Projectendatabase onderwijsonderzoek

Welkom in de projectendatabase onderwijsonderzoek van het NRO. In deze database vindt u alle onderzoeksprojecten van het NRO, aangevuld met onderzoeksprojecten van andere organisaties. Meer informatie over deze database.

Invloed van leeromgeving op motivatie, zelfregulering en prestaties van potentieel excellente studenten

Titel
Enhancing the development of motivation, self-regulation and achievements for potentially excellent students through an integrated enriched learning arrangement in mathematics and history education
Onderwijssectori
De sector waar het project zich op focust. Een project kan op meerdere sectoren betrekking hebben.
vo
Thema
Differentiatie en omgaan met verschillen
Organisatiei
Door welke organisatie wordt het project uitgezet. NB: dit is niet per definitie hetzelfde als de instelling van uitvoering.
NRO
Instelling projectleider
Universiteit van Amsterdam
Naam projectleider
Prof. dr. C.A.M. van Boxtel
Statusi
Indicator of het project reeds afgerond, lopend, of nog aankomend is.
Afgerond
Looptijd
4-1-2013 t/m 31-12-2015
Programma
Projectnummer
411-12-626

Leerlingen die in potentie excellent zouden kunnen presteren blijken vaak onder hun niveau te presteren. Een mogelijke verklaring die wordt gegeven is gebrek aan uitdaging en motivatie. Leerlingen kunnen meer uitgedaagd worden door open en betekenisvolle groepsopdrachten aan te bieden, opdrachten waarbij meerdere aanpakken en oplossingen mogelijk zijn en aansluiten bij de belevingswereld van leerlingen. Aan de andere kant is ook het bieden van structuur belangrijk voor de motivatie. In dit onderzoek is onderzocht hoe docenten van vwo-5 klassen hun lessen zodanig kunnen aanpassen, dat leerlingen met een hoog cognitief vermogen worden uitgedaagd en gemotiveerd worden beter te presteren zonder dat dit ten koste gaat van de andere leerlingen. Daarbij is nagegaan wat het effect is van de mate van structuur en de groepssamenstelling (homogeen of heterogeen in cognitief vermogen) op de motivatie en leerprestaties van leerlingen. Voor geschiedenis en wiskunde werden twee verrijkingsprogramma’s ontwikkeld: één met laaggestructureerde groepsopdrachten en één met relatief hooggestructureerde groepsopdrachten. De hooggestructureerde opdrachten waren nog steeds relatief open maar er werden aanwijzingen gegeven over de werkwijze.

Het effect van de ontworpen lessen op de motivatie en leerprestaties van leerlingen werd onderzocht in een quasi-experimentele opzet met een voor- en nameting. Er deden 19 wiskundeklassen (439 leerlingen) en 24 geschiedenisklassen (518 leerlingen) mee aan het onderzoek. In de experimentele condities werd, gedurende een periode van acht tot tien weken, meer dan de helft van de lessen vervangen door de groepsopdrachten. Op basis van een intelligentietest (Raven’s Advanced Progressive Matrices), werden leerlingen met een hoog cognitief vermogen geïdentificeerd en homogene en heterogene groepjes van drie samengesteld. De groepjes werden binnen klassen aselect toegewezen aan de laag- of hooggestructureerde groepsopdrachten. Daarnaast was er een controlegroep waar leerlingen het reguliere programma over dezelfde leerstof volgden.

Uit het onderzoek bleek dat bij geschiedenis de groepsopdrachten een positief effect hadden op leerprestaties van alle leerlingen. De grootste leereffecten werden gevonden voor leerlingen met een hoog cognitief vermogen die zelf aangaven onder te presteren. Bij wiskunde werden geen effecten op leerprestaties gevonden en zowel bij geschiedenis als bij wiskunde hadden de groepsopdrachten geen effect op de motivatie van leerlingen. De mate van structuur en de groepssamenstelling bleken geen invloed te hebben op de motivatie en leerprestaties van leerlingen. Wel bleek dat leerlingen hun groepsleden positiever beoordeelden wanneer ze werkten in homogene groepjes. Daarnaast had bij geschiedenis een lage mate van structuur een positief effect op de kwaliteit van de interactie van leerlingen met een hoog cognitief vermogen. Bij de laaggestructureerde opdrachten werden door deze leerlingen meer verdiepende uitspraken gedaan dan bij de meer gestructureerde opdrachten.

Voor het vak geschiedenis lijken open en betekenisvolle groepsopdrachten dus effectief te zijn voor alle leerlingen in vwo-5. Het effect van de groepsopdrachten op de leerprestaties bij geschiedenis lijkt niet te kunnen worden verklaard door een toename in motivatie. Mogelijk zijn leerlingen die werken aan open en betekenisvolle groepsopdrachten meer en op een meer verdiepende manier bezig met de leerstof, zonder dat ze het gevoel hebben zich meer in te zetten en meer gemotiveerd te zijn.

Relevante link(s)

Deze projectendatabase onderwijsonderzoek is in ontwikkeling en zal stap voor stap worden verbeterd. We horen graag uw reactie. Stuurt u deze alstublieft naar: webbeheer@nro.nl.