Terugblik: financieringsrondes in 2014

Financiering van onderwijsonderzoek via het NRO startte in 2014. Met name aan het einde van dit jaar hebben we veel ‘calls for proposals’ gepubliceerd. Voor een deel vloeide dit voort uit de programmering van onderzoek op grond van de structurele subsidie van ongeveer 15 miljoen per jaar die het NRO ontvangt. Voor een ander deel betreft het incidentele subsidies voor specifieke onderzoeksthema’s: die telden in 2014 op tot nog eens ruim 10 miljoen euro.

Praktijkgericht onderwijsonderzoek

Vanuit de structurele subsidie werd door de Programmaraad voor Praktijkgericht Onderwijsonderzoek een call uitgezet voor driejarig onderzoek, met als onderwerpen leren en instructie, de kwaliteit van toetsen en beoordelen, en leren voor de toekomst (binnen- en buitenschools leren; onderwijs anders organiseren).
Ook werd de jaarlijkse call voor kortlopend onderzoek uitgezet, met twee thema’s die ook bij driejarig onderzoek spelen: leren en instructie en de kwaliteit van toetsen en beoordelen. Daarnaast zijn in deze call twee thema’s herhaald die in de vorige ronde veel belangstelling trokken: differentiatie en het gebruik van ICT.
Verder werd specifiek voor het beroepsonderwijs een call uitgezet over de overgang van studenten van mbo naar hbo, personele organisatie en onderwijskwaliteit, en de onderzoeksmatige houding van docenten.

Beleidsgericht onderwijsonderzoek

De Programmaraad voor Beleidsgericht Onderwijsonderzoek zette, overeenkomstig de onderzoeksprogrammering 2014-2016, onderzoek uit naar de kwantiteit en kwaliteit van docenten: het organisatieperspectief, aansturing en bestel, overgangen en aansluitingen en vakmanschap in onderwijs en bedrijfsleven.

Fundamenteel onderwijsonderzoek

De Programmaraad voor Fundamenteel Onderwijsonderzoek zette dit jaar geen nieuwe call uit. Wel werd, overeenkomstig het onderzoeksprogramma 2012-2015, de call afgerond voor samenhangende projecten op het terrein van onderwijsleerprocessen en hun opbrengsten, onderwijspersoneel en schoolorganisatie, het onderwijsstelsel en de pedagogische functie van het onderwijs af.

Doorsnijdend onderwijsonderzoek

Bij de Overkoepelende Programmaraad voor Onderwijsonderzoek zijn programma’s ondergebracht die diverse invalshoeken kennen. De call voor overzichtspublicaties werd daarom door deze raad uitgezet, evenals de call voor projecten op het terrein van differentiatie die een combinatie kende van fundamentele, praktijkgerichte en beleidsgerichte vraagstellingen. Ook de calls voor onderzoek in het kader van de Lerarenagenda en voor onderzoek naar 21ste-eeuwse vaardigheden werden door deze raad uitgezet.

Incidentele extra financiering

Hiernaast bleek veel onderzoek noodzakelijk dat voortvloeide uit ontwikkelingen in het onderwijs en veranderingen op grond van beleid. Hiervoor stelde het Ministerie van OCW incidenteel extra financiering beschikbaar. Voor dit onderzoek is gewoonlijk de periode waarbinnen het onderzoek moet worden uitgevoerd cruciaal.

Dit betekende vaak dat er relatief snel deadlines voor indiening moesten worden vastgesteld. Dit geldt voor de calls over:

  • Passend Onderwijs (korte termijn- en meerjarige evaluatie)
  • Professionele Leergemeenschappen in het Voortgezet Onderwijs
  • Open en Online hoger onderwijs
  • Effecten Anti-pestprogramma’s
  • Evaluatie meerjarig evaluatieprogramma van twee beleidsinterventies in het mbo (de inwerkingtreding van de wet Doelmatige Leerwegen en de implementatie van de herziene kwalificatiestructuur)
  • Bewegen en leerprestaties

Naast deze spoedeisende calls stelde het Ministerie van Economische Zaken extra financiering beschikbaar voor onderzoek over Groen Onderwijs.

Deze calls vanuit extra incidentele financiering maakten een fors deel uit van het totaal aan subsidiemogelijkheden van het NRO. Dat blijkt onder andere uit de budgetten hiervoor. De incidentele subsidies tezamen kenden een bedrag van € 10.400.000. Voor projecten uit de structurele middelen was € 18.450.000 beschikbaar.

Inspanningen

Bij elkaar leveren deze calls een stevige reeks onderzoeksprojecten op, waarvan het onderwijs op afzienbare termijn kan profiteren. Het vroeg ook veel inspanningen van aanvragers, beoordelaars, leden van de programmaraden en het bureau van NRO. Zou 2015 minder calls kennen dan het startjaar 2014? We gaan het zien.

Jelle Kaldewaij, directeur NRO

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *