Wat is er bekend over (cognitieve en niet-cognitieve) onderwijsresultaten op heterogeen en homogeen samengestelde basisscholen?

 PO
shutterstock_216579742

Effecten van de samenstelling van de leerlingpopulatie op leerprestaties en welbevinden in het basisonderwijs kunnen nauwelijks worden aangetoond, zo blijkt uit het vele onderzoek hiernaar. Dat geldt voor de samenstelling van de leerlingpopulatie naar verschillende soorten kenmerken zoals prestatieniveau, gender, leeftijd, sociaal-economische status en etniciteit.

In het Nederlands basisonderwijs blijkt tot op zekere hoogte een negatief effect van scholen met veel niet-westers allochtone leerlingen, zogenoemde zwarte scholen (Herweijer, 2008). Die negatieve effecten zijn sterker bij taal en minder sterk bij rekenen. Waarschijnlijk wordt dit effect (deels) veroorzaakt door negatieve selectie van leerlingen (zwarte scholen lijken leerlingen te trekken die bij de start al slechter presteren). Verder zijn in de loop van de tijd (sinds eind jaren tachtig) de nadelen van een hoge concentratie niet-westers allochtone leerlingen in het basisonderwijs afgenomen. De verklaring daarvoor is dat scholen met veel allochtone leerlingen het onderwijs inrichten naar de specifieke behoeften van hun leerlingen.

Individuele leerling

Daarnaast blijkt dat een hoog percentage leerlingen met laagopgeleide ouders eveneens een negatief effect heeft op de leerprestaties. Dat effect is kleiner dan het effect van hoge percentages niet-westers allochtone leerlingen. Ook hier lijkt negatieve selectie een rol te spelen: achterstandsscholen trekken zwakkere leerlingen aan. Of dat zijn de scholen waarop ze terechtkomen omdat hoger opgeleide ouders voor andere scholen kiezen.

De samenstelling van de leerlingenpopulatie naar etniciteit en sociaal milieu heeft dus hooguit zwakke effecten op leerprestaties. Veel belangrijker dan deze verschillen tussen scholen zijn de verschillen die samenhangen met de achtergrond van de individuele leerling.

Zelfvertrouwen

Behalve naar effecten op leerprestaties van leerlingpopulatie is er in de review van Herweijer (2008) ook gekeken naar effecten op het welbevinden, het zelfvertrouwen en het zelfbeeld van leerlingen. Voor het welbevinden en zelfvertrouwen maakt het niet uit hoe de klas is samengesteld en of leerlingen deel uitmaken van een minder- of meerderheidsgroep. Wel blijkt een concentratie van niet-westers allochtone leerlingen voor deze leerlingen positief omdat ze zich dan minder het slachtoffer voelen van discriminatie en pesten. En het etnische zelfbeeld van allochtone leerlingen is positiever.

Prestatieniveau

Internationaal onderzoek naar schoolcompositie en leerprestaties levert een weinig consistent beeld op (Bakker, 2012). Enerzijds worden betere leerprestaties gerapporteerd voor cultureel-etnische minderheidsgroepen in heterogeen samengestelde scholen. Anderzijds laat Driessen (2007) op basis van zijn internationale meta-studie zien dat de schoolsamenstelling naar prestatieniveau, gender, leeftijd, sociaal-economische status of etniciteit nauwelijks tot niets uitmaakt voor de prestaties van de leerlingen.

In het onderzoek van Roeleveld e.a. (2014) op basis van data van het cohortonderzoek COOL5-18 (tweede meting) is gekeken wat de invloed van de klassesamenstelling is op de leeropbrengsten van verschillende groepen leerlingen in groep 5 en 8. In deze studie is voor het eerst onderzocht wat de invloed is van het aandeel van verschillende groepen leerlingen tegelijkertijd: achterstandsleerlingen (gewichtenleerlingen), zorgleerlingen maar ook excellente leerlingen. Daarbij is de invloed van de samenstelling van de klassen zowel voor elke categorie leerlingen afzonderlijk onderzocht, als in combinatie.

In het algemeen blijken er maar weinig systematische effecten te zijn van de klassesamenstelling op de leerprestaties. Ook blijken er nauwelijks systematische effecten op cognitief zelfvertrouwen en taakmotivatie.

Meer weten?

  • Lees het volledige rapport opgesteld als antwoord op deze vraag, inclusief geraadpleegde bronnen.
  • Wilt u meer over dit onderwerp weten, kijk dan ook eens op: gemengdescholen.nl.

 

Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Sjerp van der Ploeg.

Onderwijssector
PO

Vraagsteller
po-instelling - schoolleider

Gerelateerde vragen:

Hoe kunnen scholen voorkomen dat kinderen vooroordelen ontwikkelen op basis van huidskleur, etniciteit of religie?
 PO | Gelijke kansen
Kinderen ontwikkelen al op jonge leeftijd stereotiepe beelden van zichzelf en anderen in relatie tot ras en etniciteit. Op welke manier kan het onderwijs kinderen bijbrengen dat iedereen gelijkwaardig is ongeacht iemands huidskleur? Aanpakken die contact tussen verschillende (etnische) groepen stimuleren, en die empathie en perspectief nemen bevorderen, blijken daarvoor een goede insteek. Dat kan zowel in een projectmatige aanpak als ingebed in het pedagogisch beleid.
Lees verder

Niet gevonden waar je naar op zoek bent?

Stel direct jouw vraag