In hoeverre helpt intensieve mentoring ongemotiveerde jongens op de havo om zich meer in te zetten voor school?

 VO | Gelijke kansen | Motivatie | Ook interessant

Jongens hebben meer dan meisjes te maken met schooluitval en studievertraging. Zeker in de bovenbouw van het havo vallen veel jongens uit. Over maatregelen die specifiek jongens kunnen helpen zich meer in te spannen, is weinig bekend. Er zijn indicaties dat regelmatig en vertrouwelijk contact met een mentor jongeren kan motiveren voor school. Dat zou een licht positief effect kunnen hebben op de studieresultaten.

Veel onderwijsprofessionals constateren achterblijvende prestaties van jongens op de middelbare school, vooral op de havo. Ze omschrijven ‘de jongens’ als laconiek, weinig betrokken bij school en weinig inzet vertonend. Bovendien verstoren ze de les. Cijfers bevestigen die indrukken. Het percentage zittenblijvers in het vmbo en het vwo is al jaren ongeveer twee keer zo laag als op het havo. Jongens blijven vaker zitten dan meisjes. En van alle jongens met een havo-advies heeft na vijf jaar 35 procent het havo-diploma, terwijl bij meisjes dit percentage ligt op vijftig.

‘Jongens en hun gebreken’

Leraren zien een gebrek aan motivatie als kern van het probleem. De jongens hebben meer interesse in de buitenwereld dan in school. Daarnaast ontbreekt het ze aan planningsvaardigheden, zelfstandig kunnen werken, concentratie en discipline. Ondanks dat er verschillen zijn in gedrag en schoolcarrière van jongens en meisjes, zijn er geen maatregelen bekend die specifiek de achterstand van jongens bestrijden. De verschillen tussen jongens onderling zijn trouwens groot, groter dan de verschillen tussen jongens en meisjes.

Mentoring zou een manier zijn om jongens meer bij school te betrekken. In een mentor-mentee relatie is er een vertrouwensrelatie tussen een jongere en een volwassene die advies geeft, steunt en aanmoedigt. Over het effect van mentoring op probleemjongeren – veelal buiten school – is het nodige aangetoond. Meer dan als het gaat om mentoring op school van jongeren tussen de vijftien en zeventien jaar.

Kleine effecten bij kleine groepen

In zijn algemeenheid heeft mentoring een klein positief effect op de ontwikkeling van jongeren, waaronder de leerprestaties. Er is bewijs voor effectiviteit van mentorprogramma’s op de sociale, emotionele, academische en gedragsontwikkeling van adolescenten. Maar, het gaat om kleine effecten bij doorgaans kleine groepen jongeren. En mentoring is zeker geen oplossing voor zware gedragsproblematiek.

Mentorprogramma’s waar meer jongens aan meedoen zijn effectiever. Toch vallen daar geen conclusies uit te trekken, omdat achterliggende factoren niet vergelijkbaar zijn. Verder zijn er lichte aanwijzingen dat doelgerichte programma’s binnen een institutionele context zoals een school kansrijker zijn voor jongeren met problemen. Dit resultaat spreekt voor het inzetten van schoolmentoren. Hier zijn positieve ervaringen mee opgedaan, maar harde cijfers over het doorwerken van mentoring op de leerresultaten zijn er niet.

Meer weten

Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Melissa van Amerongen (Kennismakelaar Kennisrotonde). Zij heeft hiertoe Annemarie van Langen (KBA Nijmegen) geconsulteerd.

Onderwijssector
VO

Vraagsteller
vo-instelling - decaan

Niet gevonden waar je naar op zoek bent?

Stel direct jouw vraag