Wat kunnen leerkrachten in groep 3 tot en met 6 doen om leerlingen te leren klokkijken?

 PO | Schoolloopbaan | Vakken | Ook interessant

Het is vooral belangrijk dat leerlingen de mogelijkheid krijgen om klokkijken te oefenen. Het maakt weinig verschil of leerlingen leren klokkijken per onderdeel – beginnend met de hele uren, dan de halve, et cetera –of dat zij alle elementen van klokkijken in een keer krijgen aangeboden. Over de volgorde van aanleren is wel enige duidelijkheid. Een methode waarin de functies van eerst de kleine en daarna de grote wijzer afzonderlijk aan bod komen, draagt bij aan betere leerresultaten.

Klokkijken is een complexe vaardigheid. Een kind moet verschillende deelvaardigheden beheersen om het goed te kunnen. Het moet beschikken over rekenvaardigheid, de juiste taal om tijd uit te drukken en een goed werkgeheugen.

Reken- en taalvaardigheid

Leerlingen moeten eraan wennen dat elk uur twee keer per dag voorkomt en dat de twee wijzers van de klok verschillende functies hebben. Leerlingen die moeite hebben met rekenen, hebben vaak problemen met abstracte begrippen zoals tijd. Dat maakt het klokkijken voor hen een extra lastig te leren vaardigheid.

Het is belangrijk dat leerlingen al vanaf groep 1 en 2 besef krijgen van tijd. Ze leren dan dat een activiteit een bepaalde tijd kan duren en dat er verschillen zijn tussen minuten, kwartieren en uren. Het opdoen van tijdservaringen door leerlingen en telspelletjes kunnen daarbij helpen.

Er is een verschil in weten hoe laat het is en dit kunnen uitdrukken. Het Nederlands kent verschillende manieren om de tijd op de klok verwoorden. Het verwijst naar hele en halve uren, naar ‘voor’ en naar ‘over’. Bovendien moeten leerlingen tot veertien kunnen tellen; na veertien minuten over drie wordt het kwart over drie. En een minuut later is het veertien voor half vier. Er zijn talen die een veel eenvoudiger manier hebben om tijd uit te drukken, zoals het Chinees, het Engels en het Frans.

Geheugen

Om goed klok te kunnen kijken, moeten leerlingen ook informatie kunnen onthouden. Een probleem met dit (werk)geheugen kan ervoor zorgen dat leerlingen niet terug kunnen vallen op herhalingsstrategieën, waardoor automatisering van het leren klokkijken een grote uitdaging wordt. Hoe preciezer de tijd moet worden weergegeven, hoe meer informatie leerlingen moeten opslaan in hun werkgeheugen. Wat de kans op fouten alleen maar groter maakt. Wanneer leerkrachten in een vroeg stadium signaleren dat leerlingen moeite ervaren met het leren klokkijken, kunnen zij oefeningen aanbieden om het werkgeheugen te versterken.

Aanpakken voor kinderen die moeite hebben met klokkijken

Er zijn enkele methoden die speciaal zijn ontwikkeld om leerlingen die veel moeite hebben met klokkijken te helpen. Van de Nederlandse methode Wijzer voor wijzer is een gunstig effect aangetoond op de leerresultaten van het klokkijken van leerlingen uit de groepen 5 en 6. De methode is aanvullend op de rekenmethode en start met aandacht voor de kleine wijzer. Voorts biedt de methode expliciet aandacht aan het begrip van beide wijzers afzonderlijk.

Meer weten?

Lees het volledige rapport opgesteld als antwoord op deze vraag, inclusief geraadpleegde bronnen.

Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Jeroen Aarssen en Kelly Matthijsen (antwoordspecialisten) en Sandra Beekhoven (kennismakelaar Kennisrotonde).

Onderwijssector
PO

Vraagsteller
po-instelling - leraar

Niet gevonden waar je naar op zoek bent?

Stel direct jouw vraag