Filter resultaten op:
Onderwijssector
Onderwijsthema

Vraag & Antwoord

333 resultaten gevonden

Welk verband bestaat er tussen leesmotivatie en prestaties voor begrijpend lezen in het basisonderwijs?
 PO | (V)SO | Ook interessant
Leesmotivatie is een belangrijke voorspeller van leesgedrag en van leesprestaties. Op theorie gestoelde programma’s voor leesmotivatie dragen bij aan de motivatie van leerlingen en aan hun vaardigheid in begrijpend lezen. Het effectiefst zijn programma’s die nadruk leggen op redenen om te lezen, in combinatie met het bevorderen van zelfvertrouwen. Ook het wekken van persoonlijke interesse, aandacht voor de autonomie van de leerling en het stimuleren van samenwerking vergroten het plezier in lezen.
Lees verder
Wat kunnen leerkrachten in groep 3 tot en met 6 doen om leerlingen te leren klokkijken?
 PO | Schoolloopbaan | Vakken | Ook interessant
Het is vooral belangrijk dat leerlingen de mogelijkheid krijgen om klokkijken te oefenen. Het maakt weinig verschil of leerlingen leren klokkijken per onderdeel – beginnend met de hele uren, dan de halve, et cetera –of dat zij alle elementen van klokkijken in een keer krijgen aangeboden. Over de volgorde van aanleren is wel enige duidelijkheid. Een methode waarin de functies van eerst de kleine en daarna de grote wijzer afzonderlijk aan bod komen, draagt bij aan betere leerresultaten.
Lees verder
Draagt training van het auditief geheugen in kleutergroepen bij aan de ontwikkeling van kritisch, begrijpend luisteren?
 PO | Taal | Vakken | Ook interessant
Het onderscheiden en herkennen van klanken is een voorwaarde voor het begrijpen van een boodschap. Of het zinvol is eerst het auditieve geheugen van kleuters te trainen en daarna pas te werken aan de ontwikkeling van hun kritische luistervaardigheid is niet aan te geven. Er lijkt eerder sprake van een samenhang. Gelijktijdig aandacht besteden aan auditieve vaardigheden en fonologisch bewustzijn en aan kritisch en begrijpend luisteren lijkt dan aan te raden.
Lees verder
Onder welke voorwaarden kunnen teacher leaders de professionele ontwikkeling in een digitale leeromgeving van collega-docenten bevorderen?
 MBO | ICT | Professionalisering
Teacher leaders kunnen een professionele groei bij collega-docenten stimuleren. Voorwaarden zijn wel dat collega-docenten de teacher leaders accepteren in hun rol en hen zien als hardwerkend. Verder is het belangrijk dat teacher leaders hun innovatiegerichte inzet voor de school uitvoeren naast hun taak als leraar. Ook moeten ze geregeld input vragen aan hun collega-docenten. Het is niet bekend of dezelfde voorwaarden gelden voor professionele ontwikkeling in een digitale leeromgeving, of dat er aanvullende voorwaarden zijn.
Lees verder
Heeft de inzet van theorie over leervoorkeuren invloed op de leerresultaten van mbo-studenten?
 PO | VO | MBO | Differentiatie | Ook interessant
Bewijs voor effectiviteit of ineffectiviteit van de inzet van leervoorkeuren op leerresultaten ontbreekt. Op basis van kennis over het toepassen van de theorie van leerstijlen lijkt het voor het leerrendement niet zinvol om onderwijsaanbod aan te passen aan leervoorkeuren. Mogelijk is er wel een belangrijke relatie tussen voorkennis en leervoorkeuren.
Lees verder
Halen leerlingen op categoriale gymnasia hogere cijfers dan leerlingen op een gymnasiumafdeling van een scholengemeenschap?
 VO | Toetsen & feedback | Ook interessant
De prestaties van leerlingen op categoriale gymnasia verschillen niet veel van die van vwo-leerlingen op scholengemeenschappen, zo blijkt uit een recente analyse. De gymnasiasten doen het over de hele linie zowel op het schoolexamen (SE) als op het centraal eindexamen (CE) een fractie beter. Het verschil tussen de SE- en CE-cijfers is ook ietsje kleiner op de categoriale gymnasia.
Lees verder
Welke verwachtingen hebben werkgevers van mbo-studenten die deelnemen aan excellentieprogramma’s?
 MBO | Ook interessant
Excellentieprogramma’s zouden in het algemeen aandacht moeten schenken aan innovatief handelen, goed kunnen communiceren en persoonlijke leiderschapscompetenties. Verder zouden studenten moeten leren te kijken met een brede blik, empathisch te zijn, zelfreflectie te hebben en kritisch te kunnen denken. Daarnaast zijn er per beroepsgroep beroepsspecifieke karakteristieken die het werkveld als passend bij een excellente professional beschouwt.
Lees verder
Hoe kunnen docenten mbo-studenten niveau 1 en 2 zo goed mogelijk begeleiden naar succesvol zelfsturend leren?
 MBO | Zelfregulerend leren | Ook interessant
Ook mbo-studenten niveau 1 en 2 kunnen zich zelfsturend leren eigen maken. Er is vooralsnog geen specifiek onderzoek gedaan naar effectieve aanpakken van zelfsturend leren voor deze groepen, maar wel naar kenmerken van deze studenten en de voorwaarden waaronder zij (zelfsturend) kunnen leren. Zo moeten docenten aandacht hebben voor de problematiek van studenten en zorgen voor een vertrouwensrelatie. Als zij stapsgewijs werken aan zelfvertrouwen en plannings- en reflectievaardigheden van studenten helpt dat hen om zelfsturend leren te ontwikkelen. Begeleiding op maat en kennis hebben van interesses en capaciteiten van studenten is ook een succesfactor voor het leren. Evenals verbinding maken met de leefwereld en beroepsperspectieven van studenten.
Lees verder
Om welke redenen stoppen leraren voortgezet onderwijs binnen vijf jaar?
 VO | Professionalisering | Werkdruk | Ook interessant
De persoonlijke situatie, bijvoorbeeld problemen met gezondheid, is een belangrijke reden voor beginnende leraren in het voortgezet onderwijs om binnen vijf jaar uit het onderwijs te stappen. Andere redenen hebben te maken met het beroep (bijvoorbeeld werkdruk en stress), de school (bijvoorbeeld weinig doorgroeimogelijkheden en gebrekkige communicatie) en verstoorde relaties met collega’s en leidinggevenden.b
Lees verder
Hoe kunnen mbo-docenten studenten van een technische opleiding motiveren voor mondelinge presentaties?
 MBO | Taal | Vakken
Studenten hebben behoefte aan autonomie, gevoel van competentie en sociale verbinding. De docent kan hieraan tegemoet komen door aangepaste instructie, en afgestemde leeractiviteiten en beoordelingsstrategieën te hanteren. Hij kan de studenten zelf leerdoelen laten opstellen, voldoende oefengelegenheid bieden en ruimte geven voor feedback in een veilige omgeving. Zo neemt de motivatie van studenten toe en stijgt hun zelfvertrouwen.
