Op welke wijzen verschillen leerkrachten in het waarnemen van pestgedrag en in het tegengaan daarvan?

 PO | Gelijke kansen | Leer- & gedragsproblemen

Leerkrachten hanteren uiteenlopende definities van pesten. Ook hebben ze verschillende opvattingen. Deze opvattingen bepalen welke pestgedragingen zij waarnemen en – bewust of onbewust – tegengaan of bekrachtigen. Consistent en weloverwogen ingrijpen is vaak effectief om pestgedrag te stoppen, bij voorkeur op groepsniveau. Het effect van interventies verschilt niet tussen jongens en meisjes.

Pesten is het langdurig, moedwillig en bewust kwetsen en onder druk zetten van iemand op een agressieve manier. Een recente vorm is cyberpesten, waar de pester anoniem kan blijven.

Definities en opvattingen van leerkrachten

De definitie van pestgedrag die leerkrachten hanteren, bepaalt indirect het voorkomen van pestgedrag op een school. Leerkrachten die pesten ‘eng’ definiëren, beschouwen alleen agressieve uitingen – verbaal of fysiek – als pestgedrag. Andere vormen van pesten, zoals sociale uitsluiting binnen een klas, vallen er dan buiten. Verder zien leerkrachten pesten veelal als een individueel probleem. Onderzoek toont echter dat bij pesten groepsprocessen een rol spelen, zodat interventies op groepsniveau nodig zijn.

De opvattingen van een leerkracht zijn van invloed op het wel of niet waarnemen van en interveniëren bij pestgedrag. Deze bewuste en onbewuste opvattingen gaan over pesters en slachtoffers, en over zichzelf. Leerkrachten die vinden dat fysieke en verbale agressie ernstigere vormen van pestgedrag zijn, tonen meer medeleven aan slachtoffers daarvan, dan aan slachtoffers die sociale uitsluiting ervaren. Het resultaat is dat die leerkrachten eerder interveniëren bij vormen van verbaal en fysiek pestgedrag en minder snel bij sociale uitsluiting. Daarnaast hangt ingrijpen bij pestgedrag door de leerkrachten af van het vertrouwen in eigen kunnen.

Sommige leerkrachten zijn van mening dat leerlingen niet gepest worden als ze beter voor zichzelf opkomen. Leerkrachten met deze assertiviteitsopvatting zullen wachten met optreden tegen pestgedrag. Andere leerkrachten denken dat pestgedrag bijdraagt aan het leren van sociale normen; als onderdeel van opgroeien. Zij zien deze peststrategie als middel om een betere sociale status te krijgen. Tot slot zijn er leerkrachten die vinden dat gepeste leerlingen pesters moeten mijden. Leerkrachten met zulke opvattingen interveniëren niet of nauwelijks.

De rol van sekse en ervaring

Stereotype opvattingen over sekse spelen eveneens een rol. Veel leerkrachten reageren anders op pestgedrag van meisjes dan van jongens. Fysieke agressie en ruwe spellen ‘horen bij jongens’. Ook vinden veel leerkrachten dat jongens problemen zelf moeten oplossen. Meisjes pesten veelal indirect, bijvoorbeeld door te roddelen of iemand buiten te sluiten. Er zijn geen sekseverschillen in de effecten van schoolbrede interventies. Meisjes zijn wel meer bereid om pesten tegen te gaan. Zij doen dit voornamelijk door het ondersteunen van leeftijdsgenoten.

Leerkrachten met meer dan een kwart eeuw leservaring interveniëren vaker dan leerkrachten die een paar jaar voor de klas staan. Ook betrekken ervaren leerkrachten vaker zowel pesters als slachtoffers bij de oplossing. Vrouwelijke leerkrachten doen dat eerder dan hun mannelijke collega’s. Vrouwen tonen eerder empathie voor het slachtoffer. Mannen negeren pestincidenten vaker.

Wat te doen?

Consistent en weloverwogen ingrijpen is vaak effectief om pestgedrag te stoppen, op klas- en op schoolniveau. Het is dus van belang dat leerkrachten en onderwijsteams eenzelfde definitie van pesten en dezelfde opvattingen er op na houden. Het verhogen van de frequentie van toezicht werkt eveneens. Meer supervisie op het speelplein bijvoorbeeld zorgt ervoor dat leerkrachten pesten vaker waarnemen en vaker interveniëren. Leerkrachten zijn sneller geneigd iets te doen als zij het pestgedrag zelf observeren, dan wanneer gepeste leerlingen hun vertellen dat zij worden gepest. Dit sluit aan bij de bevinding dat slachtoffers hulp zoeken bij vrienden en niet bij leerkrachten.

Meer weten?

Lees het volledige rapport zoals opgesteld als antwoord op deze vraag, inclusief geraadpleegde bronnen.

www.pesten.nl

NJI: dossier pesten

Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Leonie Brummer (antwoordspecialist) en Sandra Beekhoven (kennismakelaar Kennisrotonde).

Onderwijssector
PO

Vraagsteller
po-instelling - IB'er

Niet gevonden waar je naar op zoek bent?

Stel direct jouw vraag