Filter resultaten op:
Onderwijssector
Onderwijsthema

Vraag & Antwoord

459 resultaten gevonden

Is directe instructie door leerkrachten effectief voor de ontwikkeling van taal- en rekenvaardigheden van laag presterende kleuters?
 PO | Differentiatie | Ook interessant
Directe instructie door leerkrachten draagt voor alle leerlingen in het basisonderwijs bij aan hun resultaten. Leerlingen met achterstanden profiteren daarvan het meest. Het inzetten van verlengde instructie voor laag presterende kleuters is niet voldoende om hen een inhaalslag te laten maken. Over het effect van verschillende varianten van directe instructie op de taal- en rekenvaardigheden van laag presterende kleuters is weinig bekend.
Lees verder
Wat is beter voor leerprestaties van leerlingen in het voortgezet onderwijs: grotere klassen met een klassenassistent of kleinere klassen zonder klassenassistent?
 VO | Schoolorganisatie | Ook interessant
Klassengrootte heeft over het algemeen geen invloed op de leerprestaties van leerlingen in het voortgezet onderwijs. Wel is er beperkt bewijs dat risico-leerlingen en leerlingen met een laag opgeleide moeder profiteren van kleinere klassen. Klassenverkleining is vooral effectief bij jonge leerlingen in het basisonderwijs. Hoe ouder de leerling, hoe kleiner de invloed van klassengrootte is. Over de inzet van assistenten in het voortgezet onderwijs in relatie tot klassengrootte is weinig bekend.
Lees verder
Is er een plafond aan het leervermogen van sommige volwassenen, waardoor ze het vereiste niveau voor de startkwalificatie niet kunnen behalen? 
 VOLWASSENENEDUCATIE
Het startniveau van de leerder, het aantal lesuren en de inzet van formatieve toetsing beïnvloeden het leren van de basisvaardigheden die horen bij de startkwalificatie door volwassen cursisten. Wanneer het niet meer zinvol is een cursus te blijven volgen als de vooruitgang stagneert, is niet betrouwbaar vast te stellen. Het is dus onduidelijk of er een plafond is aan het leervermogen van sommige volwassenen. 
Lees verder
Welke fasen en werkvormen van het directe instructiemodel zijn effectief bij afstandsonderwijs?
 PO | Differentiatie | ICT | Ook interessant
De effectiviteit van het directe instructiemodel bij afstandsonderwijs in het primair onderwijs is niet onderzocht. Wel hebben experts adviezen gegeven over toepassing ervan, naar aanleiding van de covid-19-uitbraak. Zij zien goede mogelijkheden voor digitale toepassingen van verschillende fasen en werkvormen van het model. Leerkrachten moeten dan wel interactie met de leerlingen benutten en haalbare doelen stellen. Ook wijzen experts op het belang van differentiatie, om te voorkomen dat achterstanden toenemen.
Lees verder
Ontwikkelen kleuters zich beter en sneller als ze regelmatig feedback krijgen op het werk in hun portfolio, in plaats van tweejaarlijks een rapport?
 PO | Toetsen & feedback | Ook interessant
Er is weinig bekend over het effect van feedback in een portfolio op de ontwikkeling van kleuters. Voor kleuters, die situaties minder gemakkelijk kunnen terughalen, geldt waarschijnlijk dat feedback vooral effectief is als het direct na de taak gegeven wordt.
Lees verder
Welke interventies van schoolleiders in het primair onderwijs zijn effectief om met het team een duurzame visie op onderwijs te ontwikkelen?
 PO | Professionalisering | Management | Schoolorganisatie
Schoolleiders in het primair onderwijs die hun team inspireren tot een gedeelde onderwijsvisie schetsen toekomstbeelden en betrekken andere belanghebbenden bij het ontwikkelen van de visie. Dit gaat gemakkelijker in een schoolcultuur waarin teamleden samenwerken en veel contact hebben met elkaar. Dit impliceert dat schoolleiders mogelijk interventies voor cultuurverandering moeten inzetten. Dan zijn ze gebaat bij goede voorbeelden van visies, analyses van doelen en acties voor de school, en reflectie.
Lees verder
Welke gedragseisen en randvoorwaarden voor samenwerking tussen professionals op scholen dragen bij aan effectieve implementatie van onderwijsontwikkelingen?
 VO | 21e-eeuwse vaardigheden
Interventies gericht op afzonderlijke teamleden, het team als geheel en de schoolorganisatie kunnen zorgen voor een effectieve implementatie van innovaties. Randvoorwaarden betreffen motivatie, groepsstructuur, begeleiding en contact, en faciliteiten. Daarnaast is aandacht nodig voor het gedrag van de professionals. Hierbij zijn ‘autonomie en toewijding in een constructief groepsproces met voldoende experimenteerruimte’ van belang. Sterk leiderschap en opvolging van de innovaties bevorderen een effectieve implementatie. Dat is mogelijk als de inhoud ook aansluit op de carrière van het teamlid, de taak van het team en deskundigheid in de organisatie.
Lees verder
Is Estafette een effectieve methode om de technische leesvaardigheid te bevorderen in groep 6 tot en met 8?
 PO | Taal | Vakken
Over het effect van de leesmethode Estafette op de technische leesvaardigheid van leerlingen in de groepen 6 tot en met 8 is niets bekend. Er is geen onderzoek gevonden naar de effectiviteit van de methode. Estafette is geïnspireerd op de uitgangspunten van close reading. Daar is wel onderzoek naar verricht, maar close reading richt zich vooral op begrijpend lezen. Eén element van close reading, herhaald lezen, heeft evenwel een duidelijk positief effect op vlot en vloeiend lezen.
Lees verder
In hoeverre kan ict in het voortgezet onderwijs bijdragen aan tijdsbesparing en minder werkdruk voor leraren?
 SECTOROVERSTIJGEND | ICT | Werkdruk
Of het gebruik van digitale middelen bij het lesgeven leidt tot een hogere efficiëntie of vermindering van werkdruk bij leraren is niet wetenschappelijk bewezen. Het is onder bepaalde voorwaarden wel mogelijk om met ict de werkdruk te verminderen. Daarvoor moet een leraar toegang hebben tot ict-faciliteiten op school en thuis, het dagelijks gebruiken en vertrouwen hebben in eigen kunnen (self-efficacy). Ook de kwaliteit van scholing en training kan leiden tot minder werkdruk. Daarnaast zijn er aanwijzingen dat de inzet van ict voor individueel onderwijs, bij lesvoorbereiding en nakijkwerk, een tijdsbesparing kan opleveren. 
Lees verder
Wat is het effect op de leerprestaties van vo-leerlingen als zij deels flexibele lesuren kunnen kiezen?
 VO | Schoolloopbaan | Toetsen & feedback | Ook interessant
Er is weinig onderzoek bekend naar de voor- of nadelen van flexibele lesuren voor de leerprestaties en motivatie van leerlingen. Uit ander onderzoek blijkt wel dat keuzevrijheid een positief effect heeft op motivatie, maar niet direct op de prestaties. Als leerlingen meer keuzevrijheid krijgen om zodoende hun leerprestaties te verbeteren, moeten ze wel over meer zelfregulerende vaardigheden beschikken. Door leerlingen te begeleiden in het keuzeproces kunnen zij die vaardigheden aanleren.
Lees verder
Welke wijze van beoordelen door leraren draagt het meest bij aan de self-efficacy van leerlingen?
