Onderwijsachterstanden voorkomen en verkleinen

Wat is eigenlijk het meest effectief om binnen school te doen voor achterstandsleerlingen? Binnen het programma Onderwijskansen wordt daarvoor bestaande kennis uit onderzoek verzameld, en nieuwe kennis ontwikkeld. Op deze pagina tref je een groeiende verzameling kennisbronnen.

Onderwijsachterstanden voorkomen en verkleinen

Wat is eigenlijk het meest effectief om binnen school te doen voor achterstandsleerlingen? Binnen het programma Onderwijskansen wordt daarvoor bestaande kennis uit onderzoek verzameld, en nieuwe kennis ontwikkeld. Op deze pagina tref je een groeiende verzameling kennisbronnen.

Uitgelicht: effectief de achterstanden door corona wegwerken

Door de coronacrisis is het risico vergroot dat leerlingen achterstanden hebben opgelopen ten opzichte van hun onderwijsprogramma. Scholen die daar iets aan willen doen, bijvoorbeeld met verlengde schooldagen, hebben dan een aantal keuzes te maken:

  • voor welke doelgroep organiseer je het?
  • wat gaan de kinderen doen?
  • hoe groot maak je de groep?
  • wie zet je voor de groep?
  • wanneer laat je het plaatsvinden?
  • welke rol voor ouders?

De wetenschap geeft vrij concrete handvatten voor de meest effectieve keuzes hierin. De meest recente -en daarmee meest complete- literatuurreview dateert van augustus 2020. De makers daarvan gaven ook een webinar voor vve en po: tussen de 9e en 20e minuut komen de aanbevelingen aan bod. In de bijbehorende handout zijn deze terug te vinden op slides 9 t/m 13.

Inspiratie uit de praktijk

Scholen die al aan de slag zijn gegaan met bijvoorbeeld een zomerschool of extra begeleiding, delen hun ervaringen op de website van de PO-Raad:

