Projectendatabase onderwijsonderzoek

Welkom in de projectendatabase onderwijsonderzoek van het NRO. In deze database vindt u alle onderzoeksprojecten van het NRO, aangevuld met onderzoeksprojecten van andere organisaties. Meer informatie over deze database.

Een praktijkonderzoek naar effectief handelen bij externaliserend leerlinggedrag

Titel
Een praktijkonderzoek naar effectief handelen bij externaliserend leerlinggedrag
Onderwijssectori
De sector waar het project zich op focust. Een project kan op meerdere sectoren betrekking hebben.
so/vso
Thema
Pedagogische functie van het onderwijs
Organisatiei
Door welke organisatie wordt het project uitgezet. NB: dit is niet per definitie hetzelfde als de instelling van uitvoering.
NRO
Instelling projectleider
RENN4
Naam projectleider
Dr. J.O. Bijstra
Statusi
Indicator of het project reeds afgerond, lopend, of nog aankomend is.
Afgerond
Looptijd
1-4-2018 t/m 31-12-2019
Programma
Projectnummer
405-18-646

Speciaal onderwijs leraren komen hun regulier onderwijs collega's te hulp!

Veel leraren in het regulier onderwijs hebben behoefte aan hulp hoe om te gaan met leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben. Dit geldt vooral wanneer leerlingen gedrag laten zien waar de leraar en klasgenoten last van hebben: druk, dwars, agressief etc. Omdat leraren in het (voortgezet) speciaal onderwijs cluster 4 experts zijn op het gebied van omgaan met probleemgedrag van leerlingen, is in dit onderzoek hun handelen als reactie op dat probleemgedrag in kaart gebracht. Er zijn geen handelingen die naar voren komen als meer effectief in het oplossen van probleemgedrag dan andere; wel zijn enkele handelingen minder effectief dan andere. Maar bovenal is het belangrijk voor het onder controle krijgen van probleemgedrag dat de relatie tussen leraar en leerling goed is.

Uitgangspunt van dit onderzoek is om leraren in het regulier onderwijs handvatten te bieden hoe te handelen in situaties met probleemgedrag van leerlingen. Handelen van hun collega's uit het (voortgezet) speciaal onderwijs kan daarbij als voorbeeldgedrag dienen. Om dat in beeld te brengen, zijn van 17 (voortgezet) speciaal onderwijs scholen 61 leraren geobserveerd met behulp van een digitaal observatie-instrument. In elke klas is bij twee leerlingen geobserveerd welk soort probleemgedrag zij laten zien in incidenten en op welke wijze leraren hierop reageren. De in totaal geobserveerde 287 incidenten zijn als volgt bekeken: zijn er leraarhandelingen die invloed hebben op het aantal incidenten tijdens de observatieperiode, op hoe lang een incident duurt, op hoe lang het duurt voordat er weer een nieuw incident is, op hoe lang duurt het voordat het eerste incident optreedt en of het incident überhaupt binnen de observatieperiode stopt. Naast deze observaties hebben leerlingen met behulp van een vragenlijst hun oordeel gegeven over het klassenklimaat en leraren (eveneens met een vragenlijst) over de leraar-leerling relatie.

De geobserveerde leerlingen laten vooral verbaal probleemgedrag en regels schenden zien. Leraren reageren vooral met korte verbale signalen (bijvoorbeeld het met nadruk noemen van de naam), negeren van gedrag, vragen stellen om de leerling tot inzicht te brengen en een afspraak maken over het gedrag. Meer op de emotie gerichte handelingen (bijvoorbeeld emoties verwoorden en de leerling helpen zijn/haar emoties te verwoorden) komen het minst voor. We vinden geen enkele handeling die er positief uitspringt in het realiseren van minder incidenten, een kortere duur van en tussen incidenten en een langere duur tot het eerste incident. Wel zijn er handelingen die een negatief effect hebben: zo houden incidenten langer aan wanneer leraren gebruik maken van negeren van gedrag en verbale signalen. Dit is opvallend omdat dit veel gebruikte handelingen zijn.

Leraren hebben in het algemeen een redelijk positieve relatie met hun leerlingen en leerlingen zijn gemiddeld genomen eveneens redelijk positief over het klassenklimaat en over de leraar-leerling relatie. Een belangrijke bevinding is daarbij dat er bij een wederzijdse positieve relatie minder incidenten plaatsvinden en dat het langer duurt voordat het eerste incident begint.

We concluderen dat we geen 'top vijf' van meest succesvolle handelingen hebben kunnen vinden, maar dat er wel handelingen zijn die een negatieve invloed hebben. Gezien de aard van deze handelingen (onder andere negeren en verbale signalen) luidt het advies: vermijd handelingen die ertoe kunnen leiden dat de leerling zich niet gehoord of begrepen voelt. Van belang is de bevinding dat een goede leraar-leerling relatie positieve invloed heeft op incidenten. Een voorzichtige conclusie luidt dan ook dat het er misschien niet zo toe doet welke handelingen leraren inzetten zolang zijzelf en de leerlingen de relatie maar als goed ervaren.​

Relevante link(s)

Deze projectendatabase onderwijsonderzoek is in ontwikkeling en zal stap voor stap worden verbeterd. We horen graag uw reactie. Stuurt u deze alstublieft naar: webbeheer@nro.nl.