 VO | Toetsen & feedback | Ook interessant
Er is geen duidelijke relatie gevonden tussen manieren van beoordelen door leraren (cijfer, niveauaanduiding, dialoog) en het vertrouwen in eigen kunnen van leerlingen. Wel zijn er aanwijzingen voor een positief verband tussen dat vertrouwen en het gebruik van rubrics – tekst in tabellen om het werk van leerlingen te beoordelen – in combinatie met feedback. Feedback gericht op het proces is hierbij effectiever dan feedback op de prestatie.
Lees verder
Met welke interventies kunnen middelbare scholen zich duurzaam en wederkerig verbinden met de wijk, als context voor burgerschapsontwikkeling van leerlingen?
 VO | Leergemeenschappen | Ook interessant
Succesfactoren bij het aangaan en onderhouden van een relatie met de omgeving zijn een gedeelde visie, leiderschap en coördinatie, draagvlak, communicatie, vertrouwen, kwaliteit en aandacht voor randvoorwaarden. Aanvullingen op of afwijkingen van deze factoren zijn afhankelijk van het doel waarmee de school voor voortgezet onderwijs de samenwerking aangaat. Naar samenwerking specifiek gericht op de vormgeving van burgerschap is in Nederland geen onderzoek verricht.
Lees verder
Welke taalactiviteiten hebben een bewezen effect op de taalontwikkeling van kleuters met een ontwikkelingsvoorsprong?
 LERARENOPLEIDING | Differentiatie | Taal | Vakken | Ook interessant
Taalactiviteiten die de taalontwikkeling van kleuters in het algemeen stimuleren, zijn interactief voorlezen, mindmapping en dialogische gesprekken voeren. Leerkrachten kunnen veel van deze activiteiten voor kleuters met een ontwikkelingsvoorsprong richten op hogere cognitieve vaardigheden. Daardoor worden deze kleuters uitgedaagd en verwerven ze nieuwe inzichten.
Lees verder
Welke interventies van een schoolleider bevorderen dat lerarenteams het eigenaarschap van leerlingen gaan versterken?
 PO | VO | 21e-eeuwse vaardigheden | Professionalisering | Management | Leergemeenschappen | Schoolorganisatie | Zelfregulerend leren | Ook interessant
Het bevorderen en ondersteunen van een ‘samen lerende en onderzoekende schoolcultuur’ en het (her)ontwerpen van het onderwijs kunnen waarschijnlijk indirect het eigenaarschap van leerlingen versterken. Andere mogelijkheden zijn interventies voor praktijknabije professionalisering van leraren en lerarenteams. Bovendien zijn interventies voor het in netwerken (her)ontwerpen en onderzoeken van het onderwijs een optie. Er is echter geen direct onderzoek bekend over welke schoolleidersinterventies het eigenaarschap van leerlingen versterken.
Lees verder
Welke ontwikkelingsaspecten van leerlingen in groep 1 en 2 voorspellen leerprestaties vanaf groep 3?
 PO | Leer- & gedragsproblemen
De ontwikkeling van jonge kinderen wordt bepaald door persoonlijke factoren en omgevingsfactoren. Hoewel bekend is welke factoren van invloed zijn, is voorspellen over leerprestaties voor individuele leerlingen niet eenvoudig. Voor het vaststellen van de taal- en rekenontwikkeling zijn er toetsen, maar het gebruik hiervan is vanaf medio 2022 niet meer toegestaan. Observatie-instrumenten als alternatief zijn nog niet beoordeeld op betrouwbaarheid. Beschikbare indicatoren van omgevingsfactoren zijn alleen bruikbaar voor het voorspellen van het gemiddelde niveau, niet van het individuele niveau.
Lees verder
Hoe kun je vwo-leerlingen onderzoekende competenties aanleren die ze later nodig hebben in het wetenschappelijk onderwijs?
 VO
Vwo-leerlingen kunnen onderzoekende competenties ontwikkelen door onderzoeksopdrachten uit te voeren die een geleidelijke opbouw hebben. Een onderzoeksleerlijn die de samenhang tussen verschillende vakken creëert, geeft docenten en leerlingen houvast. Belangrijk is wel dat alle betrokken docenten er eenduidige instructies over geven en expliciet de fasen van een onderzoek bespreken. Leerlingen ontwikkelen hun onderzoekende houding beter als zij kunnen werken aan een vraagstuk dat hen interesseert en waarbij zij al doende nieuwe kennis opdoen. Belangrijk is dat de docent hun structuur, passende opdrachten en begeleiding biedt.
Lees verder
Is het waar dat leerlingen in de onderbouw van het voortgezet onderwijs zich minder veilig kunnen ontwikkelen in een kleinere klas dan in een grotere klas?
 VO | Schoolorganisatie
Leerlingen in het voortgezet onderwijs kunnen zich even veilig ontwikkelen in een kleine klas als in een grote klas. Blijkbaar is de grootte van de klas geen bepalende factor voor leerlingen als het gaat om mentale gezondheid en welzijn. Dat beeld komt naar voren uit een beperkt aantal wetenschappelijke publicaties.
Lees verder
Welke competenties hebben docenten nodig om leerlingen/studenten in het (v)mbo te begeleiden bij authentieke opdrachten?
 LERARENOPLEIDING | VO | MBO | Professionalisering | Werkplekleren | Ook interessant
Het lijkt bevorderlijk als docenten in het vmbo en het mbo theorie en praktijk in authentieke opdrachten met elkaar verbinden. Een brede blik op het beroep kan helpen om dit te realiseren. Authentiek leren vraagt van docenten ook ontwerpvaardigheden. Docenten kunnen verschillende vormen gebruiken om leerlingen en studenten te begeleiden. Bij elk van deze vaardigheden en activiteiten is het belangrijk om dit te doen in samenwerking met de opdrachtpartners.
Lees verder
Welk effect heeft aandacht voor verschillende tekstsoorten in de bovenbouw van het basisonderwijs op de leesvaardigheid van leerlingen?
 PO | Taal | Vakken
Aandacht voor tekstsoorten en tekststructuren heeft een positief effect op het begrijpen van verschillende teksten door leerlingen in het basisonderwijs. Echter, dit effect treedt pas op bij voldoende tijdsinvestering en als leerkrachten ten minste twee verschillende tekststructuren aanbieden. Bij instructie in verschillende tekststructuren ligt de focus vooral op de organisatie van ideeën in de tekst, het leggen van verbanden tussen die ideeën en het gebruik van signaalwoorden.
Lees verder
Wat zijn determinanten van effectieve interactieve feedback tijdens co-teaching in de klas?
 LERARENOPLEIDING | PO | VO | (V)SO | MBO | SECTOROVERSTIJGEND | Professionalisering | Toetsen & feedback | Ook interessant
Co-teaching (samen lessen voorbereiden, geven en evalueren) biedt kansen voor professionele ontwikkeling van leraren. Het vereist wel investeringen in tijd, visieontwikkeling, reflectievaardigheden, training en écht partnerschap. Effectief leren van elkaar tijdens de les kan onder die condities onder meer door modelleren en coachen met een oortje.
Lees verder
Hoe kunnen leraren het gebruik van rekenen en wiskunde in het dagelijks leven van zeer moeilijk lerende leerlingen uit het voorgezet speciaal onderwijs bevorderen?
