Effecten van zelfbeoordeling op de professionele ontwikkeling van leraren

Projectnummer
411-06-312
Titel
Effects of self-assessment on teachers' professional development
Programma
Samenhangende onderzoeksprojecten
Organisatie
NRO
Looptijd
1-9-2007 t/m 1-9-2012
Onderwijssector
mbo
Thema
Leren en onderwijzen, Opleiden en professionalisering van leraren
Status
Afgerond

Zelfbeoordeling door docenten wordt in dit onderzoek opgevat als een belangrijke strategie voor professionele ontwikkeling. Zelfbeoordeling kan leiden tot nieuwe inzichten of bewustwording van aspecten die ontwikkeling behoeven. Zelfbeoordeling is niet noodzakelijk een individuele activiteit, ook ‘peers’ kunnen in het kader van een zelfbeoordelingsprocedure de zelfbeoordelaar voorzien van nuttige feedback.

In dit onderzoek stond de volgende vraagstelling centraal: wat zijn de effecten van een zelfbeoordelingsprocedure op de ontwikkeling van docentcompetenties gericht op het bevorderen van reflectievaardigheden van studenten in het MBO-onderwijs voor de opleiding Zorg?

Het onderzoek bestond uit drie deelstudies. In de eerste deelstudie is met het oog op eigenaarschap, bruikbaarheid en toepasbaarheid in de eigen context samen met docenten een zelfbeoordelingsprocedure ontwikkeld in een iteratief proces van gegevensverzameling en verwerking (n=24). De procedure bestond uit: criteria en standaarden voor zelfbeoordeling, feedback van collega’s op een geobserveerde les, en een format voor een geschreven reflectieverslag. De procedure is in een pilot uitgeprobeerd. Vervolgens zijn docenten getraind in het gebruik van de procedure.

In vervolgstudies zijn effecten van deze zelfbeoordelingsprocedure systematisch onderzocht. Doel van deze vervolgstudies was om inzicht te krijgen in: (1) hoe docenten de onderdelen van de zelfbeoordelingsprocedure gebruiken, (2) hoe docenten zichzelf beoordelen en beoordeeld worden door collega’s, (3) tot welke leeruitkomsten en activiteiten voor leren de zelfbeoordelingsprocedure leidt, en (4) welke veranderingen zich als gevolg van herhaald doorlopen van de procedure voordoen in zelfbeoordelingen, beoordelingen door collega’s en in wat en hoe docenten leren.Daartoe zijn gedurende anderhalf jaar op drie momenten zelfbeoordelingen, collegabeoordelingen, gefilmde feedback gesprekken en geschreven reflectieverslagen van 24 docenten verzameld en geanalyseerd.

Ten slotte zijn na het herhaald doorlopen van de zelfbeoordelingsprocedure semi-gestructureerde interviews afgenomen om de bruikbaarheid van de zelfbeoordelingsprocedure vast te stellen.

Lager scoren dan je collega’s

Voor wat betreft het gebruik van de zelfbeoordelingsprocedure kan worden geconcludeerd dat deze leidde tot redelijk positieve zelfbeoordelingen en oordelen van collega’s, constructieve feedback door de collegabeoordelaars, en duidelijke en informatieve reflectieverslagen voornamelijk gericht op eigen acties als gevolg van de zelfbeoordeling. Hoe docenten zichzelf beoordeelden, beoordeeld werden door collega’s en welke trends en veranderingen optraden in de beoordelingen na herhaald gebruik kan worden geconcludeerd dat: (1) zelfbeoordelaars geneigd zijn iets lager dan collega’s te scoren over alle momenten heen, (2) de ‘hoe’ aspecten van coachen door zowel zelfbeoordelaars als collega’s als behoorlijk goed werden beoordeeld, maar de ‘wat’ en ‘wanneer’ aspecten van coaching daarentegen als minder goed, en (3) sprake was van aanzienlijke maar niet significante verschillen voor individuele docenten na herhaald en longitudinaal doorlopen van de zelfbeoordelingsprocedure.

Wat en hoe docenten leren van de zelfbeoordelingsprocedure en zichtbare veranderingen daarin kenmerkte zich door: (1) bewustwording van nieuwe aspecten van het coachen van reflectievaardigheden van studenten, (2) leren van de inhoud (het wat) van coachen van reflectievaardigheden van studenten en condities voor het coachen van deze vaardigheden (het hoe), (3) een cyclische ontwikkeling van toegenomen bewustzijn naar bevestiging van ideeën en opnieuw naar toegenomen bewustzijn, en (4) het erop nahouden vaneen voornamelijk op uitvoerings- of toepassingsgerichte leerstijl door de docenten.

Ten slotte werd gevonden dat docenten de verschillende elementen van de zelfbeoordelingsprocedure als heel bruikbaar hebben ervaren, maar de totale procedure als minder bruikbaar. Mogelijk heeft dit te maken met de relatief lange periode tussen de verschillende rondes waarin de zelfbeoordelingsprocedure doorlopen diende te worden en dat het leren volgens docenten vooral leidde tot bewustwording en inzicht en in mindere mate tot gedragsverandering.

Implicaties voor de praktijk

Zelfbeoordeling blijkt een bruikbare methodiek voor het leren van docenten. Wel lijkt het wenselijk om bij herhaald gebruik periodes tussen de rondes te verkorten, docenten uitgebreider te trainen in het gebruik van de procedure en om maatregelen te treffen die docenten ondersteunen bij het realiseren van leerdoelen in de praktijk.

Projectleider

Naam projectleider
Instelling projectleider
Prof. dr. D. Beijaard
Technische Universiteit Eindhoven, Eindhoven School of Education
Relevante link(s)
Gerelateerde projecten

Deze projectendatabase onderwijsonderzoek is in ontwikkeling en zal stap voor stap worden verbeterd. We horen graag uw reactie. Stuurt u deze alstublieft naar: webbeheer@nro.nl.