Lees verder
Hoe kan het middelbaar beroepsonderwijs het uitvalrisico van werkende volwassenen die een vervolgopleiding doen verlagen?
 MBO | Schoolloopbaan
De beslissing om met een studie te stoppen, is de uitkomst van een afwegingsproces waarin meerdere factoren een rol spelen. Op persoonlijk vlak is vooral studiemotivatie bepalend voor het afronden van een opleiding. Daarnaast zijn steun in de sociale omgeving en een goede aansluiting van de opleiding bij het niveau van de student belangrijke factoren. Opleidingen kunnen het studierendement verhogen met studiebegeleiding en een onderwijskundige vormgeving die past bij het leven van werkende studenten. Verder helpen goede docenten en investeren in de betrokkenheid van studenten bij de opleiding uitval te voorkomen.
Lees verder
Op welke wijze draagt thematisch onderwijs bij aan het behalen van het gewenste taalbeheersingsniveau van leerlingen in groep 4-8?
 PO | Schoolloopbaan | Taal | Vakken
Thematisch onderwijs kent verschillende vormen. Sommige vormen zijn specifiek gericht op hogere orde vaardigheden lezen en schrijven. Bij de meeste is echter onvoldoende bekend wat de effectiviteit is op de ontwikkeling van de afzonderlijke taaldomeinen schrijven, spreken, luisteren en taalbeschouwing.
Lees verder
Wat zijn effectieve aanpakken van verzuim in het vavo?
 VO | MBO | Schoolloopbaan
Begeleid Leren en M@zl (medische advisering ziekgemelde leerlingen) op het voortgezet onderwijs en mbo zijn effectieve interventies om verzuim en voortijdig schoolverlaten terug te dringen. Deze aanpakken lijken ook voor het voortgezet algemeen volwassenenonderwijs kansrijk te zijn.
Lees verder
Is het waar dat fixatie disparatie leesproblemen veroorzaakt en dat visuele training de leesproblemen kan verhelpen?
 PO | (V)SO | Leer- & gedragsproblemen | Taal
Afwijkende fixatie disparatie en afwijkende oogsprongen kunnen samenhangen met dyslexie, maar het is niet zeker dat deze afwijkingen dyslexie veroorzaken. Verschillen in oogbewegingen en fixatie disparatie bij leerlingen met dyslexie lijken eerder een gevolg te zijn van verwerkingsproblemen van geschreven tekst. Er is weinig overtuigend bewijs gevonden voor de effectiviteit van behandelingen om deze afwijkingen bij leerlingen met leesproblemen of dyslexie te verhelpen.
Lees verder
Welke kenmerken van de leeromgeving en welke aanpakken in een associate degree-opleiding bevorderen studiesucces van studenten afkomstig uit het mbo?
 LERARENOPLEIDING | MBO | HO | Schoolloopbaan
Pilots van associate degree-opleidingen lijken er op te wijzen dat de samenwerking tussen mbo- en hbo-docenten hen meer zicht geeft op elkaars opleidingen. Dat zou hen bewegen tot aanpassingen in het programma en de aanpak van de opleidingen, om zo een goede pedagogisch-didactische leeromgeving te bieden. De kenmerken van de opleidingen lijken belangrijker voor het studiesucces van studenten dan de locatie van de opleiding.
Lees verder
Zijn er verschillen in leeropbrengsten tussen basisschoolleerlingen in het unitonderwijs en zij die klassikaal onderwijs volgen?
 PO | 21e-eeuwse vaardigheden | Ook interessant
Het weinige onderzoek naar de effecten van unitonderwijs op taal- en rekenprestaties van leerlingen in de leeftijd van vier tot twaalf jaar is niet eensluidend. Voor sociaal-emotionele en 21e-eeuwse vaardigheden zijn slechts summiere gegevens bekend. Er zijn aanwijzingen dat leerlingen op scholen met unitonderwijs meer metacognitieve vaardigheden en meer eigenaarschap voor hun leerproces ontwikkelen.
Lees verder
Draagt economieonderwijs aan de hand van beroepscontexten bij aan beroepsbeelden van vmbo-leerlingen?
 LERARENOPLEIDING | VO | Vakken | Ook interessant
Onderwijs aan de hand van beroepscontexten draagt vermoedelijk bij aan de ontwikkeling van beroepsbeelden bij leerlingen in het vmbo. Vooral als leerlingen zelf actief daaraan deelnemen, lijkt dat het geval. Dit geldt voor alle vakken op de verschillende niveaus in het voortgezet onderwijs. Het meeste onderzoek naar de rol van beroepscontexten hierin is echter kleinschalig van aard. Ze zijn ook veelal uitgevoerd buiten schooltijd, zoals zomerkampen en naschoolse programma’s.
Lees verder
Welke motieven bepalen de keuze van vwo-ers voor kunst- en cultuuraanbod in de onderbouw?
 VO | Schoolloopbaan | Schoolorganisatie
Een algemeen keuzemotief voor leerlingen is of een onderwijsaanbod bijdraagt aan hun schoolloopbaan. Verder vinden ze dat een aanbod moet aansluiten bij hun capaciteiten en interesses. Over motieven van leerlingen specifiek voor het kunst- en cultuuraanbod in de onderbouw van het voortgezet onderwijs is weinig bekend. Net als bij andere schoolloopbaankeuzes is het belangrijk dat leraren een realistisch beroepsbeeld schetsen en aangeven wat de toegevoegde waarde van het kunst- en cultuuraanbod is.
Lees verder
Ervaren leerkrachten in het basisonderwijs sinds 2010 meer lastig en ongewenst gedrag van leerlingen?
 PO | VVE | Leer- & gedragsproblemen
Ruim zestig procent van de leerkrachten in het basisonderwijs koppelt de invoering van passend onderwijs (in 2014) aan een hogere werkdruk. Die werkdruk komt volgens hen vooral door een toename in de klas van leerlingen met gedragsproblemen. Leerkrachten vinden gedragsproblemen het moeilijkst om mee om te gaan, en dat speelt mee in de beleving. Het is niet bekend hoeveel leerlingen in het basisonderwijs gedragsproblemen vertonen; geen enkele instantie houdt dat bij. Of er sprake is van een toename sinds 2010 is dus niet vast te stellen.
Lees verder
Wat is de invloed van het veelvuldig en vroegtijdig gebruik van digitale media door kinderen op hun taakgerichtheid, luisterhouding, concentratie en verantwoording voor het eigen leerproces?
 PO | Zelfregulerend leren
De relatie tussen mediagebruik door kinderen thuis en executieve functies is niet eenduidig, maar er zijn wel aanwijzingen dat veelvuldig en vroegtijdig mediagebruik ten koste gaat van aandacht en concentratie. Het grootste probleem lijkt het niet-interactieve karakter van veel mediagebruik. Dat is ongunstig voor de hersenontwikkeling en daarmee voor de ontwikkeling van executieve functies. Interactief gebruik van digitale media kan deze negatieve gevolgen tegengaan.