 (V)SO | Vakken
Het aanbieden van reken- en wiskundeonderwijs in betekenisvolle contexten bevordert de sociale redzaamheid van zeer moeilijk lerende leerlingen uit het voorgezet speciaal onderwijs. Dit geldt ook voor basale rekenvaardigheden. De kans op transfer is groter wanneer leerlingen kennis, vaardigheden en inzichten leren in de setting waarin ze de vaardigheden moeten gebruiken. Systematische instructie is het effectiefst om deze leerlingen rekenkennis en -vaardigheden aan te leren. Het gebruik van ict kan alledaagse contexten simuleren.
Lees verder
Welke talige factoren dragen bij aan de integratie van taalonderwijs in andere vakken in het basisonderwijs?
 PO | Taal | Vakken
Bij het integreren van taal in andere vakken ligt de nadruk op lezen en schrijven. Kennis van tekstsoorten, structuren en verbanden dragen bij aan tekstbegrip en schrijven. Ook achtergrondkennis en woordenschat zorgen daarvoor. Goed tekstbegrip leidt tot meer toegang tot en opbouw van kennis in de andere vakken. De ontwikkeling op een bepaald taaldomein, bijvoorbeeld lezen, heeft ook een positief effect op andere taaldomeinen, zoals schrijven en spreken.
Lees verder
Welke methoden voor leesbevordering zijn effectief om leerlingen van 12 tot 16 jaar meer te laten lezen?
 VO | SECTOROVERSTIJGEND | Motivatie | Taal | Vakken
Door verhoging van de leesmotivatie zal de leesfrequentie bij leerlingen in het voortgezet onderwijs toenemen en daarmee ook hun leesvaardigheid. Een hogere leesvaardigheid vergroot de kansen op een goede schoolcarrière. Een schoolbreed leesbevorderingsbeleid draagt bij aan leesmotivatie. Belangrijk onderdeel daarvan is het aanbieden van een grote variatie aan boeken – fictie en non-fictie – rekening houdend met de behoeften en belangstelling van alle leerlingen. Verder helpt het als de vakleraren de leerlingen begeleiden in het lezen.
Lees verder
Is het waar dat de leerkracht het beste met leren lezen kan beginnen als de leerling ‘leesrijp’ is?
 PO | Taal | Vakken
Er is geen bewijs dat je als leerkracht het beste met leren lezen kunt beginnen als de leerling ‘leesrijp’ is. Een uitdagende geletterde omgeving in groep 1 en 2 is wel van bewezen belang. Daarnaast zijn er veel aanwijzingen dat het gericht bevorderen van fonemisch bewustzijn (het besef dat woorden uit klanken bestaan) en klank-tekenkoppelingen in de kleutergroepen het aanvankelijk lezen in groep 3 ten goede komt.
Lees verder
Wat draagt meer bij aan de ontwikkeling van kleuters ter voorbereiding op groep 3: aparte jaargroepen 1 en 2 of combinatiegroepen 1-2?
 PO | Ook interessant
Onderwijs in combinatiegroepen 1-2 lijkt minder gunstig te zijn voor de cognitieve ontwikkeling van kleuters, vooral de oudere kleuters in de groep. Voor oudere kleuters zijn aparte jaargroepen beter. Het verschil zit hem in de instructietijd en de kwaliteit van interacties tussen leerkracht en leerlingen, die zijn beter in jaargroepen dan in combinatiegroepen. De effecten van combinatiegroepen op de sociale ontwikkeling zijn niet eenduidig. Sommige onderzoeken vinden geen verschil met jaargroepen. Volgens ander onderzoek hebben combinatiegroepen een positieve invloed op het spel van leerlingen en zijn er minder conflicten dan in jaargroepen.
Lees verder
Wat zijn werkzame kenmerken van afstandsonderwijs in het mbo?
 VOLWASSENENEDUCATIE | MBO | HO | SECTOROVERSTIJGEND | ICT
Werkzame kenmerken van afstandsonderwijs zijn constructieve doelgerichte dialoog tussen student en docent, een goede en flexibele structuur van het programma en gevoel van autonomie bij de student. Online-onderwijs gecombineerd met face-to-face momenten (blended onderwijs) lijkt effectiever te zijn dan alleen online- of face-to-face-onderwijs. Dit blijkt in elk geval voor in het hoger onderwijs en volwassenenonderwijs. Over effectiviteit en kenmerken van afstandsonderwijs specifiek in het mbo is weinig bekend.
Lees verder
Is het waar dat kinderen minimaal 60 woorden per minuut moeten lezen om een tekst te kunnen begrijpen? 
 PO | Taal | Vakken
Onderzoek laat zien dat basisschoolleerlingen tussen de 50 en 70 woorden per minuut correct moeten kunnen lezen om een tekst goed te kunnen begrijpen. Als een leerling minder woorden per minuut leest, staat dit het tekstbegrip in de weg omdat hij aan het einde van de regel alweer vergeten is wat er aan het begin stond. Aandacht voor leestempo is dus belangrijk voor het technisch leesonderwijs. Maar tempo is niet belangrijker dan nauwkeurigheid; hier geldt dus: eerst goed, dan snel. Bij begrijpend lezen speelt niet zozeer het leestempo, maar de woordenschat van leerlingen een belangrijke rol.
Lees verder
Zijn er effectieve interventies op de samenstelling van klassen in de bovenbouw van havo/vwo, zodanig dat het leer- en werkklimaat gunstig is voor leer- en examenresultaten? 
 VO | Schoolorganisatie | Ook interessant
Leraren hebben met verschillende didactische en pedagogische interventies invloed op het klimaat in de klas. Voorbeelden zijn instellen van gedragsregels, toewijzen van zitplaatsen, praten met ordeverstoorders, ingrijpen bij pestgedrag, en leerlingen laten werken aan groepstaken. De samenstelling van een klas heeft doorgaans weinig invloed op klimaat en leerprestaties. Veranderen van de groepssamenstelling kan mogelijk wel helpen als het werk- en leerklimaat verstoord is en interventies in de bestaande klas niet voldoende opleveren. Onderzoek hiernaar ontbreekt echter.
Lees verder
Hoe kan hoekenwerk in groep 3 en 4 het spelend leren faciliteren, zodat de leerlingen de leerdoelen van hoekenwerk bereiken?
 PO | Zelfregulerend leren | Ook interessant
Om leerlingen effectief te laten leren van spel in hoeken is het nodig regels op te stellen voor het hoekenwerk en er voor te zorgen dat leerlingen zich betrokken voelen. Binnen de gestelde kaders moeten leerlingen zelf kunnen bepalen hoe zij hun spel spelen. Drie factoren zijn van invloed op de kwaliteit van het spel: de speelomgeving, de interactie tussen de leerlingen onderling en de interactie met de leerkracht. Een leerkracht bereikt meer met spelend leren als de leerdoelen aansluiten bij de ontwikkeling van de individuele leerling.
Lees verder
Welke effecten heeft een zomerschool op de (taal)ontwikkeling van jonge kinderen met een taalachterstand? Welke activiteiten dragen bij aan stimulering van de (taal)ontwikkeling?
 PO | Differentiatie | Gelijke kansen | Taal | Vakken
Zomerscholen zijn een effectieve manier van onderwijstijdverlenging. En ze stimuleren de taalontwikkeling van basisschoolleerlingen. Belangrijk is dat de leerlingen intensief met taal in aanraking komen voor langere tijd, dat ze les krijgen in kleine groepen en dat hun ouders betrokken zijn. Activiteiten om de taalontwikkeling van jonge kinderen met een taalachterstand te bevorderen zijn het aanbieden van een talige omgeving, veel spreekgelegenheid, focus op betekenisvolle taaltaken en samenwerking, en waar nodig expliciete instructie.
