Individueel maatwerk in voortgezet onderwijs (MEGAband)

Projectnummer
405-14-503
Titel
Effectmeting MEGAband BC Broekhin: Maatwerk voedt talent op een stevig fundament.
Programma
Looptijd
1-6-2014 t/m 30-9-2015
Onderwijssector
vo
Thema
Onderwijsontwerp en curriculumontwikkeling, Opleiden en professionalisering van leraren
Status
Afgerond

Vanuit haar visie ziet de Academische Opleidingsschool BC Broekhin Roermond het als haar kerntaak zich als kansenschool te profileren. Onze visie rust op de pijlers ‘excelleren’, ‘kansen bieden door differentiëren’ en ‘onderzoeken’. We ambiëren een school waar leerlingen en docenten hun eigen talenten ontdekken en ontwikkelen. Vanuit deze ambitie is de MEGAband ontwikkeld. De MEGAband is een roosterconstructie primair gericht op het flexibiliseren van onderwijsmogelijkheden voor leerlingen. In de MEGAband is het structureel mogelijk om activiteiten uit te voeren die nauw aansluiten bij de behoefte van (groepen) leerlingen. Dit kunnen funderende, verankerende of excellerende activiteiten zijn. Het aanbod in de MEGAband wordt gecreëerd door autonome en zelfsturende docenten op basis van hun professionele inzichten. De leerlingen kiezen uit dit aanbod. Dat doen ze geheel vrij óf gecoacht door de mentor, afhankelijk van de cognitieve én non-cognitieve ontwikkeling van de leerling. Door het brede aanbod van zowel cognitieve als non-cognitieve activiteiten op de niveaus ‘funderen’, ‘verankeren’ en ‘excelleren’ en de keuzemogelijkheden treden motivationele effecten op bij leerlingen die mogelijkerwijs ook hun weerslag hebben op het reguliere deel van het onderwijs. Jongvolwassenen leren omgaan met en vrije ruimte en reflecteren op eigen gemaakte keuzes.

Vanuit de hierboven beschreven onderwijskundige basis is zowel op het niveau van de leerling als op het niveau van de docent een vraag geformuleerd die middels praktijkgericht academisch onderzoek wordt belicht. Het consortium stelt dat keuzevrijheid bij leerlingen binnen een roosterruimte met een breed aanbod van zowel cognitieve als non-cognitieve activiteiten, zodanig tegemoet komt aan individuele behoeften en uitdagingen dat leerlingen naast betere schoolprestaties ook sociaal-emotioneel en motivationeel sterker groeien. De resultaten uit dit onderzoek geven aan dat er zeker aspecten zijn, zowel op cognitief als sociaal-emotioneel vlak, die positief beïnvloed lijken te zijn door de MEGAband. Zo kunnen we voor verwachtingen van huidige opleiding en tevredenheid over docent concluderen dat de ontwikkelingen in deze uitkomsten significant positiever zijn geweest dan de ontwikkelingen hierin in de controlegroepen. Ook kunnen we voor het vak Nederlands, Frans, Geschiedenis en Muziek een vergelijkbare conclusie trekken. Aangezien we een empirisch model hebben gekozen waarbij de interventie (theoretisch) het enige verschil uitmaakt tussen de interventiegroep en de controlegroepen, kunnen we de gemeten significante verbanden voorzichtig causaal interpreteren en zodoende toeschrijven aan de invoering van de MEGAband.

Tevens stelt het consortium dat docenten als professional groeien, als ze volledig in eigen verantwoordelijkheid hun vakmanschap mogen inzetten, los van lesmethoden, examenprogramma’s, bestaande klassen en clusters. De resultaten uit dit onderzoek geven aan dat docenten middels zo’n roosterconstructie meer voor leerlingen kunnen betekenen, zowel vakinhoudelijk als in de ontwikkeling van het kind in meer algemene zin. De ruimte voor leerlingen om te leren eigen keuzes te maken en hierop te reflecteren wordt als een voordeel gezien. Daarnaast stimuleert de MEGAband het vakmanschap van de docenten eigen onderwijs te ontwikkelen en vorm te geven los van vastgestelde kaders hetgeen leidt tot meer werkvreugde. Meer werkvreugde werd gekoppeld aan de ervaring van meer gemotiveerde leerlingen. De leerlingen hebben namelijk zelf de keuze gemaakt om deel te nemen aan deze module. Dit benadrukt voorzichtig het belang van keuzevrijheid voor leerlingen in het onderwijs.

De, met nadruk als voorzichtig bestempelde, positieve resultaten uit dit kortlopende praktijkgerichte onderzoek maken verder stappen wenselijk. Een logische vervolgstap zou liggen op het vlak van een kwalitatief onderzoek op het niveau van de leerling. Er kan dan met interview en/of enquête-onderzoek meer diepgang worden bereikt op de hier als positief weergegevens effecten. Deze kwalitatieve onderzoeksinsteek maakt tevens mogelijk om meer in detail in te gaan op de aandachtspunten die ook uit het onderzoek zoals in dit verslag weergegeven helder naar voren komen.

Wellicht meest belangrijk is de ambitie van het consortium om met dit eerste onderzoeksverslag, waarin de weg naar ‘keuzevrijheid voor leerlingen’ en ‘autonomie en zelfsturende docenten’ is ingeslagen, een onderwijskundige dialoog op te starten. Een dialoog waarin docenten in hun professionele ruimte en creativiteit het onderwijs anno 2015 kritisch onder de loep nemen en ondersteund met academisch onderzoek nieuwe wegen durven in te slaan, passend bij de huidige maatschappij en onze hoogwaardige kenniseconomie.

Projectleider

Naam projectleider
Instelling projectleider
Dr. M.C. Janssen
BC Broekhin Roermond
Relevante link(s)

Deze NRO-projectendatabase is in ontwikkeling en zal stap voor stap worden verbeterd. We horen graag uw reacties. Stuurt u deze alstublieft naar: webbeheernro@nwo.nl