Lees verder
Wat is het effect van mindfulnesstrainingen op gedrag, leeropbrengsten en sociaal-emotioneel welbevinden van leerlingen in het primair onderwijs?
 PO | 21e-eeuwse vaardigheden
Mindfulnesstrainingen op school kunnen zorgen voor vermindering van stress bij kinderen en hebben soms een (klein) positief effect op cognitieve en sociaal-emotionele processen. Er zijn tot nu toe geen aanwijzingen dat mindfulnesstrainingen effect hebben op leeropbrengsten en gedrag.
Lees verder
Met welke combinatie heeft de cognitieve en sociaal-emotionele ontwikkeling van leerlingen in groep 3 het meeste baat: met groep 1/2 of met groep 4/5?
 PO | Schoolorganisatie
Een combinatie van groep 3 met een groep 1/2 kan even goed, slecht of neutraal uitpakken als een combinatie met een groep 4/5. Er zijn geen gegevens bekend over welke combinatie bevorderlijk zou zijn voor leerprestaties of sociaal-emotionele ontwikkeling van leerlingen. Zeker bij kleine groepen ligt het voor de hand om te kijken naar de werkhouding en de cognitieve ontwikkeling van de leerlingen. Dit in plaats van een algemene richtlijn te volgen die hier geen rekening mee houdt.
Lees verder
Wat draagt meer bij aan de ontwikkeling van peuters: een vve-aanbod met gelijkblijvende intensiteit of met toenemende intensiteit?
 VVE | Gelijke kansen
Er is geen onderzoek beschikbaar dat gelijkblijvende intensiteit (in contacturen per week) vergelijkt met toenemende intensiteit. Een startleeftijd vanaf twee jaar voor een vve-programma is gunstig. Een langere loopduur van het programma bevordert de ontwikkeling van jonge kinderen het meest, zowel op de korte als op de lange termijn. Overigens hebben goede pedagogisch medewerkers en een hoge educatieve kwaliteit van het programma meer effect op de opbrengsten van vve dan duur in maanden en aantal uren per week.
Lees verder
Wat onthouden leerlingen na verloop van tijd van de kennis die ze opdoen in het voortgezet onderwijs?
 VO
Een deel van de kennis die leerlingen vergaren in het voortgezet onderwijs gaat verloren als ze deze niet meer gebruiken. Dat gebeurt vooral in de eerste jaren na de kennisverwerving. Een substantieel deel van de resterende kennis is zelfs na vijftig jaar nog beschikbaar, ook als deze in de tussenliggende periode niet is gebruikt. De persoon herkent of herinnert zich dan de kennis, of kan deze sneller leren dan bij de aanvankelijke verwerving. Het percentage beschikbare kennis na een bepaalde tijd is onder meer afhankelijk van de duur van het genoten onderwijs. Andere factoren zijn het behaalde kennisniveau, het schoolvak en het type kennis (passief of actief).
Lees verder
Welke interventies zijn noodzakelijk voor het realiseren en in stand houden van een beroepsorganisatie van leraren?
 LERARENOPLEIDING | PO | VO | (V)SO | MBO | Professionalisering
Het faciliteren van zelfsturing door leraren in de ontwikkeling van een beroepsorganisatie lijkt het veelbelovendst. Dit geldt vooral als die beroepsorganisatie een professionele oriëntatie centraal stelt, zoals bij de ontwikkeling van een professionele standaard. Belangrijk is draagvlak onder de leden te creëren en de tijd te nemen voor een brede bespreking van voorstellen.
Lees verder
Welke didactische principes voor het leren spellen van werkwoorden bij leerlingen in de bovenbouw van de basisschool zijn effectief?
 PO | VO | Taal | Vakken | Ook interessant
Een algoritmische aanpak (zoals ‘t kofschip) om leerlingen werkwoordspelling aan te leren, is effectief maar niet voldoende. Expliciete aandacht voor de principes van de spelling en voor de soms intuïtieve aanpak van leerlingen om tot een juiste schrijfwijze te komen, lijkt noodzakelijk. Bovendien is het zinvol om grammatica- en spellingonderwijs te integreren.
Lees verder
Versterkt het werken met een weektaak de metacognitieve vaardigheden van leerlingen in het basisonderwijs?
 PO | Zelfregulerend leren
Met de juiste begeleiding kan werken met een weektaak de metacognitieve vaardigheden van leerlingen versterken. Wanneer leerlingen in staat zijn hun leerproces te sturen en de beschikbare tijd zo nuttig mogelijk te besteden, komt dit hun prestaties ten goede. Met een weektaak kunnen leerlingen zelfstandig en systematisch werken, en hun taken zelf plannen, prioriteren, controleren en evalueren. Ondersteuning van de leerkracht is hierbij cruciaal.
Lees verder
Wat is het effect van het opnieuw indelen van groepen na groep 4 (en 5) op het emotioneel welbevinden van leerlingen?
 PO
Er is geen informatie beschikbaar over eventuele effecten van het opnieuw indelen van groepen in het basisonderwijs op het emotioneel welbevinden van leerlingen. Noch in nationaal, noch in internationaal onderzoek lijkt dit onderwerp van onderzoek te zijn geweest.
Lees verder
In hoeverre helpt intensieve mentoring ongemotiveerde jongens op de havo om zich meer in te zetten voor school?
 VO | Gelijke kansen | Motivatie | Ook interessant
Jongens hebben meer dan meisjes te maken met schooluitval en studievertraging. Zeker in de bovenbouw van het havo vallen veel jongens uit. Over maatregelen die specifiek jongens kunnen helpen zich meer in te spannen, is weinig bekend. Er zijn indicaties dat regelmatig en vertrouwelijk contact met een mentor jongeren kan motiveren voor school. Dat zou een licht positief effect kunnen hebben op de studieresultaten.
Lees verder
Welke aanpak werkt beter bij het ontwikkelen van een onderzoekende houding van studenten aan de lerarenopleiding: eerst een theoretische basis verwerven of direct in de praktijk onderzoek doen?
 LERARENOPLEIDING
Vrij snel starten met samen onderzoek doen, stimuleert de ontwikkeling van een onderzoekende houding bij studenten. Een voorwaarde is wel dat zij eerst de bedoelingen van hun onderwijs en hun eigen rol daarbinnen verkend hebben. Verder moet de onderzoeksopdracht aansluiten bij de beroepspraktijk en beknopt zijn. De docent vervult een voorbeeldrol en geeft ‘een onderzoekende houding’ expliciet aandacht in zijn colleges. Er is geen bewijs gevonden dat het zin heeft studenten eerst een theoretische basis te laten verwerven.
Lees verder
Welke groepsgrootte levert bij unitonderwijs het beste resultaat voor de leerprestaties van leerlingen in de onderbouw van het basisonderwijs?