Lees verder
Wat is het effect van het gebruik van woorden als ‘voldoende’ en ‘ruim voldoende’ op een schoolrapport in plaats van cijfers bij leerlingen in het basisonderwijs?
 PO | Toetsen & feedback
Experts zijn behoorlijk eensgezind: het maakt niet uit of een leerkracht in een schoolrapport cijfers of woorden als ‘voldoende’ of ‘ruim voldoende’ gebruikt. Het gaat erom dat de rapportage begrijpelijk is en dat de leerling weet hoe hij zijn leren kan verbeteren. Daarvoor heeft hij een duidelijk beeld nodig van de kwaliteit van zijn werk. Een dialoog tussen leraar en leerlingen over kwaliteit kan bijdragen aan een versterking van dit beeld. Onderzoek naar het effect op leerlingen van cijfers of woorden als rapportageschaal is nauwelijks gedaan.
Lees verder
Mag een leerkracht de voorbereiding, afname en/of beoordeling van dictees aanpassen voor een goede beoordeling van de spellingvaardigheid van leerlingen met dyslexie?
 PO | Leer- & gedragsproblemen | Taal | Toetsen & feedback
Of een leerkracht de afname- en beoordelingsprocedure van een dictee mag aanpassen bij dyslectische leerlingen hangt af van het doel. Als de leerkracht de leerling wil vergelijken met andere leerlingen in de klas of met een landelijke norm, zijn wijzigingen niet toegestaan. Wil de leerkracht het dictee als formatieve toets gebruiken, om de leerling verder te helpen in het leren, dan zijn wijzigingen wel mogelijk. Het verdient aanbeveling om op schoolniveau door de leerjaren heen dezelfde wijzigingen toe te passen. Alleen dan is het namelijk mogelijk om resultaten van de leerling met eerdere resultaten te vergelijken.
Lees verder
Met welke aanpakken kan een basisschool samen met ouders de fitheid van leerlingen vergroten? Welke invloed heeft fitheid op hun taal- en rekenvaardigheden?
 PO | Leer- & gedragsproblemen | Vakken
De fitheid van leerlingen is van invloed op hun schoolprestaties. Leerlingen met een goed uithoudingsvermogen halen betere resultaten op taal- en rekentoetsen. Mentale gezondheidsproblemen hangen samen met lagere schoolprestaties. Er zijn meerdere interventies voor scholen om aan de fitheid van leerlingen te werken, waarvan enkele met succes: fittere leerlingen. Over effecten van de interventies op schoolprestaties is echter weinig bekend. Een enkele keer spelen ouders een rol in die interventies. Dat verhoogt hun betrokkenheid, maar onduidelijk is of dat het effect van de interventies versterkt.
Lees verder
Welke groepssamenstelling zorgt voor de beste leerresultaten in het mbo: een homogene of heterogene indeling naar niveau?
 MBO | Taal | Vakken | Ook interessant
Een homogene groepsindeling (waarin leerlingen ongeveer hetzelfde niveau hebben) en een heterogene groepsindeling (waarin de niveaus uit elkaar lopen) brengen elk hun eigen aandachtspunten met zich mee. In een homogene groep moet de docent ervoor zorgen dat studenten met een lager startniveau worden uitgedaagd. In heterogene groepen is het vooral belangrijk dat ook studenten met een hoog startniveau zich verder kunnen ontwikkelen. Door te wisselen van groepssamenstelling is het mogelijk om de voordelen van beide indelingen te benutten. Doorslaggevend voor de beste leerprestaties is dat docenten de werkvorm, instructiestijl, het lesmateriaal en tempo goed laten aansluiten bij het niveau van de studenten.  
Lees verder
Wat zijn ontwerpcriteria voor effectief educatief beeldmateriaal voor taalzwakke mbo-ers?
 MBO | ICT
Goed leermateriaal ondersteunt het leren en oogt aantrekkelijk. Digitaal leermateriaal spreekt meerdere zintuigen tegelijkertijd aan. Visuele elementen zijn beeld en tekst, auditieve elementen geluid en gesproken tekst. Algemeen geldt dat het directe leereffect op de korte termijn sterker wordt bij het combineren van beeld en gesproken tekst. Er zijn aanwijzingen dat voor leren op de lange termijn de combinatie van beeld met geschreven tekst effectiever is. Specifiek onderzoek over educatief beeldmateriaal voor taalzwakke mbo-ers, ontbreekt.
Lees verder
Welke factoren belemmeren of stimuleren onderwijsprofessionals om inzichten uit onderzoek te benutten in hun praktijk?
 PO | VO | MBO | Professionalisering | Vernieuwingsonderwijs | Ook interessant
Onderwijsprofessionals gebruiken inzichten uit onderzoek gemakkelijker als op hun school een structuur voor kennisbenutting aanwezig is en er een onderzoekscultuur heerst. De houding en vaardigheden van onderwijsprofessionals spelen ook een rol, maar hoe deze tot uiting komen is afhankelijk van de schoolcontext. Er zijn sterke aanwijzingen dat onderwijsprofessionals eerder kennis benutten wanneer zij die samen met onderzoekers creëren en ze een gelijkwaardige relatie met hen hebben.
Lees verder
Hoe kan tijdens de stage zelfsturend leren bij mbo-studenten worden bevorderd, zodat het leerrendement wordt vergroot?
 MBO | Schoolloopbaan | Werkplekleren
Werkgevers en opleiders kunnen zelfregie van mbo-studenten tijdens stages stimuleren. De werkgever moet de inbreng van de student serieus nemen en hem of haar gestructureerd laten werken. De opleider geeft aandacht aan het vermogen en de bereidheid tot leren, naast het aanleren van emotionele volwassenheid. Verder legt de opleider nadruk op vaardigheden als het geleerde in de praktijk toepassen, creativiteit en kritisch denken. De student maakt zich zelfsturend leren eigen door te leren om minder hulp te vragen, taakstrategieën zelfstandiger en beter uit te voeren. Maar ook door tijd efficiënter te beheren en meer waarde te hechten aan het leren zelf.
Lees verder
Is het waar dat samenwerken bij moderne vreemde talen bijdraagt aan leerprestaties?
 LERARENOPLEIDING | PO | VO | MBO | HO | 21e-eeuwse vaardigheden | Taal | Vakken | Ook interessant
Samenwerking bevordert de prestaties bij het leren van een nieuwe taal. Het draagt bij aan betere leerprestaties op taal in het algemeen, en op afzonderlijke onderdelen als lezen, woordenschat, grammatica, schrijfvaardigheid en spreekvaardigheid. Leerlingen die samenwerken hebben directe mogelijkheden om te oefenen met communiceren en kennis uit te bereiden. Ook is er een indirect effect op vertrouwen en motivatie door het groepsgevoel.
Lees verder
Hoe kunnen leerkrachten het eigenaarschap van leerlingen in het primair onderwijs versterken?
 PO
Leerkrachten kunnen eigenaarschap van leerlingen bevorderen door samen haalbare en uitdagende doelen te stellen. Maar ook door leerstrategieën direct en ingebed in de leerstof te onderwijzen, en door procesgerichte feedback te geven. Louter autonomie verlenen aan leerlingen helpt vaak niet. Leerlingen tonen zich eigenaar van het leren als zij actief de verantwoordelijkheid nemen voor hun leerproces en resultaten. Dit hangt mede samen met de mate waarin zij in staat zijn om het eigen leerproces te sturen. Eigenaarschap en zelfgestuurd leren zijn al mogelijk vanaf jonge leeftijd. Daar is wel instructie en begeleiding door leerkrachten en ouders bij nodig.
