Wat kunnen robots betekenen voor het geven van instructie aan leerlingen in het basisonderwijs?

 PO | ICT

Peuters, kleuters en basisschoolkinderen kunnen zelfstandig met een robot werken aan herhalende taken als woorden leren, de tafels oefenen of een puzzel oplossen. Leerlingen leren van een robot die voorleest, vertelt, overhoort, uitlegt en met ze oefent. Of robots die het kind aankijken, gebaren maken of complimenten geven een meerwaarde hebben voor het leren is niet duidelijk. Robots die het leeraanbod afstemmen op het niveau van de leerling halen betere resultaten bij de leerling dan robots die dat niet doen.

Het gaat hier om fysieke, mensachtige robots die de leraar kan inzetten voor instructie. Een zoekbot of virtuele agent op de computer telt niet mee, evenmin een filmpje van een robot. Kinderen moeten de robot kunnen aanraken. Voorbeelden van menselijke robots zijn de Nao-robot, de DragonBot (voor jonge kinderen), de iCat en Kaspar, die veel gebruikt wordt voor kinderen met autisme. De instructierobot kan kennis overdragen door een verhaal te vertellen, of een woord of zin te zeggen die de kinderen moeten herhalen om de uitspraak hiervan te oefenen. Sommige robots zijn supporters, die dansjes doen of complimentjes geven bij een goed antwoord. Anderen geven commando’s: ‘doe je handen omhoog’ of ‘loop naar de deur en weer terug’.

Met intonatie

Met een robot kunnen kinderen zelfstandig werken aan concrete taken, zoals woorden leren, de tafels oefenen, een puzzel oplossen of andere leertaken oefenen. Effectieve instructies zijn voorlezen, vertellen (bijvoorbeeld over favoriete dieren), herhalend leren (bijvoorbeeld de tafels), uitleg geven en oefenen (over een taak, priemgetallen). Kinderen leren meer van een robot die met intonatie voorleest dan zonder. Een robot zonder intonatie verliest snel de aandacht van de leerlingen. Kinderen (van peuters tot brugklassers) leren al van kortdurende instructies en oefeningen. Voor kinderen die interesse hebben in een onderwerp kan een robot als informatiebron en vraagbaak fungeren. Kinderen werken zelfstandig met robots aan eenvoudige taken, vaak met een tablet als interface. De leeropbrengsten variëren nogal en zijn meestal relatief klein.

Robots die het niveau van de leerstof aanpassen aan het niveau van het kind – binnen de zone van naaste ontwikkeling – komen tot betere resultaten met de kinderen. Bij het leren van bijvoorbeeld Engelse woordjes bereikt de robot die gebaren gebruikt én adaptief taken kiest binnen de zone van naaste ontwikkeling van het kind de beste leerresultaten. Kinderen raken dan ook minder snel verveeld. Bovengenoemde meerwaarden gelden in beginsel voor alle educatieve software. Robots met een bepaald sociaal gedrag (het kind met de ogen volgen, gebaren en complimenten maken, over zichzelf vertellen) zorgen voor meer aandacht en betrokkenheid van kinderen. Dit levert echter niet altijd betere leerprestaties op; het sociale gedrag van een robot kan ook afleiden.

Verwachtingen

De verwachtingen over de meerwaarde van robots als assistent van de leerkracht zijn hoog. Voor een leraar is één–op-één-leren nauwelijks haalbaar. Een robot maakt zo’n instructie wel mogelijk. Met de toenemende diversiteit in de klas, grotere groepen, toegenomen werkdruk en personeels- en budgettekorten, is de inzet van nieuwe technologieën zoals robots interessant. Een andere verwachte meerwaarde van robots is dat ze zich niets aantrekken van individuele verschillen in achtergrond en alle leerlingen gelijk behandelen. De kinderen ervaren de robot als ‘rechtvaardige’ partner. Bovendien hebben robots oneindig veel geduld en zijn daarmee zeer geschikt voor het eindeloos herhalen van dezelfde taak. Verder functioneert een robot net als een computer; alle kennis op internet is direct beschikbaar. Een robot kan daarmee tevens als interface tussen leerling en het internet gebruikt worden. De robot vertelt dan de gevonden informatie in een dialoog. Een toekomstige meerwaarde van een robot als onderwijsassistent is dat hij alles kan onthouden en toegang heeft tot elk persoonlijk dossier, zodat hij daar de instructie op aan kan passen.

Meer weten?

Onderwijssector
PO

Vraagsteller
schoolbestuur - adviseur of beleidsmedewerker

Niet gevonden waar je naar op zoek bent?

Stel direct jouw vraag