 PO | Schoolorganisatie | Ook interessant
Een kleinere klassenomvang beïnvloedt over het algemeen de leerprestaties positief. De grens zou weleens bij twintig leerlingen kunnen liggen. Het is daarbij belangrijk de leerlingen binnen kleinere klassen verder te groeperen naar niveau en differentiatie van instructie. Bij echt kleine subgroepen die bestaan uit drie of vier leerlingen zijn de leeropbrengsten hoger dan bij subgroepen van vijf tot zeven leerlingen.
Lees verder
Wat zijn effectieve aanpakken van verzuim in het mbo?
 MBO | Schoolloopbaan
Scholen kunnen verzuim en voortijdig schoolverlaten tegengaan door te investeren in een positief leerklimaat en een goede zorgstructuur. Daarbij moet het netwerk van de student worden betrokken. Belangrijk is dat de registratie van verzuim en uitval op orde is, en dat de school een consequent verzuimbeleid uitvoert. Een integrale aanpak werkt beter dan een aanpak gericht op een enkele risicofactor.
Lees verder
Wat is het effect van het behalen van veel hoge of veel lage cijfers op de sociaal-emotionele ontwikkeling van leerlingen?
 PO | VO | (V)SO | HO | Differentiatie | Ook interessant
De gevolgen van het halen van veel hoge of juist veel lage cijfers lopen in het voortgezet en hoger onderwijs flink uiteen. Cijfers motiveren leerlingen en studenten tot leren en het halen van hogere cijfers. Maar het krijgen van cijfers kan ook leiden tot gevoelens van angst. Lage cijfers zorgen logischerwijs voor negatieve gevoelens bij leerlingen, hoge cijfers juist voor positieve gevoelens. Er is weinig bekend over hoe basisschoolleerlingen het krijgen van een cijfer ervaren.
Lees verder
Welke invloed heeft het zelf kiezen van het instructieniveau op de leerresultaten en de motivatie van leerlingen in de bovenbouw van het voortgezet onderwijs?
 VO | Motivatie | Ook interessant
Wanneer leerlingen keuzemogelijkheden krijgen voor hun leerproces vergroot dat hun autonomie en competentiegevoel van leerlingen. Het bieden van opties voor activiteiten in de les of keuzes uit verschillende versies van een taak kan de intrinsieke motivatie verhogen. De sterkte van dit verband is afhankelijk van de interesse van de leerling, het aantal keuzemogelijkheden en de voorkennis. Over het effect van het bieden van keuzemogelijkheden op leerresultaten is weinig bekend.
Lees verder
Welke ondersteuning hebben kleuters nodig wanneer hun spel stagneert?
 PO | 21e-eeuwse vaardigheden | Ook interessant
In de kleutertijd gaan kinderen steeds meer samenspelen. Hun spel wordt ingewikkelder en associatiever, en hun invoelingsvermogen groeit. Leerkrachten kunnen spel ondersteunen door initiatief, zelfregulatie en interactie tussen kinderen te stimuleren. Leerkrachten geven ruimte aan fantasie en aan sociaal leren in groepen. Als kleuters niet vanzelfsprekend tot het te verwachten spel komen, zetten leerkrachten vaak een op interactie gerichte didactiek in. Een aanpak van verkennen, verbinden en verrijken kan stimulerend werken voor de spelontwikkeling.
Lees verder
Welke factoren beïnvloeden de keuze van leerlingen in het voortgezet onderwijs voor het gymnasium?
 VO | Schoolloopbaan
Ouders en de verwijzend leerkracht in groep 8 spelen een belangrijke rol in het schoolkeuzeproces. Redenen om voor het gymnasium te kiezen zijn vooral de leerlingpopulatie en het werkethos. Interesse voor klassieke talen en de extra uitdaging die het gymnasium biedt, bepalen eveneens de keuze. Ouders en leerlingen die niet voor het gymnasium gaan, zien het nut van klassieke talen niet in of voelen zich onvoldoende thuis op zo’n school. Anderen kiezen voor het extra’s die het vwo+ heeft te bieden in plaats van voor het gymnasium.
Lees verder
Welke belemmeringen ervaren leerlingen bij de doorstroom van havo naar vwo en wat is de invloed van dit ‘stapelen’ op het studiesucces?
 VO | Schoolloopbaan
Doorstromers van havo naar vwo (‘stapelaars’) ervaren diverse belemmeringen. Zo zijn de exameneisen voor havo en vwo verschillend. Ook stelt het vwo toelatingseisen waaraan een deel van de leerlingen niet kan voldoen. En de school kan te weinig begeleiding bieden, vooraf, tijdens en na de overstap. De meerderheid van de doorstromende havisten behaalt binnen twee jaar het vwo-diploma. Het studiesucces in het wetenschappelijk onderwijs verschilt niet tussen de stapelaars en de niet-stapelaars met een vwo-diploma.
Lees verder
Welk effect hebben instrumentale muzieklessen op de groepscohesie bij leerlingen in het basisonderwijs?
 PO | 21e-eeuwse vaardigheden | Vakken | Ook interessant
Muziekonderwijs in de breedste zin lijkt bij te dragen aan groepscohesie en aan de ontwikkeling van sociaal gedrag van leerlingen. Over het effect van specifiek instrumentale muzieklessen is weinig bekend, behalve dat ze waarschijnlijk invloed hebben op sociaal gedrag. Verder liggen er mogelijk kansen voor het ontwikkelen van groepscohesie door wekelijkse instrumentale muzieklessen aan te bieden.
Lees verder
Welke interventies helpen leerlingen om afleidingen zoals gamen onder schooltijd te weerstaan?
 VOLWASSENEDUCATIE | VO | MBO | HO | Gelijke kansen | ICT
Op steeds meer scholen hebben leerlingen een tablet of laptop ter beschikking als hulpmiddel bij het leren. Maar leerlingen zoeken ook afleiding. Vooral bij vrij gebruik van mobiele apparaten gaan ze naar sociale media en sites voor persoonlijke doelen. Lessen waar de docent de technologie gestructureerd inzet, lijken minder bevattelijk voor afleiding. De leerlingen gebruiken de laptop of tablet tijdens de les dan iets vaker voor leertaken.
Lees verder
Welk effect heeft bewegen in de klas op leerlingen in het voortgezet en middelbaar beroepsonderwijs?
 LERARENOPLEIDING | Vakken
Bewegen in de klas heeft positieve effecten op aandacht en cognitie. Een kwartier matig tot intensief bewegen lijkt de gunstigste invloed te hebben. De sterkste effecten zijn gevonden voor fysieke activiteit die tevens cognitief uitdagend is. Het is echter onbekend of deze effecten ook bij adolescenten optreden. Wel is bekend dat bewegen op zich een positieve uitwerking heeft op aandacht, impulsbeheersing en taakgericht gedrag. Dat komt vermoedelijk door veranderingen in de hersenen, zoals een verbeterde doorbloeding en verhoogde hormoonniveaus.
Lees verder
Wat is het effect van het terugbrengen van contacttijd tussen docenten en leerlingen in havo/vwo op de leerprestaties?