Lees verder
Wat is in het voortgezet onderwijs het effect van periodisering op leerprestaties?
 VO | Schoolorganisatie | Ook interessant
Periodiseren is het aanbieden van bepaalde vakken in een deel van het schooljaar. Dit laatste biedt minder mogelijkheden voor gespreid leren en afwisselend leren. Van deze wijzen van leren is bekend dat het sterke en grote positieve effecten heeft op de leerprestaties van leerlingen op de langere termijn. Periodisering in het rooster heeft daarmee vermoedelijk een ongunstig langetermijneffect op leerprestaties, die niet kunnen worden gecompenseerd door afwisselend leren.
Lees verder
Heeft instructie in en begeleiding van begrijpend luisteren in groep 1 en 2 een positief effect op begrijpend lezen in groep 4?
 PO | Ook interessant
Begrijpend luisteren vertoont een duidelijke relatie met begrijpend lezen. De vaardigheid begrijpend luisteren in groep 1 en 2 heeft zelfs een voorspellende waarde voor het leesbegrip op latere leeftijd. Dit komt onder meer door gedeelde subvaardigheden als het maken van inferenties (leerlingen leggen verbanden tussen de tekst en hun kennis van de wereld). Het aanleren van subvaardigheden in groep 1 en 2 kan ervoor zorgen dat leerlingen deze vaardigheden ook gebruiken bij het begrijpend lezen in groep 4.
Lees verder
Hoe kunnen middenmanagers in het vo een positieve invloed uitoefenen op de ontwikkeling van een lerende organisatie en leercultuur?
 VO | Professionalisering | Management
Middenmanagers in het voortgezet onderwijs krijgen een steeds grotere rol in de ontwikkeling van hun school als lerende organisatie. Hoe zij positieve invloed kunnen uitoefenen op de leercultuur en de ontwikkeling van een lerende organisatie is nauwelijks wetenschappelijk onderzocht. Wel kunnen we uit onderzoek afleiden dat middenmanagers leerprocessen op school positief kunnen beïnvloeden als zij professionele leergemeenschappen bouwen waar leraren samen onderzoeken en ontwikkelen. Ook spelen zij een belangrijke rol bij het creëren van draagvlak voor vernieuwingen. Middenmanagers blijken nogal eens te verschillen in hun communicatie met docenten. Daardoor zijn niet alle docenten even goed op de hoogte van zaken die te maken hebben met de professionele leercultuur. 
Lees verder
Van welk soort bijeenkomst (fysiek en digitaal) leren leraren het meest van onderwijsonderzoek?
 LERARENOPLEIDING | VOLWASSENENEDUCATIE | PO | VO | (V)SO | MBO | HO | VVE | SECTOROVERSTIJGEND | Professionalisering | Ook interessant
Leraren kunnen leren van onderwijsonderzoek op bijeenkomsten met onderzoekers. Als dat in een serie plaatsvindt, versterkt het de kennisoverdracht (transfer) van nieuwe inzichten uit onderwijsonderzoek naar de onderwijspraktijk. Belangrijk is dat de inhoud die zij bespreken gelinkt is aan de dagelijkse praktijk van de leraar. Daarnaast moeten leraren elkaar feedback kunnen geven en onderwerpen analyseren en bediscussiëren. Dit geldt voor fysieke bijeenkomsten zoals een training of conferentie en ook voor digitale sessies, zoals een online forum. Een moderator van een online community helpt leraren om tot diepere inzichten te komen, maar of zij dit ook toepassen in hun onderwijspraktijk is nog weinig onderzocht.
Lees verder
Heeft het aantal herkansingsmogelijkheden voor tentamens effect op het studiegedrag en studiesucces van studenten aan lerarenopleidingen?
 LERARENOPLEIDING | VO | HO | Toetsen & feedback
De mogelijkheid van herkansingen voor een tentamen leidt in het hoger onderwijs niet tot betere of slechtere studieresultaten in latere jaren. De prestaties van studenten die via herkansing een vak halen, wijken niet af van studenten die een niet-gehaald vak compenseren. Verder zijn er aanwijzingen dat studenten tamelijk rationale kosten-batenafwegingen maken voor de studietijd die ze investeren in een tentamen. Als ze kunnen herkansen, leidt dat ertoe dat ze minder studietijd investeren. Dit blijkt uit onderzoeken onder economie- en psychologiestudenten en is hoogstwaarschijnlijk ook van toepassing op studenten aan lerarenopleidingen. 
Lees verder
Op welke manier is oefenen met toetsen in het basisonderwijs effectief voor een betere beheersing van de lesstof, in plaats van teaching to the test?
 PO | Toetsen & feedback
Een oefentoets als formatieve toets geeft feedback aan de leerling en aan de leerkracht over het leerproces. Deze feedback leidt naar verwachting tot een betere beheersing van de te toetsen lesstof. Daarnaast kan een oefentoets dienen om leerlingen basisvaardigheden voor testafname aan te leren. Ook doen ze dan kennis van het toets- en antwoordformat op. Het uitgebreid oefenen van specifieke toetsinhoud kan er toe leiden dat een toetsscore niet aangeeft waar de leerling echt staat, maar zijn niveau overschat. De score geeft dan niet het vaardigheids- of kennisdomein weer dat de toets beoogt te meten.
Lees verder
Wat werkt in het rekenonderwijs op de basisschool om bij leerlingen het automatiseren en memoriseren van basisbewerkingen aan te leren?
 PO | Vakken
Veel oefenen helpt bij het leren automatiseren en memoriseren van basisbewerkingen voor rekenen en wiskunde. Zwakke rekenaars zijn gebaat bij programma’s met een systematische lesopbouw, één strategie, directe instructie en herhalingsoefeningen. Ook een vorm van bewegend leren heeft een positief effect op het automatiseren. Over het beste moment en fasering is weinig bekend. Scholen met effectief onderwijs in het automatiseren en memoriseren van basisbewerkingen rekenen en wiskunde onderscheiden zich van andere scholen door hun invulling van aanbod, onderwijstijd, didactisch handelen, zorg en begeleiding, en kwaliteitszorg.
Lees verder
Wat is het effect van de mindsettheorie op de leermotivatie en leerresultaten van leerlingen in het voortgezet onderwijs? 
 PO | VO | Motivatie
Er is weinig wetenschappelijke steun voor positieve effecten van mindsetinterventies in het onderwijs. Veel onderzoeken hebben onvoldoende kwaliteit of er zijn geen effecten gevonden. Als er wel effecten zijn, dan is dat vooral bij specifieke groepen. Bij jonge kinderen hebben mindsetinterventies soms positieve resultaten. Bij oudere kinderen en studenten is er weinig tot geen effect, en soms zelfs een negatief resultaat.
Lees verder
Is er voor nieuwkomers een ondergrens van beheersing van het Nederlands waarbij de validiteit van de eindtoets basisonderwijs in het geding is?
