Taal in het primair onderwijs

Op deze pagina vindt u actuele informatie over het onderzoeksprogramma Taal in het primair onderwijs.

Doel van het programma
In Nederland bestaat een breed gedeelde bezorgdheid over de taalvaardigheden van scholieren en studenten. Het ministerie van OCW, scholen en andere instellingen spannen zich daarom in om de kwaliteit van het onderwijs in deze basisvaardigheden te verhogen.

Antwoorden op de vraag hoe dat gebeuren moet, zijn echter niet eenvoudig te geven, laat staan uit te voeren. Met dit onderzoeksprogramma naar taal in het primair onderwijs wil het ministerie van OCW een aantal van de meest prangende kwesties op dit terrein nader onderzoeken.

De te formuleren antwoorden moeten relevant zijn vanuit wetenschappelijk perspectief, maar op termijn ook een bijdrage leveren aan de verbetering van de taalvaardigheden van scholieren in het primair onderwijs.

De afstand tussen wetenschap en onderwijspraktijk wordt doorgaans als groot ervaren. Behalve voor een wetenschappelijk onderzoeksprogramma was daarom ook budget gereserveerd voor een R&D-programma. In dit programma wordt uitgegaan van een aanpak, die de gehele keten van fundamenteel onderzoek tot en met toepassing in de klas omvat, maar die zich op een bepaald deel van dat traject kan toespitsen – daarbij gebruikmakend van reeds aanwezige kennis en inzichten.

Deze aanpak vergt de deelname van meer partijen dan alleen wetenschappelijke onderzoekers. Denk aan de Landelijke Pedagogische Centra, HBO-lectoren, PABO’s en scholen. Onderzoekers die een voorstel voor een R&D-onderzoek  indienen, moesten dat daarom samen doen met partners uit, of gericht op, de onderwijspraktijk.

Onderwerpen wetenschappelijke projecten binnen het programma Taal in het primair onderwijs
Er zijn vier onderwerpen voor theoretisch onderzoek naar de verbetering van het taal- en leesonderwijs:

  1. Opvattingen, kennis en vaardigheden van leerkrachten in relatie tot hun didactisch handelen en leeropbrengsten;
  2. De effectiviteit van principes voor onderwijs in mondelinge vaardigheden;
  3. Gedifferentieerde instructie en leerstof voor leesstrategieën;
  4. Efficiënte leerprincipes voor werkwoordspelling.

Onderwerpen R&D-projecten binnen het programma Rekenen in het primair onderwijs
Er zijn drie onderwerpen voor R&D-onderzoek. Dit onderzoek dient het taalonderwijs zowel op schoolniveau als op het niveau van de klas te versterken.

  1. Diagnose en evaluatie van onderwijsleerprocessen en hun opbrengsten in relatie tot differentiatie naar leerbehoeften;
  2. De implementatie en effectiviteit van een leerlijn schrijfvaardigheid;
  3. Onderwijsarrangementen voor lees- en schrijfvaardigheid met nieuwe media en digitale leermaterialen.

Budget
Het budget is afkomstig van het ministerie van OCW.

Budget wetenschappelijke projecten
Totaal: 700.000
Per onderzoeksproject: maximaal 300.000

Budget R&D-projecten
Totaal: 1.400.000
Per onderzoeksproject: maximaal 900.000

Toegekende projecten
Alle toegekende projecten vindt u in de NRO-onderzoeksprojecten database.

Bijeenkomsten
Op 7 februari 2014 is er een bijeenkomst georganiseerd voor de betrokkenen uit de twee PROO-programma’s ‘Rekenen in het Primair Onderwijs’ en ‘Taal in het Primair Onderwijs’: projectleiders, leden van de projectteams en uitvoerders, consortiumpartners, betrokkenen vanuit het ministerie van OCW en andere belangstellenden. Doel was voornamelijk elkaar informeren. Het ochtendprogramma bevatte twee parallelsessies met projectpresentaties. In het plenaire middagprogramma werd gezocht naar de tips & trucs voor het uitvoeren van een Research & Development-traject op basis van opgedane ervaringen.

Contactpersoon
Liesbet de Haas
proo@nro.nl
tel. 070 344 0957

Beoordelingscommissie
Voorzittter
Prof. dr. J.K. Lenstra – Centrum Wiskunde & Informatica

Leden
Prof. dr. F. Daems – Universiteit Antwerpen
Prof. dr. P. Ghesquière – Katholieke Universiteit Leuven
Prof. dr. F. Kuiken – Universiteit van Amsterdam
Prof. dr. K. Lombaerts – Vrije Universiteit Brussel
Mw. dr. G.J. Reezigt – Inspectie van het onderwijs
Mw. dr. A. Schaufeli – Expertisecentrum Nederlands
Mw. dr. T. van Schilt-Mol – Universiteit van Tilburg
Dr. C.G.Th. Vernooy – Hogeschool Edith Stein