 VO | Schoolorganisatie | Ook interessant
Kortere lesuren, en daarmee een vermindering van de totale instructietijd, zullen leiden tot een daling in leerprestaties voor leerlingen in havo/vwo. Het staat dus buiten kijf dat dan compenserende maatregelen nodig zijn. Er is onvoldoende informatie over welke interventies daarvoor afdoende zijn. Wel is duidelijk dat docenten de vrijgekomen tijd zouden moeten besteden aan het verbeteren van hun competenties om leerprestaties te bevorderen.
Lees verder
Wat is er bekend over de kennis en vaardigheden van de leraar als ontwerper en wat betekent dat voor het curriculum van de lerarenopleiding?
 LERARENOPLEIDING | HO | Schoolloopbaan | Ook interessant
Leraren hebben een breed spectrum aan mogelijke ontwerptaken waarvoor zij kennis en vaardigheden nodig hebben. Het gaat onder andere om ontwerpen voor gebruik in de eigen klas en om complexere ontwerptaken op schoolniveau. Om goed te ontwerpen moeten leraren niet alleen kennis hebben over ontwerpen en deze kunnen toepassen. Maar ook moeten zij beschikken over een identiteit als ontwerper en een positieve houding ten opzichte van het ontwerpen.
Lees verder
Wat is het effect van de tijd die zit tussen een toets en de herkansing op het resultaat op de herkansingstoets?
 VO | Toetsen & feedback
Er is geen duidelijk effect van de tijdsduur tussen de eerste toets en de herkansing op studiesucces. De resultaten van de herkansing zijn in grote mate afhankelijk van de leerstrategie van een leerling. Het is wenselijk om leerlingen te helpen bij het aanleren van een goede leerstrategie en planning. Er zijn verschillende methoden om het vergeten van studiestof tegen te gaan gedurende de tijd tot de herkansing.
Lees verder
Wat is de invloed van de fysieke omgeving op het leren van mbo-leerlingen?
 MBO | SECTOROVERSTIJGEND | ICT | Vernieuwingsonderwijs
De fysieke kenmerken van een gebouw of een ruimte hebben een gering effect op het leren. Het gaat onder meer om licht, lucht, klimaat en geluid. Deze effecten verschillen per situatie. Bij het werken in een grote open ruimte ervaren aanwezigen vaker lawaai en gebrek aan privacy. Werken aan een complexe taak of samenwerken gaat minder goed met veel studenten in een ruimte. Geluid is het storendst als het behalve luid ook onvoorspelbaar is.
Lees verder
Wat is de invloed van het kiesbord op het natuurlijk leerproces van kleuters?
 PO | Ook interessant
Structuur in de kleuterklas zorgt voor een rustigere omgeving en heeft positieve effecten op het vocabulaire van kleuters. Ook komen de kleuters meer in aanraking met taal, wiskunde en muziek. Vrijere lessen geven meer ruimte aan grove motoriek en fantasiespel. Een kiesbord kan lessen sterk structureren, maar over de effectiviteit daarvan is weinig bekend.
Lees verder
Hoe kan de aanwezigheid van leerlingen bij voortgangsgesprekken op de basisschool bijdragen aan eigenaarschap voor hun ontwikkeling?
 PO | Ouderbetrokkenheid | Zelfregulerend leren
Voortgangsgesprekken waarbij de leerling aanwezig is, kunnen wezenlijk bijdragen aan eigenaarschap, motivatie en autonomie van leerlingen. Die gesprekken vereisen een zorgvuldige voorbereiding door de school en een actieve rol van de leerling. De leerkrachten zijn dan getraind in het voeren van voortgangsgesprekken en het begeleiden van de leerling. De leerling stelt een portfolio samen dat inzicht geeft in het proces en de stand van zaken. Het gebruik van portfolio’s in voortgangsgesprekken ondersteunt het eigenaarschap van de leerlingen voor hun academische en sociaal-emotionele ontwikkeling. Lees verder
Welk effect heeft financieel onderwijs op het financieel gedrag van mbo-studenten?
 MBO | Vakken | Ook interessant
Als jongeren kennis over financiële zaken meteen in de praktijk kunnen brengen, kan financieel onderwijs bijdragen aan verstandig omgaan met geld. De invloed van onderwijs op financieel gedrag van studenten is echter minimaal en is niet blijvend. Mogelijk is financieel onderwijs te gericht op kennisoverdracht, hetgeen niet automatisch leidt tot ander gedrag. Bovendien spelen vooral sociaal-psychologische factoren een rol.
Lees verder
In hoeverre helpt het studenten in de bouw de theorie waarmee ze in hun leerbedrijf niet in aanraking komen, te leren in een praktijksituatie op school?
 MBO | Werkplekleren
Ervaring in een praktijksituatie op school kan bbl-studenten helpen bij het leren van nieuwe theorie, maar is niet noodzakelijk. Om tot kennisverwerving te komen, is het belangrijk dat studenten de nieuwe theorie in verband brengen met ervaringen in de praktijk. Indien studenten op school ervaringen in een praktijksituatie opdoen, is het van belang dat ze die ervaringen verbinden met de nieuwe theorie, en met de ervaringen in het leerbedrijf. Reflecteren bevordert het koppelen van theorie en praktijk, evenals discussies met de docent of met medestudenten.
Lees verder
Wat draagt bij aan non-formeel en informeel leren van docenten in het mbo? Hoe zijn de leeropbrengsten zichtbaar te maken?
 LERARENOPLEIDING | MBO | Professionalisering
Als een leidinggevende informeel leren ondersteunt en als collega’s elkaar in een veilige omgeving feedback kunnen geven, helpt dat docenten om te leren. Ook de mogelijkheid om aan interne of externe netwerken deel te nemen, en het belonen van informeel leren werken bevorderend. Portfolio’s, beroepsregistraties en certificaten kunnen helpen om de leeropbrengsten zichtbaar te maken.
Lees verder
Welke invloed heeft overleg met klasgenoten bij het zelfstandig verwerken van rekeninstructie op het leren oplossen van rekenproblemen?
 PO | 21e-eeuwse vaardigheden | Vakken | Zelfregulerend leren | Ook interessant
De effectiviteit van zelfstandige verwerking van rekeninstructie door leerlingen ligt vooral in de kwaliteit van de daaraan voorafgaande instructie en de begeleide inoefening. Elkaar vragen mogen stellen, lijkt voor leerlingen geen kwaad te kunnen. Het helpt misschien juist om hun aandacht bij de taak te houden.
Lees verder
Welke kenmerken van kenniswerkplaatsen dragen bij aan professionalisering en schoolontwikkeling?
 PO | Professionalisering | Leergemeenschappen | Ook interessant
In kenniswerkplaatsen die effectief bijdragen aan de onderwijspraktijk hebben deelnemers een gemeenschappelijk belang en een eigen instellingsbelang. Ze zijn actief in hun community door onder meer regelmatig bij elkaar te komen, onderling vertrouwen op te bouwen en een gezamenlijke taal te ontwikkelen. Draagvlak en een lerende cultuur binnen de scholen dragen eveneens bij aan professionalisering en schoolontwikkeling. Succesvolle samenwerking vergt een lange adem.