 PO | Taal | Vakken
De validiteit van de eindtoets basisonderwijs is in het geding als de leerling de Nederlandse taal onvoldoende beheerst. Vanuit de literatuur zijn geen ondergrenzen voor het taalbeheersingsniveau bekend om een eindtoets te maken. Doel van de eindtoets is echter om het referentieniveau op taal- en rekenniveau bij leerlingen in groep 8 vast te stellen. Aan het einde van de basisschool is voor taal een referentieniveau van 1F gewenst. Toetsontwikkelaars houden daar rekening mee. Daarom kun je er vanuit gaan dat bij nieuwkomers een taalbeheersingsniveau van rond 1F afdoende is om een valide meting te krijgen.
Lees verder
In hoeverre heeft verplichte deelname aan formatieve toetsen effect op leerprestaties van studenten in het mbo?
 MBO | Toetsen & feedback
Over de invloed van verplichte of vrijwillige deelname aan formatieve toetsen op leerprestaties is amper onderzoek verricht. Mogelijk schatten wetenschappers dit kenmerk in als weinig relevant voor de effectiviteit. Over aspecten van effectieve formatieve toetsing is daarentegen veel bekend. Aantoonbaar effectief zijn bepaalde kenmerken van de toetsen zelf, van de docent, van de student en van de context.
Lees verder
Is een aparte taalklas voor instromende NT2-leerlingen in het basisonderwijs beter voor de taalontwikkeling in het Nederlands?
 PO | Gelijke kansen | Schoolloopbaan
Het is voor de taalontwikkeling beter als leerlingen met een andere eerste taal dan het Nederlands direct instromen in het reguliere onderwijs. Deze NT2-leerlingen hebben minimaal vier jaar nodig om op hetzelfde niveau te komen als hun leeftijdsgenoten. In een aparte taalklas missen de leerlingen de rijke input van Nederlandstalige klasgenootjes. Het is wel nodig dat er in het reguliere onderwijs een positief, inclusief schoolklimaat heerst met ruimte voor de moedertaal. Dat geldt voor NT2-leerlingen van alle leeftijden en alle achtergronden. Belangrijk is verder dat ze langdurig en systematisch extra taalondersteuning krijgen van een NT2-specialist.
Lees verder
Wat zijn effectieve interventies om gedragsproblemen bij basisschoolleerlingen aan te pakken?
 PO | Leer- & gedragsproblemen
Gerichte interventies kunnen probleemgedrag bij leerlingen terugdringen of voorkomen. Welke aanpak het geschiktst is, hangt af van de ernst van de gedragsproblemen en de leeftijd van de leerling. Gaat het om leerlingen tot twaalf jaar, dan is een gedragstherapeutische training voor ouders het effectiefst. Mocht dat niet werken, dan is cognitieve gedragstherapie voor het kind zelf – vanaf acht jaar – een optie. Het gaat dan vooral om training in zelfcontrole en het reguleren van agressie. Daarnaast bevordert de therapie de ontwikkeling van sociale vaardigheden of probleemoplossend vermogen. Ook het versterken van executieve functies kan probleemgedrag terugdringen.
Lees verder
Draagt participatieve fotografie bij aan de ontwikkeling van metacognitieve vaardigheden bij leerlingen met een ontwikkelingsachterstand of laag IQ?
 (V)SO | ICT | Leer- & gedragsproblemen
Leerlingen met een jonge ontwikkelingsleeftijd (die wat het verstandelijk niveau van functioneren betreft onder het gemiddelde zitten) en met een licht verstandelijke beperking (een IQ tussen de 60-70) hebben vaak moeite om na te denken of te praten over hun eigen cognitie, motivatie, gedrag en over ruimte en materialen. Dat maakt dat ze hun metacognitieve vaardigheden minder goed kunnen ontwikkelen. En die vaardigheden zijn essentieel om te kunnen leren. Participatieve fotografie zou een hulpmiddel kunnen zijn. Het gaat daarbij opdrachten waarin leerlingen digitale beelden maken, hierop reflecteren en deze samen met de leraar of de groep bespreken,. De leraar krijgt dan ook meer zicht op het leerproces van de leerling.
Lees verder
Wat is bekend over de voortijdige uitstroom van pabo-studenten en startende leerkrachten in het primair onderwijs?
 PO | Werkdruk | Ook interessant
Sinds 2014 is de uitval van pabo-studenten afgenomen. In het studiejaar 2015/2016 stopte 13 procent van de voltijdstudenten voortijdig en 28 procent van de deeltijdstudenten. Het gaat vooral om mannen, studenten met een niet-westerse achtergrond en studenten met een mbo-vooropleiding. Ook onder startende leerkrachten neemt de uitval de laatste jaren af. Na 1 jaar houdt ongeveer 8 procent het voor gezien, na 3 jaar zo’n 15 procent. Redenen om te stoppen liggen op het persoonlijke vlak of hebben te maken met gezondheid. Andere redenen zijn werkdruk en stress, minder goede relaties met collega’s en leidinggevenden, en gebrek aan doorgroeimogelijkheden.
Lees verder
Wat is een correcte toetsconstructie met de portfoliomethodiek voor de verwerving van taal-, reken- en digitale vaardigheden door volwassenen?
 VOLWASSENENEDUCATIE | ICT | Taal | Toetsen & feedback | Vakken
De portfoliomethodiek kan een sterke vorm zijn om een leertraject voor het aanleren van de Nederlands taal, rekenen en digitale vaardigheden te evalueren. Hierbij is aandacht voor goede feedback door de supervisor of de docent belangrijk. Ook helpt een kwalitatief goed zelfassessment van de deelnemer. De toetsvormen kunnen verschillend zijn, maar moeten wel een onderbouwde cesuur hebben. Ofwel, de grens tussen voldoende en onvoldoende moet hout snijden.
Lees verder
Aan welke eisen moeten lesmaterialen voldoen om laagopgeleide volwassen NT1-deelnemers hun moedertaal Nederlands aan te leren tot het niveau 1F?
 VOLWASSENENEDUCATIE | Differentiatie | Taal | Vakken
Omdat methodisch lesmateriaal voor laagopgeleide volwassenen met Nederlands als moedertaal nagenoeg ontbreekt, kunnen docenten volwasseneneducatie  lesmaterialen Nederlands als tweede taal gebruiken. Om de taal aan te leren moeten de docenten NT2-materiaal tot en met Niveau A2 aanreiken. Het is dan wel belangrijk om ruimte te bieden voor communicatieve vaardigheden, naast expliciete instructie voor grammatica. Dat alles afgestemd op de behoeften en mogelijkheden van de deelnemer. Ook zorgen authentieke materialen voor leerwinst en kan invoering van leren leren onafhankelijkheid van de deelnemer bewerkstelligen.
Lees verder
Afstandsleren: wat werkt wel en wat niet?
 VOLWASSENENEDUCATIE | MBO | HO | SECTOROVERSTIJGEND | ICT
Wanneer scholen noodgedwongen geen lessen kunnen geven in hun fysieke leeromgevingen, is de vraag welke alternatieven er zijn om leerlingen effectief te ondersteunen in hun ontwikkeling. Dit is voorjaar 2020 een urgent vraagstuk. Naar aanleiding van een vraag van een mbo-school zoekt de Kennisrotonde uit wat er in eerder onderzoek bekend is over werkzame kenmerken van afstandsleren. Vooruitlopend op de nadere uitwerking van dit antwoord (in mei 2020 beschikbaar), laten we hieronder zien wat we weten op basis van eerdere Kennisrotonde-antwoorden.
Lees verder
Welke relatie bestaat er tussen passieve woordenschat en technisch lezen?