Kennisbronnen op thema

  • Effectiviteit van inhaal- en ondersteuningsprogramma’s om onderwijsachterstanden in te halen (overzicht van internationale en Nederlandse literatuur, augustus 2020, pdf)
    Scholen die in schooljaar 2020-2021 inhaal- en ondersteuningsprogramma’s opzetten, kiezen veelal voor verlengde schooldagen, ondersteuning onder schooluren, of de vakantieschool. Deze literatuurreview laat zien dat de ‘werkzame elementen’ van al deze variaties op hoofdlijnen vergelijkbaar zijn, namelijk:
    – het aantal uren per leerling
    – deelname van de doelgroep (en samenwerking met ouders/aanbieden van incentives om deelname te garanderen)
    – inhoud en structuur van het programma
    – gekwalificeerde leerkracht
    – groepsgrootte
    – aansluiting op het reguliere curriculum en de instructie in de klas
    Leerkrachtprofessionalisering behoort, samen met één-op-één begeleiding en peer tutoring tot de meest effectieve interventies om leerachterstanden tegen te gaan.
    De makers van deze review gaven ook een webinar voor vve en po: tussen de 9e en 20e minuut komen de aanbevelingen aan bod. In de bijbehorende handout zijn deze terug te vinden op slides 9 t/m 13.
  • Zomerscholen en verlengde schooltijd (thematisch overzicht, mei 2020, pdf)
    Dit overzichtsrapport is gemaakt in mei 2020 voor scholen die iets wilden doen voor kinderen met extra achterstanden door de lockdown. Zomerscholen zijn dan een effectieve methode. Er is bovendien veel bekend over de kenmerken die een zomerschool effectief maakt. Ook een verlengde schooltijd, zoals extra lessen op woensdagmiddag, kan bijdragen aan het inhalen van achterstanden. Het beste is het om achterstanden in te halen binnen de reguliere schooltijd over langere periode.
  • Compenseren voor corona (adviesrapport, mei 2020, pdf )
    De auteurs van dit rapport maakten eind mei 2020 een inschatting van de door de lockdown opgelopen achterstanden: gemiddeld drie tot vier weken, en voor OAB-doelgroepkinderen een gemiddelde taalachterstand van ongeveer 1,5 maand. Ook zij beschrijven vervolgens wanneer onderwijstijdverlenging (OTV) wel en niet effectief is om deze achterstanden weg te werken. Op pagina 16-19 van de pdf ook enkele algemene en praktische afwegingen voor de vormgeving van OTV/zomerscholen.
  • Afstandsonderwijs: de rol van ouders (thematisch overzicht, pdf)
    In dit thematische overzicht wordt op een rij gezet wat uit onderzoek bekend is over hoe ouders op een goede manier kunnen helpen bij het schoolwerk. Eerst wordt een algemeen antwoord gegeven op de vraag: ‘Wat is van belang als het gaat om ouderbetrokkenheid thuis?”, daarna wordt verder ingezoomd op thema’s als: helpen bij huiswerk, lezen en voorlezen, digitale leermiddelen en games en afstandsonderwijs en gelijke kansen.
  • Ouderbetrokkenheid (overzichtspagina)
    In dit thematische overzicht worden een aantal voorbeelden van succesvolle interventies voor ouderbetrokkenheid uiteengezet. Zo wordt ‘thuisbetrokkenheid’ besproken en effectieve vormen daarvan. Ook is er een gericht onderdeel over ouderbetrokkenheid in gezinnen met sociaal-economische achterstand.
  • Wat weten we over de relatie tussen ouderbetrokkenheid en leerresultaten van leerlingen? (Kennisrotonde-antwoord)
    Samenwerking tussen ouders en school bestaat in verschillende vormen. Niet alle vormen van ouderbetrokkenheid zijn even effectief. Zo kunnen we meer verwachten van ouderbetrokkenheid thuis (samen lezen, praten over school) dan van ouderbetrokkenheid op school (ouderparticipatie). Effecten van ouderbetrokkenheid zijn groter naarmate de sociale status van ouders lager is. Daarbij is het wel een voorwaarde dat de school deze ouders als serieuze gesprekspartners ziet.
  • Sleutelmomenten jonge kind (eindrapport NRO-project)
    Dit onderzoeksproject geeft in drie deelstudies antwoord op de vraag: Wat is een goed aanbod voor doelgroepkinderen van het onderwijsachterstandenbeleid in voorschoolse voorzieningen en het basisonderwijs? Het geeft inzichten over wat wel en niet werkzaam is in deze sleutelperiode in de ontwikkeling van jonge doelgroepkinderen, met als belangrijkste conclusies:
    1) Integrale kindcentra hebben gunstig klimaat voor doelgroepkinderen
    2) Sturen op emotionele en educatieve kwaliteit in de kleutergroepen als instrument voor verminderen ongelijkheid
    3) Effect van het verlengen van de kleuterperiode op een ontwikkelingsachterstand: er werd geen bewijs gevonden voor de aanname dat langer kleuteren juist voor leerlingen met laagopgeleide ouders of met een migratieachtergrond positief is.