Lees verder
Waar moet een lesobservatie-instrument aan voldoen om de ontwikkeling van startende leraren in het primair onderwijs te volgen?
 PO | Professionalisering | Ook interessant
Een observatie-instrument voor het volgen van leraren moet kwalitatief goed zijn en objectief. Daarnaast is het belangrijk dat het instrument is afgestemd op de context van de school. Een bestuur of school dient na te gaan wat ze willen weten, met welk doel en of de instrumenten daarover voldoende informatie bieden.
Lees verder
Welke invloed heeft een door de schoolleiding ontworpen kijkwijzer op het handelen van leraren?
 VO | Professionalisering | Ook interessant
Observatie van lessen aan de hand van kijkwijzers kan waardevolle input leveren voor evaluatiegesprekken met leraren. Het is echter niet vanzelfsprekend dat zij daardoor anders gaan handelen. Leraren professionaliseren als zij zich veilig voelen, zich kunnen vinden in de leervraag en invloed hebben op het proces. Over effecten van zelfgemaakte kijkwijzers zijn geen gegevens bekend.
Lees verder
Hoe kan feedback docenten motiveren om te professionaliseren?
 PO | VO | HO | Professionalisering
Effectieve vormen van feedback zijn doelgericht, concreet en positief geformuleerd. Docenten moeten zich veilig voelen en zien dat de feedback aansluit op hun eigen leervragen en ontwikkelpunten. Verder moet feedback betrouwbaar en overtuigend zijn. Als aan deze voorwaarden is voldaan, kan feedback docenten motiveren tot verdere professionele ontwikkeling.
Lees verder
Leren leerlingen beter schrijven met een pen op papier of met een pen op een beeldscherm?
 PO | ICT | Taal | Vakken
Schrijven op papier of op een beeldscherm leidt niet tot dezelfde schrijfresultaten, zo laat recent onderzoek zien. Het gladdere oppervlak van het beeldscherm heeft gevolgen voor de schrijfhandelingen en het schrijfproduct. Dat geldt vooral voor de schrijfsnelheid (hoger), de lettergrootte (groter) en de handschriftkwaliteit. Deze handschriftkwaliteit is met name voor jonge schrijvers die op een tablet schrijven lager. Het lijkt daarom vooralsnog niet raadzaam om tablets te gebruiken om te leren schrijven.
Lees verder
Hoe kun je samenwerkend leren zo inzetten dat het een positief effect heeft op de leerprestaties?
 PO | Ook interessant
Om samenwerkend leren effectief te laten zijn, is een goede interactie tussen groepsleden en een juiste didactische vormgeving essentieel. Leerkrachten moeten leerlingen voorbereiden en ondersteunen om samen te werken. Dat kunnen ze doen door leerlingen te trainen in sociale vaardigheden, de juiste taken te kiezen, leerlingen interactieregels te laten toepassen en individuele feedback te geven over interactie. Training van leerkrachten hierop kan helpen.
Lees verder
Wat is het effect van digitaal toetsen versus schriftelijk toetsen op de prestaties op taal en rekenen?
 PO | Toetsen & feedback
Het effect van digitaal toetsen versus schriftelijk toetsen verschilt per leerdomein. Leerlingen presteren slechter op een digitale toets begrijpend lezen dan op een papieren leestoets, zeker als het gaat om een lange en informatieve tekst. Voor spelling is het nog onduidelijk wat het effect is van digitaal dan wel op papier toetsen. En bij rekenen lijken er geen verschillen in prestaties te zijn. Ook voor de eindtoets die alle groep-8 leerlingen aan het eind van het schooljaar maken zijn de prestaties op de digitale en papieren versie vergelijkbaar.
Lees verder
Wat kunnen leerkrachten doen om het welbevinden van cognitief zwakkere leerlingen te bevorderen?
 PO | Differentiatie | Gelijke kansen
Werken in homogene niveaugroepen kan ten koste gaan van het zelfvertrouwen en welbevinden van leerlingen in lagere niveaugroepen. Leerkrachten bieden deze leerlingen soms minder rijke en motiverende instructie aan. Door de focus te verbreden (niet alleen cognitieve vakken) en ruimte te bieden voor eigen keuzes in een positieve sfeer kan de leerkracht bijdragen aan het welbevinden van leerlingen.
Lees verder
Welke instrumenten kunnen basisscholen gebruiken om de emotieregulering van leerlingen te monitoren?
 PO | Professionalisering | Ook interessant
Er is in het Nederlands één instrument beschikbaar dat specifiek meet hoe kinderen omgaan met gevoelens van boosheid, angst en verdriet, en welke strategieën zij gebruiken om hun emoties te reguleren: de FEEL-KJ. Het instrument bestaat uit een zelfrapportage die kinderen en jongeren van acht tot achttien jaar kunnen invullen. FEEL-KJ is voor het onderwijs goed bruikbaar om inzicht te krijgen in de emotieregulatie van leerlingen.
Lees verder
Kiezen meisjes vaker voor een techniekopleiding en vallen ze minder vaak uit als er aparte meisjesklassen op het roc zijn?
 MBO
Meisjes die meisjesonderwijs volgen denken positiever over bèta/techniekvakken en presteren vaak beter op deze vakken. Dit heeft echter te maken met de kenmerken van de meisjes zelf. Het effect van meisjesonderwijs in vergelijking met gemengd onderwijs is verwaarloosbaar. Of meisjesklassen helpen om meer meisjes in techniekonderwijs te laten instromen is nauwelijks onderzocht. Naar het verminderen van uitval van meisjes in techniekopleidingen is geen onderzoek beschikbaar: de groep meisjes is te klein is om langere tijd te volgen.
Lees verder
Zijn woordlabels effectief voor de taalontwikkeling van kleuters? 
 PO | Taal | Vakken
Woordlabels kunnen deel uitmaken van een tekstrijke omgeving voor leerlingen in groep 1 en 2. Hoewel er geen onderzoek is naar de effecten van het labelen van voorwerpen, is wel bekend dat tekstrijke omgevingen taalontwikkeling bevorderen. Belangrijk daarbij is dat tekst betekenisvol is en dat leerkrachten kinderen betrekken in het gebruik van deze teksten, bijvoorbeeld in spel. Ook moeten leerkrachten hun klaslokaal bewust inrichten; een teveel aan (visuele) prikkels kan afleidend werken. 
Lees verder
Wat is het effect van kolomsgewijs rekenen, als tussenstap, op de rekenprestaties van leerlingen?
 PO | Vakken
Het maakt waarschijnlijk weinig uit of kolomsgewijs rekenen wel of niet als tussenstap tussen hoofdrekenen en cijferen aan leerlingen wordt aangeboden. Rekenmethoden blijken een verwaarloosbaar tot hooguit klein effect te hebben op rekenprestaties.