 PO | Taal | Vakken
Technische leesvaardigheid en passieve woordenschat zijn, samen met begripsvaardigheden, essentiële onderdelen van het leren lezen. Die relatie is wederkerig. Zowel het aantal woorden dat een leerling kent, als wat hij weet over een woord (vorm, betekenis en gebruik) draagt bij aan het snel en accuraat leren lezen van woorden. Daarnaast kan een leerling door technisch lezen nieuwe woorden leren. En er ontstaat ruimte in het werkgeheugen van de leerling om aandacht te besteden aan de betekenis van woorden en aan tekstbegrip.
Lees verder
Welke instructie en begeleiding in begrijpend lezen is het effectiefst voor leerlingen met een autismespectrumstoornis?
 PO | (V)SO
Leerlingen met een autismespectrumstoornis hebben vaak problemen bij begrijpend lezen. Wat die leerlingen kan helpen zijn graphic organizers, ondersteuning in verwijswoorden, vragen beantwoorden, groepswerk en directe instructie. Aangezien de populatie leerlingen met een autismespectrumstoornis zeer divers is, zijn er geen algemeen geldende uitspraken te doen over effectieve instructie en begeleiding.
Lees verder
Kan een vmbo-techniekleerling met een beperkter ruimtelijk inzicht beter een Augmented Reality-bril dan een AR op een device gebruiken om 2D-werktekeningen te lezen? 
 VO | (V)SO | MBO | ICT
Er is nog onvoldoende bekend of leerlingen beter een Augmented Reality-bril (AR-bril) kunnen gebruiken dan een AR-toepassing op een device om 2D-werktekeningen te begrijpen. Ook voor vmbo-techniekleerlingen met een beperkter ruimtelijk inzicht is de meerwaarde niet bekend. De theorie over cognitieve belasting voorspelt wel dat de AR-bril leerlingen met een zwakker visueel-ruimtelijk werkgeheugen en zwakker voorstellingsvermogen beter zal ondersteunen bij het begrijpen en de beeldvorming van een 3D-bouwobject. De theorie zegt echter niet dat deze leerlingen dan ook beter worden in het zelf lezen van 2D-werktekeningen.
Lees verder
Welke factoren verklaren de werkdruk die leerlingen ervaren in de bovenbouw van het voortgezet onderwijs? Wat kan de school daar aan doen?
 VO | Werkdruk
De werkdruk die leerlingen ervaren neemt toe. Mogelijke oorzaken zijn veranderingen in de samenleving (prestatiemaatschappij), op school (veel huiswerk en toetsen) en in tijdbesteding (bijbaantjes). Ook de sociale druk is groot. Scholen kunnen leerlingen ondersteunen met onder meer stressmanagementprogramma’s en betere communicatie rond toetsen. Verder zijn leerlingen geholpen met leren plannen en het maken van proeftoetsen. Een latere start van lessen en toetsen sluit beter aan bij het bioritme van leerlingen en kan het gevoel van werkdruk verminderen.
Lees verder
Is er een omslagpunt – en zo ja, op welke leeftijd – in de ontwikkeling van peuters, waarna effectieve ontwikkelingsstimulering in groepen mogelijk is?
 VVE | Schoolloopbaan
Uit Europees onderzoek naar voorschoolse educatie en opvang komt naar voren dat een startleeftijd tussen de twee en drie jaar oud het voordeligst is voor de cognitieve, sociale en taalontwikkeling van kinderen. In Noorwegen zijn de effecten onderzocht bij kinderen die al vanaf anderhalf jaar oud met een vve-programma starten. Deze jonge kinderen profiteren van de ontwikkelingsstimulering in kleine groepen. De effecten van ontwikkelingsstimulering in groepen hangen overigens sterk samen met de kwaliteit van de aangeboden voorschoolse educatie.
Lees verder
Zijn linkshandige kleuters motorisch minder goed ontwikkeld dan rechtshandige kleuters? Zo ja, welke interventies bevorderen hun motorische ontwikkeling?
 PO | Leer- & gedragsproblemen | Taal | Vakken
Linkshandige kinderen ontwikkelen zich veelal net als rechtshandige kinderen. Wel komt linkshandigheid wat meer voor onder kinderen met een ontwikkelingsachterstand, bijvoorbeeld dyslexie of motoriek. Wanneer een kind geen duidelijke handvoorkeur heeft, dan kan het een goede keus zijn het kind te leren schrijven met de hand die het duidelijkste handschrift oplevert. Veel bewegingservaring laten opdoen – thuis, op school, in sportklasjes – is voor kinderen met een motorische achterstand belangrijk. Als de achterstand ernstig is en aanhoudt, is verwijzing naar de kinderfysiotherapie de aangewezen weg. Dit geldt ongeacht de handvoorkeur.
Lees verder
Welke informatie uit het leerlingvolgsysteem Cito-LOVS in het basisonderwijs voorspelt het beste het niveau van een leerling in het voortgezet onderwijs?
 PO | Schoolloopbaan | Toetsen & feedback | Ook interessant
Vooral toetsscores op begrijpend lezen en op rekenen-wiskunde uit het leerlingvolgsysteem in het basisonderwijs zijn belangrijke voorspellers voor de onderwijsloopbaan van leerlingen in het voortgezet onderwijs. Scores op spelling zijn daarvoor minder relevant, afgaand op het beperkt beschikbare onderzoek dat ernaar is gedaan. De toetsscores kunnen leraren helpen bij het opstellen van hun schooladvies aan leerlingen uit groep 8.
Lees verder
Welke factoren zijn bepalend voor de taakzwaarte van leraren in respectievelijk het primair onderwijs en het voortgezet onderwijs?
 PO | Ook interessant
Het aandeel werknemers dat te maken heeft met hoge taakeisen is in het primair onderwijs hoger dan in het voortgezet onderwijs. Ook emotioneel zwaar werk en lastige taken komen in het primair onderwijs iets vaker voor. Werkenden in het primair onderwijs hebben bovendien minder mogelijkheden om zelfstandig beslissingen te nemen over de uitvoering van hun werk. Ondanks deze verschillen in werkdruk is het aandeel werknemers met burn-outklachten in het primair onderwijs lager dan in het voortgezet onderwijs. De verzuimpercentages in beide onderwijssectoren wijken niet erg van elkaar af.
Lees verder
Hoe kunnen lerarenopleiders studenten begeleiden om in dialoog goede onderzoeksvragen te formuleren?
 LERARENOPLEIDING | Professionalisering | Ook interessant
Een goede onderzoeksvraag is relevant voor de praktijk, verankerd in de theorie, precies geformuleerd, functioneel en consistent. Veel studenten vinden het moeilijk om tot een goede onderzoeksvraag te komen, in interactie met betrokkenen in de praktijk en gebruikmakend van theorie. Studenten hebben hiervoor verschillende soorten kennis, vaardigheden en houdingsaspecten nodig. Er is nauwelijks effectonderzoek gedaan naar manieren waarop lerarenopleiders hen daarbij het best kunnen begeleiden. Er zijn wel verschillende onderbouwde werkvormen die kunnen helpen en de dialoog kunnen stimuleren tussen begeleiders, studenten onderling en betrokkenen uit de praktijk, zoals de 5W+H-methode.
Lees verder
Is het bij begrijpend leesonderwijs in de bovenbouw effectiever als leerlingen eerst individueel de hele tekst lezen, voordat ze per alinea in tweetallen informatie verwerken?
