Kiezen meisjes vaker voor een techniekopleiding en vallen ze minder vaak uit als er aparte meisjesklassen op het roc zijn?

 MBO | Gelijke kansen

Meisjes die meisjesonderwijs volgen denken positiever over bèta/techniekvakken en presteren vaak beter op deze vakken. Dit heeft echter te maken met de kenmerken van de meisjes zelf. Het effect van meisjesonderwijs in vergelijking met gemengd onderwijs is verwaarloosbaar. Of meisjesklassen helpen om meer meisjes in techniekonderwijs te laten instromen is nauwelijks onderzocht. Naar het verminderen van uitval van meisjes in techniekopleidingen is geen onderzoek beschikbaar: de groep meisjes is te klein is om langere tijd te volgen.

Het geringe aantal meisjes op techniekopleidingen is een bekend fenomeen. Het verschijnsel ontstaat al in het voortgezet onderwijs. Meisjes kiezen minder vaak vakken of richtingen passend bij bèta/techniekvakken. Ter illustratie: in Nederland kiest nog geen 5 procent meisjes op het vmbo voor de sector techniek. Op het mbo is de instroom bij de sector techniek wat hoger, 16 procent in 2016.

De gender gap

De meisjes die wel voor bèta/techniekopleidingen kiezen, eindigen minder vaak dan jongens in een bijpassend beroep. Vrouwen die wel in een bèta/techniekberoep instromen, verlaten dat vervolgens vaker dan mannen. Het steeds ‘verdwijnen’ van meisjes en vrouwen bij elke volgende stap in onderwijs en loopbaan wordt wel omschreven als ‘de lekke pijplijn’. Deze gender gap is erg stabiel en komt wereldwijd voor. Bètavakken die gerelateerd zijn aan ‘zorgen voor anderen’ (denk aan medicijnen en biologie) trekken wel meer vrouwen. De gender gap is dus niet voor alle bèta/techniekvakken even groot. Techniek is duidelijk het minst populair.

Wat veroorzaakt de gender gap?

Verklaringen voor de gender gap worden doorgaans gezocht in bestaande culturele opvattingen. Er heersen stereotype beelden over beroepen en de associaties met technische vakken zijn veelal ‘zwaar’, ‘moeilijk’, ‘vies’, ‘niet geschikt voor vrouwen’. Bij het kiezen voor een studierichting zijn veel factoren belangrijk. Zoals de verwachting om goed te kunnen presteren op een vak en de waarde die aan een vak wordt toegekend. Meisjes schatten hun capaciteiten op bèta/techniekvakken lager in en kiezen daarom minder snel voor die vakken, is een veel genoemde redenering.

Meisjesscholen en meisjesklassen

In sommige landen bestaan meisjesscholen. In een omgeving met alleen meisjes zouden stereotypen over gender minder of niet aanwezig zijn. Amerikaans onderzoek laat echter zien dat er geen positief effect is van meisjesscholen op voorkeuren voor bèta/techniek vakken of beroepen. Wel hadden meisjes meer zelfvertrouwen en prestatiedrang dan meisjes op gemengde scholen. Meisjes op meisjesscholen in het Verenigd Koninkrijk hebben vaker interesse voor een beroep in bèta/techniek dan meisjes op gemengde scholen. De meisjes op deze scholen komen echter vaak uit specifieke milieus, waar minder traditionele keuzes worden gemaakt. Dit doet twijfelen aan de gevonden positieve effecten van meisjesonderwijs.

Naar de invloed van het instellen van meisjesklassen op het aantal meisjes dat een bèta/techniekvak kiest is weinig onderzoek verricht. In een onderzoek naar ict zorgden meisjesklassen voor een stijging van 10 naar 40 procent meisjes die het ict-vak kozen. In een ander onderzoek naar meerdere bèta/techniekvakken werkte dat niet.

Voorkomen van uitval van meisjes in bèta/techniek opleidingen

Over onderzoek naar wat kan helpen om meisjes in bèta/techniek opleidingen te behouden kunnen we kort zijn. Dit is niet onderzocht omdat de aantallen meisjes in de opleidingen daarvoor te klein zijn. Er is er wel ‘algemeen’ onderzoek over het voorkomen van uitval op het mbo. Zie bijvoorbeeld een antwoord van de Kennisrotonde over de invloed van mentoren op uitval in het mbo.

Meer weten?

Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Sandra Beekhoven (Kennismakelaar Kennisrotonde).

Onderwijssector
MBO

Vraagsteller
mbo-instelling - onderwijsontwikkelaar

Gerelateerde vragen:

Hoe kun je bevorderen dat meer vmbo-leerlingen kiezen voor bèta-techniek?
 VO | MBO | Vakken | Ook interessant
Jongeren in het vmbo hebben een te beperkt beeld van techniek en een beeld dat slecht past bij hoe zij zichzelf zien. Veel jongeren zien onvoldoende dat techniek nuttig en interessant kan zijn. Ook heeft techniek het imago moeilijk te zijn en meer iets voor jongens dan voor meisjes. Toch kunnen technische opleidingen en beroepen aantrekkelijker worden gemaakt. Door leerlingen (technisch) zelfvertrouwen te laten ontwikkelen en hen in contact te brengen met allerlei facetten van techniek. Zo kunnen zij een breder en realistischer beeld ontwikkelen van techniek en van de benodigde competenties. Vervolgens is het belangrijk dat zij op die ervaringen reflecteren en ze verbinden met hun zelfbeeld in loopbaangesprekken. Ook de omgeving van de leerling moet daarbij worden betrokken. Ouders en leeftijdgenoten spelen een belangrijke rol bij loopbaankeuzen.
Lees verder
Over welke competenties moeten mentoren in het mbo beschikken om voortijdig schoolverlaten terug te dringen?
 MBO
Van mentoren wordt verwacht dat zij signalen van dreigende uitval onder studenten herkennen, studenten ondersteunen bij het ontwikkelen van een loopbaanperspectief en bij het aanleren van studievaardigheden. Mentoren bewerkstelligen een goed en veilig klimaat op school en in de klas. Dan ontstaat er ook binding en kunnen studenten in dialoog met betrokkenen reflecteren op hun loopbaan. Zo nodig kunnen mentoren ook externe zorg inschakelen.
Lees verder

Niet gevonden waar je naar op zoek bent?

Stel direct jouw vraag