Toekenningen praktijkgericht onderzoek Excellentie MBO & HO

Er is NRO-subsidie toegekend aan praktijkgerichte onderzoeken naar excellentie in het MBO, HBO en WO. Het gaat om drie onderzoeksprojecten in het middelbaar beroepsonderwijs en drie in het hoger onderwijs. 

In totaal gaat ca. 9 ton naar het onderzoek in het MBO en ca. 1,9 miljoen naar het onderzoek in het hoger onderwijs. U vindt hieronder een beschrijving van de toegekende onderzoeksprojecten.

Onderzoek naar excellentie in het MBO

• Effectieve programma’s voor excellent vakmanschap: How to succesfully support a variety of climbers to the top?

In dit project ontwikkelen en implementeren docenten van het MBO College Zuid (onderdeel ROC van Amsterdam) en onderzoekers van de Hogeschool van Amsterdam gezamenlijk vier excellentieprogramma’s. De docenten worden tegelijkertijd geprofessionaliseerd in ontwerponderzoek. Ook wordt een draaiboek ontwikkeld dat als handvat kan dienen voor de ontwikkeling en implementatie van excellentieprogramma’s op andere opleidingen of MBO-instellingen. Vervolgens wordt in de praktijk getest hoe de disseminatie verloopt binnen andere onderdelen van het ROC van Amsterdam. Zo wil dit onderzoeksproject een bijdrage leveren aan de theorievorming over disseminatie van innovaties.

Onderzoek door: dr. Jannet Doppenberg, dr. Didi Griffioen & prof. dr. Ron Oostdam (allen HvA), dr. Sonja Hoogendoorn, Ronald Wilcke, Marieke Gervers, Marga Douma-Alta MA & Jobartha van Metelen (allen ROC van Amsterdam).

• Excelleren als creatief technisch vakman

Dit onderzoek kijkt naar de kenmerken van excellentieprogramma’s die succesvol opleiden tot creatief-technisch vakman. Het onderzoek wordt uitgevoerd met de vier door de Minister van OCW uitgelichte vakscholen (Cibap, HMC, Mediacollege Amsterdam en SintLucas), die in een gezamenlijke pilot werken aan de totstandkoming van excellentieprogramma’s in hun scholen. Het onderzoek is gericht op a) het definiëren van het begrip excellentie, b) het onderscheiden van elementen in de onderwijsprogramma’s die bijdragen aan de ontwikkeling tot excellent student en c) het onderbouwd ontwikkelen en verbeteren van de excellentieprogramma’s van de vier vakscholen.

Onderzoek door: ir. Hester Smulders (ECBO) met dr. Pieter Baay (ECBO), dr. Evelien Ketelaar (TU Eindhoven), Gerard Scholten (CIBAP), Marianne Dijt (HMC), Anne-Marie Gootjes (Mediacollege Amsterdam) & Joost van Kemenade (SintLucas).

• Topprestaties voor de techniek: een onderzoek naar werkzame mechanismen van excellentietrajecten en de doorwerking daarvan

Op basis van hun excellentieplannen gaan de MBO-instellingen aan de slag om excellentietrajecten te ontwikkelen, uit te voeren en te verbeteren. Ze kiezen hierin eigen werkwijzen en interventies. Een gemeenschappelijk element in de excellentietrajecten is de verbetering van de aansluiting met het werkveld: door ketenstages, coaching van ambitieus ondernemerschap of het aanbieden van nieuwe (top)trajecten gericht op het excelleren in specifieke vakinhoudelijke vaardigheden. Dit onderzoek volgt drie excellentieplannen in uitvoering gedurende drie jaren met een verklarende evaluatie om werkzame elementen te identificeren, die overdraagbaar zijn naar andere opleidingen en instellingen.

Onderzoek door: drs. Marieke Buisman (Kohnstamm Instituut/UvA) met Regina Petit, Erik van Schooten & Arjan van der Meijden (allen Kohnstamm Instituut/UvA), Willem Roos, Sortiros Bouchlas & Gerard Meyer (allen ROC Mondriaan), Edward Strauss, Ad Goverda & Erik Deuling (allen Nova College), Theo van Geffen & Deirdre Swen (beiden Landstede) & Eva Voncken (Bureau Turf).

