Welke ondersteuning hebben kleuters nodig wanneer hun spel stagneert?

 PO | 21e-eeuwse vaardigheden | Ook interessant

In de kleutertijd gaan kinderen steeds meer samenspelen. Hun spel wordt ingewikkelder en associatiever, en hun invoelingsvermogen groeit. Leerkrachten kunnen spel ondersteunen door initiatief, zelfregulatie en interactie tussen kinderen te stimuleren. Leerkrachten geven ruimte aan fantasie en aan sociaal leren in groepen. Als kleuters niet vanzelfsprekend tot het te verwachten spel komen, zetten leerkrachten vaak een op interactie gerichte didactiek in. Een aanpak van verkennen, verbinden en verrijken kan stimulerend werken voor de spelontwikkeling.

Spel is belangrijk in de (sociaal-emotionele) ontwikkeling van een kind. Het spelen van kleuters ontwikkelt zich van naast elkaar spelen naar met elkaar spelen. Ook het invoelingsvermogen ontstaat in deze periode.

Ondersteuning bij spel

Goede begeleiding in de kleuterfase richt zich op het bevorderen van initiatief, verantwoordelijkheid en het vormen van een identiteit. De leerkracht geeft de kleuters vrijheid, zodat kinderen tijd krijgen om zelf dingen uit te vinden en hun fantasie de vrije loop te laten. Dit stimuleert initiatief en zelfregulatie. Daarnaast stimuleert de leerkracht sociaal leren in groepen. Zelf het goede voorbeeld geven en ongewenst gedrag consequent corrigeren, zijn belangrijk om realiteitszin bij kleuters te ontwikkelen. Hetzelfde geldt voor het vermogen om rekening te houden met anderen.

De timing van inmenging door de leerkracht is essentieel. Als een leerkracht een activiteit inzet, vergroot dat de betrokkenheid van kinderen. Maar als de leerkracht actief betrokken blijft, kan dat juist een negatief effect op die betrokkenheid hebben. Als de activiteit eenmaal loopt, is de fysieke aanwezigheid van de leerkracht voldoende om emotionele veiligheid te bieden. De interactie met andere kinderen zorgt dan voor meer betrokkenheid.

Ondersteuning als spelontwikkeling niet vanzelf gaat

Als jonge kinderen niet vanzelfsprekend tot het te verwachten spel komen, is het nodig om hen tijdelijk spelbegeleiding te bieden, met als doel hun weer de regie te geven over hun spel. Een vaak gebruikte interventie – bekend als het principe van de 3 V’s – is verkennen, verbinden en verrijken. Bij verkennen gaat het om goed te observeren wat een kind doet en zegt. Het is de bedoeling om er achter te komen wat het kind al weet en waar zijn interesse naar uit gaat. In dit verkenningsstadium kan de leerkracht bepalen in welke ontwikkelingsfase een kleuter zich bevindt, hoe zijn sociaal-emotionele ontwikkeling verloopt en wat een volgende stap kan zijn.

Het maken van verbinding met de interesse van het kind kan zo’n stap zijn. Hierbij kan de leerkracht ook andere kinderen betrekken. Door het maken van verbinding ontstaat communicatie. Pas bij de derde V, verrijking, wordt het spel naar een hoger plan getild. De leerkracht biedt alleen verrijking wanneer dat nodig is. Want als kinderen zelf initiatieven nemen is het goed om als leerkracht daarbij aan te blijven sluiten.

Meer weten?

Lees het volledige rapport opgesteld als antwoord op deze vraag, inclusief geraadpleegde bronnen.

De kwaliteitskaart voor spel

Blogs en wetenschappelijke artikelen (ondersteund door de Europese Unie): EarlyYearsBlog.nl

Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Bruno Emans (antwoordspecialist) en José van der Hoeven (kennismakelaar Kennisrotonde). Zij hebben hiertoe Elly Singer (ontwikkelingspsycholoog, pedagoog), Ruth Heuvelman-Kroon, Mehrnaz Tajik en Melissa Be (experts VVE) geconsulteerd.

Onderwijssector
PO

Vraagsteller
po-instelling - IB'er

Niet gevonden waar je naar op zoek bent?

Stel direct jouw vraag