Hoe kan tijdens de stage zelfsturend leren bij mbo-studenten worden bevorderd, zodat het leerrendement wordt vergroot?

 MBO | Schoolloopbaan | Werkplekleren

Werkgevers en opleiders kunnen zelfregie van mbo-studenten tijdens stages stimuleren. De werkgever moet de inbreng van de student serieus nemen en hem of haar gestructureerd laten werken. De opleider geeft aandacht aan het vermogen en de bereidheid tot leren, naast het aanleren van emotionele volwassenheid. Verder legt de opleider nadruk op vaardigheden als het geleerde in de praktijk toepassen, creativiteit en kritisch denken. De student maakt zich zelfsturend leren eigen door te leren om minder hulp te vragen, taakstrategieën zelfstandiger en beter uit te voeren. Maar ook door tijd efficiënter te beheren en meer waarde te hechten aan het leren zelf.

Tijdens stages ontwikkelen mbo-studenten competenties die hun vakmanschap vergroten. Werkplekleren – waaronder stages – is een belangrijk onderdeel van het curriculum in het beroepsonderwijs, omdat ‘het oefenen in de reële beroepspraktijk als noodzakelijk wordt gezien voor het aanleren van beroepsvaardigheden’.

De inzet van de werkgever

De werkgever neemt de inbreng van de student serieus. Hij laat de student taken op gestructureerde wijze uitvoeren om het zelfsturend leren te bevorderen. De student krijgt de mogelijkheid zich te oriënteren op de taak door het uitkiezen en bespreken ervan, met bijbehorende aanpak en verkenning van aanwezige kennis en vaardigheden. De werkgever bereidt met de student de uitvoering van de taak voor, houdt toezicht en bespreekt het na. Door herhaalde uitvoering bekwaamt de student zich verder in de taak. Samen stellen ze vervolgstappen vast. Op deze wijze kan de student gestructureerd en deels zelfgestuurd zijn taken uitvoeren, waarbij aandacht moet zijn voor reflectie.

De werkgever kan zorgen voor hybride leerwerkplekken; leersettingen die de beroepspraktijk zo dicht mogelijk benaderen en die bestaan uit een combinatie van schools leren en leren in de praktijk. Een andere manier is supported participation. Daarbij geeft de werkplekbegeleider sociale ondersteuning en is er een sfeer van veiligheid. Fouten maken mag, hulp vragen ook en studenten hebben ruimte om dingen uit te proberen. Verder zijn afwisseling van leerwerkplek belangrijk, evenals simulaties wanneer er geen echte praktijk is.

De inzet van de opleider

De opleider bevordert het vermogen en de bereidheid van studenten om alle leermogelijkheden op de leerwerkplek te gebruiken voor een succesvolle stage. Mogelijke vormen van begeleiding zijn coaching, scaffolding, modeling, monitoring en guiding. Bij de begeleiding ligt de nadruk op het aanleren van vaardigheden als soft skills (emotionele volwassenheid en groei), en vaardigheden als het toepassen van het geleerde in de praktijk, creativiteit en kritisch denken.

Ontwikkeling van zelfsturingsvaardigheden op de werkplek start al in de voorbereidingsfase van de stage. Zelfsturend vermogen is afhankelijk van de voorkennis van studenten en van hun motivatie, betrokkenheid en metacognitieve vaardigheden. Docenten kunnen studenten effectieve leerstrategieën aanleren, hun ondersteunende feedback geven en de leeromgeving met hulp- en informatiebronnen verrijken.

De inzet van de student

Zelfregulerend leren is een proces waarbij de student ‘zelfsturend op een proactieve manier de mentale vermogens omzet in academische vaardigheden (oftewel leervaardigheden)’. De student is zich bewust van zijn sterke en zwakke kanten, afgezet tegen zijn persoonlijke doelen en taakgerelateerde strategieën. Om zich zelfsturend leren eigen te maken, kan een student verschillende (meta)cognitieve en motivationele leerstrategieën hanteren. Voorbeelden hiervan zijn: minder hulp vragen, beter uitvoeren van taakstrategieën (zoals herhalen, uitwerken van zaken en organiseren van het leren), beter beheren van tijd en meer waarde hechten aan leren.

Meer weten?

Lees het volledige rapport opgesteld als antwoord op deze vraag, inclusief geraadpleegde bronnen.

Andere relevante Kennisrotonde-antwoorden:

Welke factoren zijn van invloed op de kwaliteit van werkplekleren in het beroepsonderwijs?

Welk handelingsrepertoire heeft een docent beroepsonderwijs nodig in een praktijknabije leeromgeving?

Welk pedagogisch-didactisch handelen van de begeleidende docent zorgt ervoor, dat studenten op MBO Niveau 1 en MBO Niveau 2 succesvol zelfsturend kunnen leren?

Dit antwoord is tot stand gekomen met dank aan Maurice de Greef (kennismakelaar Kennisrotonde).

Onderwijssector
MBO

Vraagsteller
mbo-instelling - docent en studieloopbaanbegeleider

Gerelateerde vragen:

Welk handelingsrepertoire heeft een docent beroepsonderwijs nodig in een praktijknabije leeromgeving?
 MBO | Werkplekleren
Naast de gangbare expertise die een docent in elk geval nodig heeft om in het beroepsonderwijs te werken, zijn er ook negen docentrollen onderkend specifiek voor praktijknabije leeromgevingen. Een hiervan is die van procesbegeleider, ook wel coach of facilitator genoemd. Over welk handelingsrepertoire zo’n coach nodig heeft, is nog niet heel veel bekend. Wel weten we dat verschillende begeleidingsvormen, van voordoen tot coaching op maat, van belang zijn.
Lees verder
Welke factoren zijn van invloed op de kwaliteit van werkplekleren in het beroepsonderwijs?
 MBO | Werkplekleren | Zelfregulerend leren
De kenmerken van drie betrokkenen, te weten de student, de werkplek en de opleiding, bepalen of werkplekleren succesvol is. En hoe ze zich tot elkaar verhouden. Communicatie en uitwisselen van kennis en ervaring tussen de partijen is daarbij van groot belang.
Lees verder
Hoe kunnen docenten mbo-studenten niveau 1 en 2 zo goed mogelijk begeleiden naar succesvol zelfsturend leren?
 MBO | Zelfregulerend leren | Ook interessant
Ook mbo-studenten niveau 1 en 2 kunnen zich zelfsturend leren eigen maken. Er is vooralsnog geen specifiek onderzoek gedaan naar effectieve aanpakken van zelfsturend leren voor deze groepen, maar wel naar kenmerken van deze studenten en de voorwaarden waaronder zij (zelfsturend) kunnen leren. Zo moeten docenten aandacht hebben voor de problematiek van studenten en zorgen voor een vertrouwensrelatie. Als zij stapsgewijs werken aan zelfvertrouwen en plannings- en reflectievaardigheden van studenten helpt dat hen om zelfsturend leren te ontwikkelen. Begeleiding op maat en kennis hebben van interesses en capaciteiten van studenten is ook een succesfactor voor het leren. Evenals verbinding maken met de leefwereld en beroepsperspectieven van studenten.
Lees verder

Niet gevonden waar je naar op zoek bent?

Stel direct jouw vraag