Projectendatabase onderwijsonderzoek

Welkom in de projectendatabase onderwijsonderzoek van het NRO. In deze database vindt u alle onderzoeksprojecten van het NRO, aangevuld met onderzoeksprojecten van andere organisaties. Meer informatie over deze database.

Digitaal ondersteunde assessment in het rekenonderwijs

Titel
Digitaal ondersteunde assessment in het rekenonderwijs
Onderwijssectori
De sector waar het project zich op focust. Een project kan op meerdere sectoren betrekking hebben.
basisonderwijs
Thema
Domeinspecifieke aspecten van onderwijs en vakdidactiek - rekenen en wiskunde, ICT en onderwijs
Organisatiei
Door welke organisatie wordt het project uitgezet. NB: dit is niet per definitie hetzelfde als de instelling van uitvoering.
NRO
Instelling projectleider
Rijksuniversiteit Groningen
Naam projectleider
Prof. dr. R.J. Bosker
Statusi
Indicator of het project reeds afgerond, lopend, of nog aankomend is.
Afgerond
Looptijd
1-8-2011 t/m 31-1-2016
Programma
Projectnummer
411-10-758

Controleren en hulp op maat tijdens de les bieden blijkt lastig

Leerkrachten in het basisonderwijs vinden het lastig om tijdens de les op een systematische manier het begrip van de leerlingen te controleren en vervolgens hulp op maat te bieden. Dit blijkt uit onderzoek van de Rijksuniversiteit Groningen.

Een vragenlijst onder 224 leerkrachten laat zien dat de meeste leerkrachten hulp in de vorm van verlengde instructie bieden aan hun leerlingen. Echter, tijdens de les controleren weinig leerkrachten op een systematische wijze of alle leerlingen het lesdoel hebben begrepen. Bovendien leiden deze controles niet altijd tot hulp op maat tijdens de les. De verlengde instructie lijkt dus vooral gebaseerd te zijn op de resultaten van de leerlingvolgsysteem- en methodetoetsen.

Het is de vraag of verlengde instructie op basis van leerlingvolgsysteem- en methodetoetsen de rekenprestaties van alle leerlingen zal verhogen. “Het geven van verlengde instructie op basis van dergelijke momentopnamen kan ertoe leiden dat zwakke leerlingen soms onterecht verlengde instructie krijgen. Tegelijkertijd kan het er ook toe leiden dat sterkere leerlingen soms niet in aanmerking komen voor verlengde instructie, terwijl zij dit wel nodig hebben”, stelt onderzoeker Marian van den Berg. Vandaar dat de onderzoekers in samenwerking met zes leerkrachten een model hebben ontwikkeld waarmee leerkrachten tijdens de les systematisch het begrip van de
leerlingen controleren en hulp bieden aan die leerlingen die dat nodig hebben. Gebruik van dit model zou de rekenprestaties van leerlingen moeten verbeteren. Het model bestaat uit vier stappen:

  1. Een doelgerichte instructie aanbieden aan de hele groep;
  2. Tijdens het zelfstandig werken het begrip van de leerlingen controleren;
  3. Verlengde instructie geven aan die leerlingen die problemen ondervinden met het lesdoel;
  4. Wekelijks een digitale quiz uitvoeren en op basis van de resultaten (verlengde) instructie aanbieden.

Na enkele aanpassingen waren de zes leerkrachten enthousiast over de uitvoerbaarheid en werking van het model.

Om te bepalen of het model ook op grotere schaal en voor een langere tijd uitvoerbaar zou zijn, hebben 19 leerkrachten het model gedurende een half jaar in hun onderwijs toegepast. Het blijkt dat na training en coaching in de klas de leerkrachten een doelgerichte instructie kunnen aanbieden en het begrip van de leerlingen kunnen controleren. Het geven van verlengde instructie op maat blijkt daarentegen moeilijk uitvoerbaar. Ook bij de wekelijkse quizzen blijkt het geven van verlengde instructie op basis van de resultaten lastig.

In een vervolgstudie is onderzocht of het gebruik van het model leidt tot betere rekenprestaties bij leerlingen. Gedurende een jaar gebruikten 17 leerkrachten het model voor systematische controle en hulp op maat tijdens het rekenonderwijs. In de controleconditie analyseerden 17 leerkrachten de Cito-toetsen van hun zwakke leerlingen. Zij maakten een overzicht waarin te zien was op welke specifieke rekendomeinen de zwakke leerlingen uitvielen. Vervolgens stelden ze een plan op om voorafgaand aan elke lesweek aan de zwakke leerlingen instructie te geven over doelen die zij waarschijnlijk lastig zouden gaan vinden. De leerlingen in beide condities maakten een voor- en natoets gericht op rekenen. De natoetsscores laten geen verschil zien in rekenprestatie tussen de leerlingen in de experimentele conditie en de leerlingen in de controleconditie.

Een verklaring voor het uitblijven van een effect kan zijn dat leerkrachten het lastig vinden om op basis van de uitgevoerde controles een kwalitatief goede verlengde instructie aan te bieden. Deze manier van werken verwacht dat leerkrachten zeer snel een probleem kunnen analyseren en onmiddellijk de juiste didactische kennis paraat hebben om het probleem op te lossen. Hiervoor hebben leerkrachten een diepgaande kennis van het vakgebied nodig. Er zal waarschijnlijk speciale nascholing, coaching en ondersteuning vanuit de schoolorganisatie nodig zijn om leerkrachten deze vaardigheden eigen te maken.​

Relevante link(s)
Gerelateerde projecten

Deze projectendatabase onderwijsonderzoek is in ontwikkeling en zal stap voor stap worden verbeterd. We horen graag uw reactie. Stuurt u deze alstublieft naar: webbeheer@nro.nl.