Wat is het effect van digitaal toetsen versus schriftelijk toetsen op de prestaties op taal en rekenen?

 PO | Toetsen & feedback

Het effect van digitaal toetsen versus schriftelijk toetsen verschilt per leerdomein. Leerlingen presteren slechter op een digitale toets begrijpend lezen dan op een papieren leestoets, zeker als het gaat om een lange en informatieve tekst. Voor spelling is het nog onduidelijk wat het effect is van digitaal dan wel op papier toetsen. En bij rekenen lijken er geen verschillen in prestaties te zijn. Ook voor de eindtoets die alle groep-8 leerlingen aan het eind van het schooljaar maken zijn de prestaties op de digitale en papieren versie vergelijkbaar.

Het vergelijken van digitale en schriftelijke toetsen is lastig, omdat de manier waarop de toets wordt aangeboden gevolgen heeft voor de inhoud van de toets. Gestandaardiseerde schriftelijke toetsen die bestaan uit enkel meerkeuze-opgaven kunnen relatief makkelijk worden omgezet naar vergelijkbare digitale toetsen. Bij niet-gestandaardiseerde toetsen met open vragen is dit echter een stuk lastiger. Zelfs als de toetsen exact overeenkomen, kunnen de afname of prestaties verschillen. Bijvoorbeeld omdat leerlingen bij een schriftelijke toets langer nadenken voordat ze antwoorden dan bij een digitale toets.

Begrijpend lezen

Leerlingen presteren over het algemeen lager bij begrijpend lezen als ze informatieve teksten digitaal lezen dan wanneer ze dezelfde tekst op papier lezen. Dit effect is vooral zichtbaar bij lange teksten en wanneer de toets gemaakt moet worden onder tijdsdruk. Hoe dat precies komt is nog niet zeker. Maar het lijkt erop dat digitale teksten over het algemeen met minder aandacht worden gelezen dan teksten op papier. Mogelijk zijn leerlingen niet gewend informatie op een beeldscherm aandachtig te lezen omdat het voor de digitale activiteiten in hun vrije tijd  voldoende is om oppervlakkig te lezen. Bij het lezen van verhalende teksten scoren leerlingen even goed op digitale als op papieren toetsen.

Spelling

Voor spelling is het nog onduidelijk wat het effect is van digitaal dan wel op papier toetsen. Wel schrijven leerlingen op de computer langere en betere teksten dan leerlingen die op papier schrijven. Anderzijds maken leerlingen bij een handmatige schrijftaak vaak minder spelfouten dan bij een digitale schrijftaak. Bij een handmatige schrijftaak beginnen leerlingen een zin vaak niet met een hoofdletter. Bij een digitale schrijftaak gebeurt dat automatisch en wordt die fout minder gemaakt. Wanneer leerlingen regelmatig op een computer werken, maar vervolgens de schrijftaak op papier maken, vergeten ze dat ze de zin met een hoofdletter moet beginnen.

Rekenen

Sommige studies laten zien dat leerlingen beter presteren op een schriftelijke dan op een digitale rekentoets, andere studies vinden geen verschillen in toetsprestaties. Een belangrijk aandachtspunt bij digitale rekentoetsen is de afstand tussen kladpapier en een computerscherm. Omdat deze afstand groter is dan de afstand tussen kladpapier en een papieren rekentoets, is ook de verplaatsing van aandacht groter. Dit verschil kan van invloed zijn op het toetsresultaat.

Leerlingen met leerproblemen kunnen net zo goed overweg met digitale taal- en rekentoetsen als leerlingen zonder leerproblemen. Digitaal toetsen lijkt dus geen extra voor- of nadelen op te leveren voor leerlingen met leerproblemen.

Adaptieve digitale toets of papieren toets?

Eén van de belangrijkste voordelen van digitaal toetsen is dat de moeilijkheidsgraad van de toetsvragen gaandeweg kan worden aangepast aan het niveau van de leerling op basis van eerder gegeven antwoorden. Dit wordt adaptief toetsen genoemd. Een nadeel is echter dat terugbladeren naar eerdere vragen vaak maar beperkt kan. De huidige digitale eindtoetsen zijn allemaal adaptief. Omdat de papieren en digitale eindtoetsen voor een deel dezelfde opgaven bevatten, de zogenoemde ankeropgaven, zijn de prestaties van de papieren en digitale eindtoets te vergelijken.

Meer weten?

Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Brenda van den Broek (Expertisecentrum Nederlands), Christel Dood (Expertisecentrum Nederlands), Joyce Gubbels (Expertisecentrum Nederlands) en Sjerp van der Ploeg (Kennismakelaar Kennisrotonde).

Onderwijssector
PO

Vraagsteller
po-instelling - schoolleider

Gerelateerde vragen:

Welke factoren spelen een rol bij de resultaten van de Cito-eindtoets of de centrale eindtoets PO?
 PO | Toetsen & feedback
Meerdere factoren hebben invloed op de resultaten van de (Cito) eindtoets in het primair onderwijs. Een greep uit de selectie: aanleg/intelligentie, motivatie, geslacht, leeftijd, achtergronden van de leerlingen en het leerlinggewicht, en de kwaliteit van het onderwijs.
Lees verder

Niet gevonden waar je naar op zoek bent?

Stel direct jouw vraag