Lees verder
Draagt een verlengde schooldag bij aan de ontwikkeling van leerlingen?
 PO | VO | Differentiatie | Gelijke kansen | Schoolloopbaan
Onderwijstijdverlenging via verlengde schooldagen heeft een neutraal tot zwak positief effect op de leerprestaties (taal en rekenen) van basisschoolleerlingen. Vooral leerlingen op achterstandsscholen lijken te profiteren van deelname. Wat het optimaal aantal uren is voor de verlenging, is niet bekend. Meer uren leiden tot betere prestaties, maar waar het omslagpunt ligt, is onduidelijk. Programma’s gericht op niet-cognitieve ontwikkeling van leerlingen dragen positief bij aan het zelfbeeld van leerlingen en zorgen voor minder probleemgedrag. Daarnaast hebben leerlingen een betere band met school, minder drugsgebruik en positievere interacties met anderen.
Lees verder
Presteren leerlingen door het vak filosofie beter bij andere vakken die hogere denkvaardigheden vereisen?
 VO | Vakken
Het programma Filosoferen met Kinderen (P4C) heeft een bescheiden effect op de cognitieve vaardigheden buiten de context van het filosoferen. Er zijn meer effecten op lezen, rekenen en meer basale vormen van redeneren dan op hogere denkvaardigheden, al is daar ook enig bewijs voor. Negatieve cognitieve effecten worden nooit gevonden. Hoewel P4C is bedoeld voor basisschoolleerlingen en filosoferen iets anders is dan het vak filosofie volgen in het voortgezet onderwijs, zijn deze resultaten toch relevant.
Lees verder
Draagt een systeem voor kwaliteitszorg bij aan de onderwijskwaliteit in het voortgezet onderwijs? Welke sturing is het effectiefst voor kwaliteitsborging?
 VO | Professionalisering | Schoolorganisatie | Ook interessant
Er is geen duidelijk verband gevonden tussen kwaliteitszorg, de sturing binnen scholen, de bestuursvorm en de kwaliteit van het onderwijs. De meeste literatuur is beschrijvend of voorschrijvend van aard, met hooguit veronderstellingen over samenhang tussen kwaliteitszorg en onderwijskwaliteit. Evenmin is bekend welk besturingsprincipe het effectiefst is. In de praktijk is het mogelijk een hoge onderwijskwaliteit te handhaven zonder een landelijke overheidsinspectie. Hierbij kunnen ook andere factoren een rol spelen, zoals het academische niveau van het onderwijspersoneel.
Lees verder
Op welke wijze draagt de aanwezigheid van een achterwacht bij aan een veilig pedagogisch klimaat in de klas?
 (V)SO | Leer- & gedragsproblemen
Escalerend leerlinggedrag kan worden voorkomen of verminderd door gerichte interventies van de leraar. Bijvoorbeeld door een time-out, het tijdelijk de klas uitsturen van een leerling. De leraar moet in dat geval kunnen vertrouwen op een deskundige collega, een achterwacht, die de leerling opvangt en tot rust brengt. Deze ondersteuning vereist verbale en non-verbale vaardigheden, alsmede zelfbeheersing, empathie en inzet van lichaamstaal. Over het effect van de achterwacht op scholen is weinig bekend.
Lees verder
Hoe kunnen zaakvaklessen aansluiten bij de cognitieve capaciteiten van nieuwkomers?
 PO | Gelijke kansen | Schoolloopbaan | Taal | Vakken
Basisschoolleerkrachten kunnen leerlingen die het Nederlands niet goed beheersen op verschillende manieren bij de reguliere zaakvaklessen betrekken. Bijvoorbeeld door hen voorafgaand aan de les de belangrijkste woorden te leren. Ook kan de leerkracht de uitleg in het Nederlands geven, de lesstof versimpelen en moeilijk lesmateriaal overslaan. Leerlingen kunnen antwoorden in het Engels of in hun moedertaal en dat antwoord naar het Nederlands vertalen.
Lees verder
Leveren authentieke contexten bij rekenen een bijdrage aan de motivatie van studenten mbo-4?
 MBO | Werkplekleren
Authentieke taken, dat wil zeggen taken die een relatie met problemen in de werkelijkheid hebben, zijn betekenisvol voor studenten. Ze kunnen het gevoel van competentie bij studenten verhogen en daarmee de motivatie. Het is aan te bevelen om authentieke taken te gebruiken die aansluiten bij de beroepspraktijk of het dagelijks leven van de studenten. Zorg ervoor dat de taken voor de studenten uitdagend zijn, maar niet té moeilijk. Het is daarbij motiverend als studenten ook kunnen kiezen hoe ze het gestelde probleem kunnen aanpakken.
Lees verder
Heeft de stagevorm (lint- of blokstage) effect op het leerrendement in het mbo?
 MBO | Werkplekleren
Er is één studie naar de invloed van lint- en blokstages op het leerrendement in het mbo, maar daarin zijn geen effecten gevonden. Een aantal andere studies laat op basis van ervaringen van betrokkenen wel verschillende andersoortige voor- en nadelen van stagevormen zien. Genoemde voordelen van een lintstage zijn onder andere betere afstemming en afwisseling tussen theorie en praktijk, en meer mogelijkheden voor feedback en reflectie. Bij een blokstage zijn dat bijvoorbeeld lagere werkdruk voor studenten en meer tijd om een beroepshouding te ontwikkelen. Deze voordelen hebben weliswaar een indirecte link met leerrendement, maar die link is niet empirisch onderzocht.
Lees verder
Wat is het effect van het vertellen van onwaarheden op de sociaal-emotionele ontwikkeling van kinderen van 4 tot 12 jaar?
 PO | Professionalisering | Ook interessant
Liegen tegen kinderen leidt ertoe dat kinderen zelf ook meer liegen. Op latere leeftijd kan dit zorgen voor probleemgedrag, asociaal gedrag, diefstal, criminaliteit, vechten en depressiviteit. Kinderen vinden een leugen om de ander zich beter te laten voelen minder erg dan leugens om fouten te verbergen. Wat de gevolgen zijn van het vertellen van leugentjes om bestwil, of onwaarheden over bijvoorbeeld sinterklaas op de sociaal-emotionele ontwikkeling van kinderen is niet bekend. Ontdekken dat fantasiefiguren zoals sinterklaas niet bestaan, blijkt bij kinderen, in tegenstelling tot bij hun ouders, weinig negatieve gevoelens op te roepen.
Lees verder
Hoe kan een doorgaande lijn van voor- naar vroegschool bijdragen aan de cognitieve en sociaal-emotionele ontwikkeling van kinderen?
