillende rollen die hij kan hebben. Bijvoorbeeld vakinhoudelijke expert, sectievoorzitter, mentor, lid van de MR, lid van het bovenbouwteam, curriculumontwikkelaar, coördinator van internationale excursies, et cetera. Vragen om vanuit dit perspectief met elkaar te discussiëren zijn: welke rollen heb jij? Wat vind je daarin belangrijk en hoe verhouden de verschillende rolidentiteiten zich tot elkaar?

Het micro/macroperspectief benadert identiteit vanuit specifieke situaties (micro) of globale omstandigheden (macro). Een vraag vanuit het microperspectief is bijvoorbeeld: hoe geef je betekenis aan situatie X? Een vraag vanuit het macroperspectief kan zijn: wat vind je als docent in het algemeen belangrijk in situaties zoals X? Voor het welzijn van docenten is het belangrijk dat het micro- en macroniveau met elkaar in balans zijn: wat je als docent belangrijk vindt in een specifieke situatie moet overeenkomen met wat je in het algemeen belangrijk vindt.

Vanuit het spanningenperspectief kunnen identiteitsvraagstukken aan bod komen gebaseerd op lastige situaties waar veel leraren mee worstelen. Bijvoorbeeld de relatie met leerlingen, omgaan met (minder) innovatieve collega’s of de balans tussen werk en privé. Vragen zijn bijvoorbeeld: welke spanningen zijn herkenbaar? Hoe ga je ermee om? Wat zijn gevolgen voor je identiteit?

Het carrièreperspectief plaatst een gesprek in het teken van de veranderende identiteit van docenten gedurende hun carrière. Werk kan bijvoorbeeld meer of minder belangrijk worden, wat weer gevolgen heeft voor de betrokkenheid bij school, leerlingen en schoolinnovaties. Discussieonderwerpen kunnen zijn: hoe heeft jouw identiteit zich gedurende je loopbaan ontwikkeld? Wat vond je belangrijk aan het begin van je loopbaan en wat vind je nu belangrijk? Welke rol speelt werk in jouw leven?

Opbrengst voor de school en de docent

Ongeacht het gekozen perspectief zorgen gesprekken over waarden en identiteit voor meer bewustwording bij individuele docenten en docententeams. Ze ervaren meer mogelijkheden om samen de identiteit van de school vorm te geven. Verder kunnen ze bijdragen aan de ontwikkeling en vormgeving van de professionele identiteit van docenten. Dat zorgt voor meer tevredenheid over het werk en een beter welzijn.

Voorwaarden voor een effectief gesprek

Gesprekken over waarden en identiteit moeten wel aan voorwaarden voldoen om effect te sorteren. Zo moeten ze regelmatig plaatsvinden, in een veilige setting voor de deelnemers, waar bij voorkeur een gespreksleider voor zorgdraagt. Tot slot is het belangrijk om een gemeenschappelijk doel aan de gesprekken te verbinden.

Meer weten?

Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Anna van der Want (antwoordspecialist), Femke van Glansbeek – Timmermans (kennismakelaar Kennisrotonde).

Onderwijssector
LERARENOPLEIDING, PO, VO, MBO, SECTOROVERSTIJGEND

Vraagsteller
vo-instelling - docent

Niet gevonden waar je naar op zoek bent?

Stel direct jouw vraag