  • Wat is het effect van geanimeerde prentenboeken en het programma Letters in Beweging op de beginnende geletterdheid en taalontwikkeling van risicoleerlingen in groep 1 en 2? (Kennisrotonde-antwoord)
    Geanimeerde prentenboeken en het programma Letters in Beweging hebben een positief effect op de taal- en leesontwikkeling van risicoleerlingen. De effecten zijn echter mede afhankelijk van de kwaliteit van het boek, de ingebouwde interactie, het aantal keren dat het boek aangeboden wordt en de interactie met een volwassene. Bij kinderen met ernstige spraak- en taalmoeilijkheden (ESM) is voorzichtigheid geboden met achtergrondgeluid en muziek.
  • Ontwikkelen kinderen zich beter als we ons leerstofjaarklassensysteem loslaten? (Kennisrotonde-antwoord)
    Om leerlingen onderwijs op maat te bieden, kan ook binnen de leerstofjaarklas worden gedifferentieerd. Daarbij is het werken met permanente homogene groepen niet effectief. Integendeel: vaste, homogene niveaugroepen leiden zelfs tot grotere niveauverschillen. Met name de zwakkere leerlingen ondervinden nadeel van homogeen groeperen. Andere vormen van differentiatie, met name convergente differentiatie, binnen heterogene groepen kunnen wel tot positieve resultaten leiden.
  • Draagt een later keuzemoment voor het voortgezet onderwijs, bijvoorbeeld op 14-jarige leeftijd, bij aan het schoolsucces van vooral leerlingen uit achterstandssituaties? (Kennisrotonde-antwoord)
    Leerlingen worden in Nederland op 12-jarige leeftijd geselecteerd in verschillende onderwijsniveaus, terwijl dat in veel andere landen pas op 14-16 jarige leeftijd gebeurt. Onderzoek wijst uit dat een vroege selectie met name negatieve effecten heeft voor leerlingen uit lagere sociaal-economische milieus en leerlingen met een migrantenachtergrond. Vroege selectie vergroot de leerprestatieverschillen tussen leerlingen en werkt daarmee ongelijkheid in de hand.
  • Hoe stimuleer je effectief de taalontwikkeling van kinderen die Nederlands als tweede taal (NT2) spreken? (Kennisrotonde-antwoord)
    Er bestaat niet één effectieve methode of techniek om de taalontwikkeling van NT2-kinderen te stimuleren. Taalontwikkeling hangt eerder samen met de leeromgeving en met de interactie in de klas. Een krachtige, taakgerichte leeromgeving is belangrijk. Er moet sprake zijn van een veilig en positief klimaat, van betekenisvolle en functionele taken en van ondersteuning door productieve interactie. Ook leren buiten de school is van belang. Er wordt in dit rapport/artikel? een opsomming van 8 effectieve maatregelen en factoren gegeven voor tweede taalverwerving.
  • Is een aparte taalklas voor instromende NT2-leerlingen in het basisonderwijs beter voor de taalontwikkeling in het Nederlands? (Kennisrotonde-antwoord)
    Het is voor de taalontwikkeling beter als leerlingen met een andere eerste taal dan het Nederlands direct instromen in het reguliere onderwijs. Deze NT2-leerlingen hebben minimaal vier jaar nodig om op hetzelfde niveau te komen als hun leeftijdsgenoten. In een aparte taalklas missen de leerlingen de rijke input van Nederlandstalige klasgenootjes. Het is wel nodig dat er in het reguliere onderwijs een positief, inclusief schoolklimaat heerst met ruimte voor de moedertaal. Dat geldt voor NT2-leerlingen van alle leeftijden en alle achtergronden. Belangrijk is verder dat ze langdurig en systematisch extra taalondersteuning krijgen van een NT2-specialist.
  • Wat zijn effectieve methoden om (migranten)kinderen in het basisonderwijs Nederlands als tweede taal aan te leren? En welke ict-middelen kunnen daarbij helpen? (Kennisrotonde-antwoord)
    Wanneer leerlingen Nederlands als tweede taal leren (NT2) is het belangrijk dat leerkrachten en ouders de opbouw van woordenschat in zowel de eerste als in de tweede taal maximaal ondersteunen. Geanimeerde prentenboeken en digitale taalspelletjes zijn vormen van multimedia waarvan onderzoekers effecten hebben gevonden op de ontwikkeling van lees- en taalvaardigheden van NT2 leerlingen.
  • Is NT2-onderwijs in het sbo of so gebaat bij een aangepaste aanpak in vergelijking met het reguliere basisonderwijs? (Kennisrotonde-antwoord)
    NT2-onderwijs aan leerlingen in het s(b)o vraagt niet per se om een andere aanpak of aangepaste doelstellingen. S(b)o leerlingen zijn net als leerlingen in het regulier onderwijs in staat om een tweede taal te verwerven, indien er randvoorwaarden zijn, zoals extra tijd en herhaling. Daarbij is het belangrijk dat leerkrachten expertise opdoen of bundelen in het aanleren van een tweede taal en kennis nemen van de culturele achtergrond van de leerling.

