Het uitdragen en verbeteren van de META-methode

Projectnummer
405-17-831
Titel
Het uitdragen en verbeteren van de META-methode.
Programma
Organisatie
NRO
Looptijd
1-4-2017 t/m 01-04-2018
Onderwijssector
vo
Status
Afgerond

Leerlingen hebben vaak moeite om bij het leren een juiste aanpak te kiezen. Soms kennen ze maar één leerstrategie en weten ze niet dat er meerdere effectieve aanpakken zijn waaruit ze kunnen kiezen. Dat is bijzonder omdat docenten in de klas vaak veel tijd besteden aan het voordoen of modelleren van een juiste aanpak of strategie. Waarom is deze methode van modelleren niet altijd effectief? Het blijkt dat leerlingen én docenten zich er niet altijd bewust van zijn dat bij de uitleg voor de klas er een leerstrategie wordt voorgedaan. Er gebeurt namelijk meer dan alleen het uitleggen van een opgave.

Hardop denken

Tijdens het uitleggen gebruiken docenten vaak de techniek van hardop denken. Daarbij stellen zij zichzelf hardop vragen als "Welke stap moet ik nu maken?". "Welke informatie heb ik nog niet gebruikt?". "Doe ik het wel goed?". De bedoeling is dat leerlingen hierdoor het denkproces van de docent begrijpen en inzien dat vragen stellen een goede manier is om een stukje verder te komen in het aanpakken van een vraagstuk. Vaak blijkt dat leerlingen de vragen wel horen maar deze alleen zien als begeleidende tekst die bij de uitleg hoort. Zowel docenten als leerlingen beseffen vaak niet goed dat jezelf vragen stellen een enorm effectieve leerstrategie is.

Vragenkaarten

In de META-methode, acroniem voor metacognitieve expliciete training om leerlingen te activeren, leren docenten deze leerstrategie expliciet in te zetten. Zij maken zelf vragenkaarten bij een onderwerp en leren leerlingen deze te gebruiken in de les. Op de vragenkaart wordt zichtbaar welke vragen er gesteld kunnen worden bij een bepaald onderwerp. Omdat de vragen op de META-kaarten gekoppeld zijn aan de fases binnen de leerstrategie; oriënteren, plannen, uitvoeren en controleren, leren leerlingen dat ze een proces moeten doorlopen om een vraagstuk tot een goed einde te brengen. Een goed antwoord is het gevolg van een succesvol doorlopen aanpak.

Werkvormen

Docenten die de methode toepassen in hun les doen dit door leerlingen regelmatig korte opdrachten uit te laten voeren, waardoor de vier fases van oplossen afwisselend onder de aandacht komen. Zo moeten leerlingen punten uitdelen voor elkaars huiswerk en daarbij beargumenteren waarom (controleren). Of in eigen woorden de opdracht aan elkaar uitleggen en de signaalwoorden benoemen (oriënteren). Of samen mindmaps maken over nieuwe of oude stof. Zo leert de leerling actief een ordening aan te brengen in het geleerde. Na enige tijd kunnen leerlingen zelf een vragenkaart maken bij een onderwerp of kunnen zij een aantal strategieën benoemen waarmee ze een probleem willen oplossen.

Praktijk en theorie

De vragenkaart en actieve werkvormen komen aan de orde in de training Metacognitie in de klas. Deze training is ontwikkeld na afloop van het onderzoek De metadenkende leerling. Uit dit onderzoek bleek dat de zwakkere leerlingen voor wiskunde na het gebruik van de vragenkaarten significant beter scoorden dan ervoor. De lesmethode probeert literatuur over metacognitie en probleemoplossen te verbinden met de dagelijkse lespraktijk. De vragenkaart lijkt daarin een effectief visueel middel om aandacht te besteden aan zowel de fases van probleemoplossen als de metacognitieve strategieën (oriënteren, plannen, monitoren en controleren) die hiervoor nodig zijn. De META-kaart wordt als didactisch hulpmiddel genoemd in de SLO-brochure Ontwerpen van wiskundige denkactiviteiten onderbouw havo/vwo.

Materialen van de training

Het ontwikkelen van cursusmateriaal en het geven van presentaties en trainingen aan leraren in opleiding en vaksecties op middelbare scholen is mogelijk gemaakt door de NRO-subsidie Kennisbenutting-Plus. Het cursusmateriaal bevat voorbeelden van vragenkaarten, een instructie hoe je de kaarten moet ontwerpen en ideeën voor gebruik in de les. Ook zijn er filmpjes gemaakt met lesimpressies en gebruikerservaringen van docenten uit het onderzoek.


Producten:

  • Handreiking voor het gebruik van de META-methode, P. Nijhof, R. Ernst-Militaru, 2018
    In de handreiking zijn de materialen verzameld die gebruikt zijn in de cursus Metacognitie in de klas. De handreiking is bedoeld voor VO-docenten die het gebruik van metacognitieve vaardigheden in hun lessen willen stimuleren. De handleiding bevat veel praktisch materiaal en tips om direct in de klas te kunnen beginnen.
  • Lege META-kaart
    Met dit document kunnen docenten zelf een META-kaart maken.
  • Presentatie bijeenkomst 1 Metacognitie in de klas, R. Ernst-Militaru , P. Nijhof, 2018
    Deze powerpoint beschrijft de achtergronden van de META-methode. Er wordt in uitgelegd hoe de metacognitieve vragenkaarten werken en hoe je ze zelf kunt maken. Ook komen de opbrengsten van het onderzoek de metadenkende leerling aan de orde. Deze powerpoint is de basis van de eerste bijeenkomst in de cursus Metacognitie in de klas.
  • Presentatie bijeenkomst 2 Metacognitie in de klas, P. Nijhof, R. Ernst-Militaru, 2018
    Deze powerpoint is het vervolg op de eerste presentatie over de META-methode. Besproken wordt welke metacognitieve vaardigheden geoefend worden met de methode. Voorbeelden van werkvormen in de klas worden genoemd. En het belang van hardop denken en reflecteren op fouten komt aan de orde. Deze powerpoint is de basis van de tweede bijeenkomst in de cursus Metacognitie in de klas.

Publicaties:

Projectleider

Naam projectleider
Instelling projectleider
P. Nijhof MSc
Hermann Wesselink College
Relevante link(s)

Deze projectendatabase onderwijsonderzoek is in ontwikkeling en zal stap voor stap worden verbeterd. We horen graag uw reactie. Stuurt u deze alstublieft naar: webbeheer@nro.nl.