Onderzoek naar excellentie in het hoger onderwijs

• Excellentie in het hoger onderwijs: selectie, effectiviteit en uitstralingseffecten

Nu het Siriusprogramma tot een einde is gekomen is er behoefte aan onderzoek dat zich richt op de vraag hoe excellentieprogramma’s structureler ingebed kunnen worden in een onderwijsinstelling. Daartoe kijken de onderzoekers of bij de selectie van studenten een goede match plaatsvindt tussen aanbod en type student. Daarnaast richt het onderzoek zich op de effecten van excellentieprogramma’s op individuele studenten, zoals hogere prestaties (zowel cognitief als niet-cognitief). Tevens kijken de onderzoekers naar de uitstralingseffecten van excellentieprogramma’s op het reguliere onderwijs en hoe excellentieprogramma’s het best kunnen worden ingebed in een instelling.

Onderzoek door: prof. dr. Rolf van der Velden (UM/ROA) met dr. Jim Allen & dr. Ellen Bastiaens (beiden UM/ROA), prof. dr. Miko Elwenspoek em. (UT), prof. dr. Harm Hospers (UM), drs. Marieke Isendam (HAN), prof. dr. Maarten Wolbers & drs. Bianca Leest (beiden ITS/RU), prof. dr. Hans Vossensteyn, dr. Ben Jongbloed & dr. Don Westerheijden (allen Center for Higher Education Policy Studies/UT).

• Excellentie door docentstrategie: vrijheid en structuur in balans voor elke student

Excellente studenten hebben andere docentstrategieën nodig dan reguliere studenten. Het verschil zit vooral in de hoeveelheid vrijheid en structuur. Omdat de optimale mate van vrijheid mogelijk samenhangt met persoonskenmerken en voorkeuren van studenten, omvat dit onderzoek twee thema’s. Het eerste thema richt zich op de persoonskenmerken van (excellente) studenten en hun behoefte aan vrijheid en structuur. Het tweede thema richt zich op docentstrategieën die rekening houden met verschillende persoonskenmerken van studenten en verschillende behoeftes aan vrijheid en structuur. Het onderzoek zal naast wetenschappelijke kennis ook praktische handreikingen voor de onderwijspraktijk opleveren. Deze worden verwerkt in online trainingsmodules voor docenten en beschreven in een open-access handboek .

Onderzoek door: dr. Joke van der Mark-van der Wouden (UMCG/RUG) met prof. dr. Gert ter Horst, prof. dr. Debbie Jaarsma & dr. Johanna Schönrock-Adema (allen UMCG/RUG), dr. Marjolein Heijne-Penninga, Ingrid Paalman MSc. & Judith Volker MSc. (allen Hanzehogeschool Groningen), drs. Tineke Kingma c.s. (Windesheim), Ada Kool MSc. & dr. Fred Wiegant (beiden Universiteit Utrecht).

• EXChange – uitstraling en cultuurverandering door excellentieonderwijs

Van honoursonderwijs wordt meer verwacht dan alleen extra uitdaging bieden aan studenten die meer willen en kunnen. Twee belangrijke aannames zijn dat honoursonderwijs een proeftuin biedt voor onderwijsvernieuwing én dat het een cultuur van excellentie creëert waarin excelleren geaccepteerd is. Beide zouden van het honoursonderwijs uitstralen naar het reguliere onderwijs. Maar het staat nog niet vast hoe een cultuur van excellentie, en vervolgens de uitstraling daarvan, kan worden gemeten. Dit onderzoek wil daarin verandering brengen door met interventies de cultuur van excellentie, de studentpercepties daarvan en de uitstraling te beïnvloeden.

Onderzoek door: dr. Marca Wolfensberger (Hanzehogeschool Groningen) met dr. Elanor Kamans, Herman ten Kate MBM, mr. Lineke Pronk, drs. Lammert Tiesinga & drs. Martin Brouwer (allen Hanzehogeschool Groningen), dr. Maartje van den Boogaard & dr. Marc Cleiren (UL), prof. dr. ir. Mieke Boon, prof. dr. ir. Petra de Weerd Nederhof, ir. Frank van de Berg, dr. Anne Dijkstra, dr. Kim Schildkamp, dr. ir. Cornelise Vreman-de Olde & dr. Jan van der Veen (allen UT), dr. Bouke van Gorp, dr. Ferdi Engels, Nelleke de Jong MSc., mr. Marian Joseph, dr. ir. Irma Meijerman  (allen UU).