Thematische, praktijkgerichte overzichten

Kennisrotonde minireview Overbelaste scholen
Bekijk de minireview Overbelaste scholen (online PDF)
Kennisrotonde minireview digitale leermiddelen en gelijke kansen
Bekijk de minireview Digitale leermiddelen en gelijke kansen (online PDF)
Publicatie differentiatie in de klas
Download de publicatie Differentiatie in de klas: wat werkt? (online PDF)

Context en achtergronden

  • Een empirische evaluatie van het onderwijsachterstandenbeleid in het primair en voortgezet onderwijs (publicatie Centraal Plan Bureau)
    Het CPB onderzocht het Nederlandse onderwijsachterstandenbeleid in het primair en voortgezet onderwijs (periode 2009-2015). Deze notitie beschouwt drie pijlers van dit beleid: de gewichtenregeling, de impulsgebiedentoeslag (beide basisonderwijs) en het leerplusarrangement (voortgezet onderwijs).
  • Staat van het Onderwijs 2020 (jaarlijks rapport Inspectie van het Onderwijs)
    In de Staat van het Onderwijs 2020 gaat de Inspectie uitgebreid in op gelijke kansen en onderwijsachterstanden. Onder andere de paragrafen 1.1.4 en 1.2 zijn relevant.

Minister Slob informeert de Tweede Kamer regelmatig over het onderwijsachterstandenbeleid, met gebruikmaking van de onderzoeken die in dit programma lopen. Bekijk ze hier:

Verschillende omgevingskenmerken van leerlingen kunnen van invloed zijn op hun schoolprestaties. Voorbeelden van factoren zijn het opleidingsniveau van de ouders, het gemiddelde opleidingsniveau van alle moeders op school, het land van herkomst van de ouders, de verblijfsduur van de moeder in Nederland, en of ouders in de schuldsanering zitten.
Kinderen voor wie één of meerdere factoren gelden, hebben een grotere kans op onderwijsachterstanden: zij presteren mogelijk minder goed dan zij zouden kunnen.

Het onderwijsachterstandenbeleid van de overheid is erop gericht deze achterstanden te verkleinen. Scholen krijgen extra financiële middelen – de OAB-middelen – om extra dingen te kunnen doen voor de leerlingen met de zwaarste risico’s op achterstanden. In totaal krijgen bijna 2.600 basisscholen structureel € 260 miljoen voor ruim 210.000 kinderen.

Wat dan het meest effectief is om met die middelen te doen? Daarover wordt bestaande kennis verzameld en verspreid, en nieuwe kennis ontwikkeld. Dit gebeurt in het programma ‘Onderwijskansen in het primair onderwijs’.

Context en achtergronden

Adviezen

  • Een empirische evaluatie van het onderwijsachterstandenbeleid in het primair en voortgezet onderwijs (publicatie Centraal Plan Bureau)
    Het CPB onderzocht het Nederlandse onderwijsachterstandenbeleid in het primair en voortgezet onderwijs (periode 2009-2015). Deze notitie beschouwt drie pijlers van dit beleid: de gewichtenregeling, de impulsgebiedentoeslag (beide basisonderwijs) en het leerplusarrangement (voortgezet onderwijs).
  • Staat van het Onderwijs 2020 (jaarlijks rapport Inspectie van het Onderwijs)
    In de Staat van het Onderwijs 2020 gaat de Inspectie uitgebreid in op gelijke kansen en onderwijsachterstanden. Onder andere de paragrafen 1.1.4 en 1.2 zijn relevant.

Kamerbrieven
Minister Slob informeert de Tweede Kamer regelmatig over het onderwijsachterstandenbeleid, met gebruikmaking van de onderzoeken die in dit programma lopen. Bekijk ze hier:

Wil je zelf op zoek naar wetenschappelijke literatuur over onderwijsachterstandenbestrijding?

Het NRO wijst je de weg bij het vinden en gebruiken van wetenschappelijke literatuur.

Aanmelden voor de nieuwsbrief Onderwijskansen

Blijf op de hoogte van ontwikkelingen en praktische kennis uit het onderzoeksprogramma Onderwijskansen.

Aanmelden voor de nieuwsbrief Onderwijskansen

Blijf op de hoogte van ontwikkelingen en praktische kennis uit het onderzoeksprogramma Onderwijskansen.

Wil je zelf op zoek naar wetenschappelijke literatuur over onderwijsachterstandenbestrijding?

Het NRO wijst je de weg bij het vinden en gebruiken van wetenschappelijke literatuur.