 VVE | Schoolloopbaan
De invloed van een doorgaande lijn (inhoudelijke en procesmatige afstemming) van voor- naar vroegscholen op leerprestaties en sociaal-emotioneel functioneren is slechts in één studie onderzocht. De onderzoekers vonden geen bewijs voor dit verband. Er is wel onderzoek naar factoren die een rol spelen bij de overgang van voorschool naar basisschool. Maar daarin zijn effecten op leerprestaties en sociaal-emotioneel functioneren niet meegenomen. Wel blijkt dat ouderbetrokkenheid belangrijk is, net als samenwerking tussen professionals rond de inhoud en het volgen van de ontwikkeling van kinderen. Verder kan een soepele overgang een positief effect hebben op de aanpassing van kinderen aan de nieuwe situatie.
Lees verder
Wat zijn de leeropbrengsten van internationaliseringsactiviteiten in het mbo?
 MBO | Professionalisering | Ook interessant
Door internationaliseringsactiviteiten in het onderwijs, zoals een buitenlandse stage of online samenwerken met buitenlandse studenten, kunnen mbo-studenten interculturele vaardigheden en kennis opdoen. De daadwerkelijke impact van deze activiteiten is echter nog niet goed onderzocht. Ervaringen van docenten en studenten laten zien dat deze activiteiten bijdragen aan zowel hun persoonlijke als professionele ontwikkeling. Om de invloed van internationaliseringsactiviteiten te vergroten, is het belangrijk dat onderwijsinstellingen beleid ontwikkelen waar de hele school achter staat. En docenten moeten voldoende worden ondersteund om dit beleid uit te voeren.
Lees verder
Kunnen de resultaten van leerlingen in de onderbouw van het voortgezet onderwijs schoolsucces in de bovenbouw voorspellen?
 VO | Schoolloopbaan
Resultaten in het basisonderwijs van leerlingvolgsysteemtoetsen en de eindtoets, voorspellen wel redelijk goed de onderwijspositie in het vierde jaar van het voortgezet onderwijs. Maar over de voorspellende waarde van leerlingresultaten in de onderbouw van het voortgezet onderwijs is weinig bekend. Onderzoek daarnaar is niet eenvoudig uit te voeren. De leerlingresultaten worden namelijk niet gemeten met een landelijk genormeerd instrument, maar leraren bepalen de rapportcijfers.
Lees verder
Wat is het effect van muziek luisteren tijdens het zelfstandig werken op de concentratie en motivatie bij basisschoolleerlingen?
 PO | Vakken | Zelfregulerend leren
Het is niet bekend of luisteren naar muziek invloed heeft op concentratie en motivatie van leerlingen in het primair onderwijs. Er is wel onderzoek gedaan naar het effect van muziek luisteren op cognitieve taken. Achtergrondmuziek blijkt geen, tot een klein negatief effect te hebben op het uitvoeren van cognitieve taken zoals geheugentesten en begrijpend lezen. Er zijn echter ook onderzoeken, bijvoorbeeld onder studenten, die wel positieve effecten vinden.
Lees verder
Dragen zelfwerkzaamheid en groepswerk in rekenonderwijs bij aan een abstract rekenniveau in groep 3-5?
 PO | Vakken
De ontwikkeling van rekenvaardigheid en inzicht staan bij rekenen centraal. Daarbij is rekenvaardigheid een voorwaarde om inzicht te ontwikkelen. Niet bekend is echter hoe het behalen van beheersingsniveaus in rekenen en rekendidactiek samenhangen. Dus de vraag is niet direct te beantwoorden. Er zijn wel factoren die de rekenontwikkeling kunnen stimuleren. Bijvoorbeeld gelegenheid creëren om te leren, instructie op maat, uitdagingen bieden en een focus op wiskundig probleemoplossen. Daarbij lijkt didactische ondersteuning, zoals het aanbieden van opgaven met beelden, goed te werken.
Lees verder
Kunnen theorieën over begeleide groepsontwikkeling bijdragen aan een positief klasklimaat in het primair onderwijs?
 PO | Professionalisering | Ook interessant
Theorieën over groepsontwikkeling proberen antwoord te vinden op de vraag hoe groepen zich door de tijd heen ontwikkelen. Er zijn verschillende van dit soort theorieën. Een van de bekendste is de theorie van Tuckman, die ook wordt toegepast in het basisonderwijs. Het is echter niet duidelijk of toepassing van deze theorie kan bijdragen aan een positief klasklimaat.
Lees verder
Welk effect heeft tutorlezen op de ontwikkeling van technische leesvaardigheid?
 PO | Taal | Vakken
Tutorlezen is een effectieve aanvulling op de klassikale leesinstructie. Het bevordert vloeiend lezen en heeft een positief effect op onder andere leesmotivatie en zelfvertrouwen. Wil tutorlezen effectief zijn dan zal het meerdere malen per week in korte sessies moeten plaatsvinden. Belangrijk is daarbij dat het leesmateriaal aansluit op de interesses en het niveau van de zwakkere lezers (de tutee). De tutoren (leerlingen uit hogere groepen of leerlingen met een betere leesvaardigheid) moeten vooraf worden getraind. En hoewel een goede relatie tussen de tutor en tutee essentieel is, dient de samenstelling van tutor-tutee koppels minimaal maandelijks te wisselen.
Lees verder
Wat is bekend over condities voor zelfregie van leraren op hun professionele ontwikkeling en welke rol speelt de schoolleider daarin?
 PO | Professionalisering | Management
Een proactieve houding en het nemen van verantwoordelijkheid zijn belangrijke voorwaarden voor de professionele ontwikkeling van leraren. De schoolleider biedt leraren hierbij ondersteuning en neemt barrières weg. Andere factoren die in samenhang bijdragen aan een effectieve professionele ontwikkeling zijn: gezamenlijk leren, tijd nemen voor een duurzaam resultaat, pedagogische kennis combineren met vakkennis die gericht zijn op het verbeteren van leerresultaten bij leerlingen. Dit alles in een positief leerklimaat.
Lees verder
Bevordert de inzet van School-Wide Positive Behavior Support het studiesucces van studenten in het mbo?
 MBO | Professionalisering | Ook interessant
School-Wide Positive Behavior Support is een interventie die sociaal gedrag bevordert en gedragsproblemen bij leerlingen gericht aanpakt. De inzet ervan kan probleemgedrag verminderen en sociale competenties van leerlingen bevorderen. Of het ook werkt in het mbo is niet bekend, het meeste onderzoek naar dit programma betreft het primair onderwijs. En effecten op leerprestaties zijn nauwelijks onderzocht.
Lees verder
Wat is een effectieve methode om pesten tegen te gaan?
 PO | Pesten
Pesten binnen het onderwijs kan worden teruggedrongen; een aantal antipestprogramma’s is effectief gebleken. Effectieve aanpakken combineren interventies op school-, klassikaal en individueel niveau. Antipestprogramma’s richten zich veelal op een breed scala aan doelen; niet alleen het terugdringen van pesten, maar ook het bevorderen van welbevinden, weerbaarheid, het aanleren van sociaal gedrag, et cetera. Welk programma voor een bepaalde school de beste keus is, hangt af van de context en de concrete doelen die de school ermee wil bereiken.
Lees verder

Niet gevonden waar je naar op zoek bent?

Stel direct jouw vraag