Draagt een systeem voor kwaliteitszorg bij aan de onderwijskwaliteit in het voortgezet onderwijs? Welke sturing is het effectiefst voor kwaliteitsborging?

 VO | Professionalisering | Schoolorganisatie | Ook interessant

Er is geen duidelijk verband gevonden tussen kwaliteitszorg, de sturing binnen scholen, de bestuursvorm en de kwaliteit van het onderwijs. De meeste literatuur is beschrijvend of voorschrijvend van aard, met hooguit veronderstellingen over samenhang tussen kwaliteitszorg en onderwijskwaliteit. Evenmin is bekend welk besturingsprincipe het effectiefst is. In de praktijk is het mogelijk een hoge onderwijskwaliteit te handhaven zonder een landelijke overheidsinspectie. Hierbij kunnen ook andere factoren een rol spelen, zoals het academische niveau van het onderwijspersoneel.

Westerse landen hanteren bij de externe systemen voor kwaliteitszorg verschillende sturingsmechanismen, van centrale sturing door de overheid tot autonomie van de scholen. Veel landen zijn gericht op decentralisatie en toenemende autonomie voor onderwijsinstellingen. Die landen brengen de externe evaluatie van de onderwijskwaliteit onder bij de overheid, zoals de Inspectie van het Onderwijs in Nederland. Een aantal landen heeft geen systeem voor de externe evaluatie van scholen. Zij baseren zich op bewaking van het onderwijssysteem als geheel, via gestandaardiseerde beoordelingen en de evaluatie van het onderwijsaanbod van de lokale overheid.

Intern en extern

Kwaliteitszorg bestaat uit systematische en cyclische aandacht voor kwaliteit, door middel van doelen, normen en tevredenheidsmetingen. De verantwoordelijkheid voor kwaliteitszorg ligt primair bij de school. Doorgaans wordt onderscheid gemaakt tussen interne en externe kwaliteitszorg. Interne kwaliteitszorg strekt zich uit over alle beleidsterreinen van de school, met als basis het primaire proces. Het gaat dan om het pedagogisch en didactisch handelen van de leraren, en het leren van de leerlingen. Een belangrijk deel van de interne kwaliteitszorg is de zelfevaluatie. Zelfevaluatie is ‘een proces, in hoofdzaak geïnitieerd door de school zelf, waarbij welgekozen deelnemers op een systematische wijze het functioneren van de school beschrijven en beoordelen met het oog op het nemen van beslissingen c.q. initiatieven in het kader van (aspecten van) de algehele schoolontwikkeling’. In hoeverre zelfevaluatie bijdraagt aan schoolverbetering en onderwijskwaliteit is lastig vast te stellen.

Bij externe kwaliteitszorg toetsen deskundigen, collega’s van andere scholen of de subsidiegever de inhoud en opbrengst van het onderwijs. Instrumenten daarbij zijn integraal schooltoezicht, visitaties en schooldoorlichtingen. De Inspectie van het Onderwijs verzorgt in Nederland die rol, met het waarderingskader als basis. Het waarderingskader schrijft voor dat het bestuur en de scholen een stelsel van kwaliteitszorg hebben, van waaruit ze de kwaliteit van het onderwijsproces en de leerresultaten bewaken. Er zijn toetsbare doelen geformuleerd die regelmatig worden geëvalueerd. Als de onderwijskwaliteit tekortschiet, worden verbeteringen doorgevoerd. Het bestuur of toezichthouders houden toezicht op de kwaliteit van het onderwijs. De Inspectie van het Onderwijs heeft geen duidelijk verband aangetroffen tussen de bestuursvorm en onderwijskwaliteit.

Mbo en hbo

Het mbo en hbo kennen (deels) andere sturingsprincipes in het systeem van kwaliteitszorg dan het vo. Ook hier is over de effecten op de kwaliteit van het onderwijs weinig te zeggen. In het mbo let de Inspectie van het Onderwijs in het vernieuwde toezicht vooral op de kwaliteitscultuur binnen de scholen. Er is meer aandacht voor het stimuleren van kwaliteitsverbetering. In het hbo maakt accreditatie een belangrijk onderdeel uit van het kwaliteitszorgsysteem. Accreditatie vormt dan als externe kwaliteitsborging de afsluiting van de interne kwaliteitszorg door de opleiding of instelling. De NVAO (nederlands-vlaamse accreditatieorganisatie) beoordeelt de interne kwaliteitszorg en de kwaliteit van opleidingen. De Inspectie van het Onderwijs zorgt voor het beoordelen en bevorderen van de kwaliteit van het accreditatiestelsel.

Meer weten?

Lees het volledige rapport als antwoord op deze vraag, inclusief geraadpleegde bronnen.

Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Jo Scheeren (CAOP) en Ruud van der Aa (Kennismakelaar Kennisrotonde).

Onderwijssector
VO

Vraagsteller
Ministerie van OCW - beleidsmedewerker of afdelingshoofd

Niet gevonden waar je naar op zoek bent?

Stel direct jouw vraag