Het ministerie van OCW stelt vanaf 2019 extra geld beschikbaar om achterstanden van leerlingen te verkleinen. Het onderzoeksprogramma Onderwijsachterstandenbeleid brengt in kaart hoe onderwijsinstellingen dat geld hebben besteed en wat de effecten zijn van de genomen maatregelen. Daarnaast wordt binnen dit programma zoveel mogelijk kennis gedeeld met kinderopvangorganisaties en scholen, over hoe zij ontwikkelingsachterstanden evidence-informed kunnen aanpakken.
Gemeenten, kinderopvangorganisaties en basisscholen spannen zich al geruime tijd in om achterstanden in de ontwikkeling van peuters, kleuters en basisschoolleerlingen te verkleinen. Toch slagen zij daar nog onvoldoende in. Het kabinet heeft daarom extra geld beschikbaar gesteld voor de voor- en vroegschoolse educatie (vve) en voor het basisonderwijs.
Voor de vve heeft het kabinet € 170 miljoen extra uitgetrokken om de kwaliteit en kwantiteit van de voorschoolse educatie te verhogen. Met dat geld wordt het aanbod voor peuters met een risico op een onderwijsachterstand uitgebreid van 10 naar 16 uur per week. Ook wordt vanaf 2022 extra personeel ingezet in de voorschoolse educatie.
Voor het basisonderwijs heeft het kabinet € 260 miljoen beschikbaar om onderwijsachterstanden te verminderen. Het rijk verdeelt deze middelen voor scholen en gemeenten vanaf 2019 op basis van een nieuwe indicator. Naar deze indicator wordt binnen dit programma ook onderzoek verricht (zie hierna, onderzoek 1).
Onderzoeksaanpak
Het ministerie van OCW heeft in overleg met het NRO en betrokkenen een breed programma opgesteld om de invoering en effecten van de genomen beleidsmaatregelen te onderzoeken. Het programma Onderwijsachterstandenbeleid (OAB) loopt van 2018 tot 2025 en bestaat uit verschillende onderdelen, die inhoudelijk nauw met elkaar samenhangen. De landelijke coördinatie voor het programma ligt bij Joke Kruiter van onderwijsadviesbureau Sardes.
De aanpak valt uiteen in drie afzonderlijke onderzoeken en een grootschalig R&D-programma. Dat laatste is opgezet door het ministerie van OCW, het NRO en de PO-Raad. De programma-onderdelen die via het NRO worden gefinancierd vallen onder de verantwoordelijkheid van de Programmacommissie Onderwijsachterstanden-beleid en Gelijke Kansen.
Ook bij enkele andere organisaties loopt nog onderzoek in het kader van OAB.
Onderzoeken
- Meting intelligentie primair onderwijs.
Dit project test een maat voor intelligentie, die het CBS mogelijk toepast bij de herijking van zijn indicator voor onderwijsachterstanden in 2025. - Monitor Implementatie en besteding van gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid (GOAB)
- Effectstudie Voorschoolse Educatie: een natuurlijk experiment in Nederlandse gemeenten (EVENING)
R&D-programma
Het R&D-programma kent verschillende onderdelen. Het omvat twee onderzoeken, naar het integrale schoolbeleid voor onderwijsachterstanden en naar selectieve verwachtingen in de ‘vroegschool’. Daarnaast zijn vier werkplaatsen ingericht, waarin onderzoekers en praktijkprofessionals samenwerken op lokaal niveau om onderwijsachterstanden terug te dringen. Naar het opereren van de werkplaatsen wordt ‘flankerend onderzoek’ gedaan. Ten slotte wordt bestaande en nieuwe kennis over de bestrijding van onderwijsachterstanden gedeeld op onderwijskennis.nl.
- Onderzoek OAB in de school
- Onderzoek OAB in de vroegschoolse context
- Werkplaats Gelijke Onderwijskansen Amsterdam
- Werkplaats Onderwijskansen Arnhem Nijmegen
- Werkplaats Onderzoek Onderwijskansen Noord-Nederland
- Werkplaats Onderzoek Utrecht GO (Gelijke Onderwijskansen)
- Flankerend onderzoek werkwijzen en opbrengsten werkplaatsen onderwijsonderzoek OAB
- Kennisdeling op kennisplein Onderwijskansen: kennisoverzichten, podcasts, webinars
Een consortium onder leiding van Ton Klein (Oberon) en Heleen Versteegen (Sardes) voert van december 2019 tot juni 2024 de landelijke regie over het R&D-programma. Daarnaast is voor dit programma-onderdeel een begeleidingscommissie ingesteld.
Begeleidingscommissie
OAB-onderzoek bij andere organisaties
- De kwaliteit van de voorschoolse educatie (Inspectie van het Onderwijs)
- De kwaliteit van de vroegschoolse educatie (Inspectie van het Onderwijs i.s.m. CPB)
- Evaluatie van de nieuwe CBS-indicator (CBS i.s.m. OCW)
Budget
In totaal € 6,3 miljoen, waarvan € 4,5 miljoen voor onderzoek en € 1,8 miljoen voor kennisdeling en regievoering.