 PO
Om een samenhangend beeld te vormen van een tekst leggen leerlingen verbanden binnen de tekst, en tussen de tekst en hun achtergrondkennis. Leerkrachten kunnen leerlingen hierin stimuleren door het stellen van inhoudsgerichte vragen tijdens of na het lezen. Uit onderzoek is niet duidelijk of leerlingen de tekst wel of niet eerst in zijn geheel moeten lezen. Wel is het effectief om leerlingen samen, in de vorm van rolwisselend lezen, de teksten en bijbehorende vragen te laten behandelen.
Lees verder
Wat is de cognitieve achterstand van basisschoolleerlingen wanneer zij een groep overslaan? En lopen ze deze achterstand nog in op de basisschool?
 PO | VO
Basisschoolleerlingen die een groep overslaan hebben een leervoorsprong, maar kunnen in hun nieuwe groep – met oudere klasgenoten – een relatieve achterstand hebben. Afhankelijk van het gemak waarmee versnelde leerlingen leerstof of vaardigheden leren, hun intelligentie en de pedagogisch-didactische begeleiding door school, kunnen zij deze relatieve achterstand inlopen gedurende de basisschoolperiode. De mate waarin versnelde leerlingen relatief achterlopen ten opzichte van hun nieuwe klasgenoten en in hoeverre ze dat inhalen binnen het basisonderwijs, is niet uit onderzoek bekend.
Lees verder
Welke manier van formatief toetsen geeft het betrouwbaarste beeld van de leesvaardigheid van leerlingen in het basisonderwijs?
 PO | Toetsen & feedback
Begrijpend lezen is een complexe vaardigheid waarbij veel verschillende cognitieve processen betrokken zijn. De toetsen die je daarvoor kunt inzetten, meten verschillende aspecten. Onderzoek wijst niet uit welk type het beste is om begrijpend lezen te toetsen. Belangrijk is dat de gekozen toets goed aansluit bij het beoogde doel van het leesonderwijs. Verder ontwikkelen leerlingen zich meer in begrijpend lezen als de leraar - op basis van een toets – een goed beeld heeft van de deelvaardigheden van een leerling, zodat hij daarbij passende instructie kan geven.
Lees verder
Wat is een effectieve rekendidactiek voor leerlingen in het basisonderwijs en hangt dat samen met kenmerken van de leerlingpopulatie?
 PO | Vakken | Ook interessant
Constructivistische rekenmethoden, zoals realistisch reken-wiskundeonderwijs, leveren geen betere resultaten op dan traditionele methoden zoals directe instructie, maar ze doen er ook niet voor onder. De rekenprestaties hangen samen met de kennis en vaardigheden van de leraar, de interactie tussen leraar en leerlingen en de aandacht en tijd voor rekenen-wiskunde. Rekenzwakke leerlingen lijken problemen te ondervinden bij relatief open didactische methoden, omdat zij meer behoefte aan structuur hebben dan betere rekenaars.
Lees verder
Zijn docenten in een educatieve bacheloropleiding voldoende competent om een educatieve masteropleiding te ontwikkelen?
 LERARENOPLEIDING | VOLWASSENENEDUCATIE | Professionalisering
Competenties van leraren in het primair en voortgezet onderwijs om een curriculum te kunnen ontwikkelen, overlappen met de competenties om goed onderwijs te kunnen geven. Dan gaat het om het beheersen van het vak en pedagogisch-didactische bekwaamheid. Daarnaast is een ‘curriculaire ontwikkelbekwaamheid’ nodig. Die houdt in de context analyseren, leerplannen ontwerpen, construeren en evalueren, en over een helikopterview beschikken. Belangrijk is namelijk dat het onderwijsprogramma een coherent geheel vormt en past bij de schoolvisie. In hoeverre deze competenties aanwezig zijn bij docenten in een educatieve bacheloropleiding, is niet bekend.
Lees verder
Zijn er effectieve werkwijzen om kleuters te stimuleren om te reflecteren op hun eigen leerproces?
 PO | Ook interessant
Of kleuters al kunnen reflecteren op hun eigen leerproces hangt samen met drie factoren: hun taalvaardigheid, Theory of mind en executieve vaardigheden. Als deze goed zijn ontwikkeld, vergemakkelijkt dat de zelfreflectie. Kleuters kunnen het beste onmiddellijk na een activiteit reflecteren. Verder terugkijken is voor hen moeilijk, omdat hun episodisch geheugen daarvoor onvoldoende is ontwikkeld. Als hulpmiddel kunnen leraren een jonge leerling laten kijken naar een video waarin het kind zelf een bepaalde activiteit uitvoert. Daar kan de leerling dan vervolgens op reflecteren.
Lees verder
Lezen leerlingen met dyslexie in de onderbouw van het voortgezet onderwijs teksten sneller en accurater met een groter beeldscherm?
 PO | VO | MBO | SECTOROVERSTIJGEND | ICT | Leer- & gedragsproblemen | Taal
De meeste leerlingen met dyslexie lezen niet sneller en accurater met een groter beeldscherm. Sterker, sommigen hebben juist baat bij een kleiner beeldscherm. Het verbeteren van het lezen zit vooral in extra ruimte tussen de letters. Bij bijvoorbeeld een e-reader zijn vaak slechts enkele woorden op een regel zichtbaar, net als bij een krantenkolom. Dit leidt leerlingen minder af. Dit voordeel kan mogelijk ook bereikt worden door een beeldscherm in de portretstand te zetten of door kortere regels op het scherm in te stellen.
Lees verder
Wat is het effect van het laten afstromen van vo-leerlingen voor hun verdere schoolprestaties en motivatie?
 VO | Gelijke kansen | Motivatie | Schoolloopbaan
Afstromen van leerlingen in het voortgezet onderwijs (plaatsen in een lager niveau, bijvoorbeeld van vwo naar havo) is een belangrijke voorspeller voor lagere schoolprestaties. Hoe eerder een leerling afstroomt, hoe groter deze samenhang is. Hoewel er geen onderzoek is gevonden met directe metingen van motivatie bij leerlingen die afstromen, kunnen we aannemen dat het competentiegevoel van deze leerlingen afneemt, nog voordat ze daadwerkelijk in een lager niveau zijn geplaatst. Nadat een leerling is afgestroomd, blijkt het competentiegevoel tijdelijk toe te nemen.
Lees verder
Wat draagt luisteren/lezen in een tweede taal bij aan de mondelinge grammaticale opbouw van zinnen bij 8-jarige leerlingen?
 (V)SO | Taal | Vakken
De vraag of 8-jarige leerlingen die Nederlands als tweede taal leren mondeling betere grammaticale zinnen formuleren als ze meer luisteren/lezen in die taal, is niet eenduidig te beantwoorden. Wat daarbij een rol speelt is de verwantschap tussen talen, de leeftijd waarop leerlingen zijn begonnen met het leren van Nederlands en hoelang ze aan die taal zijn blootgesteld. De (grammaticale) ontwikkeling in de tweede taal gaat vooruit door taalproductie (spreken), tweezijdige interactie en door expliciete grammatica-instructie, waarbij leraren goed moeten afstemmen op de capaciteiten van het kind. 
Lees verder
Wat is het effect op de schoolprestaties en het welbevinden van leerlingen wanneer zij in groep 7 en groep 8 van dezelfde leerkracht les krijgen?
 PO | Schoolorganisatie | Ook interessant
Leerlingen in het basisonderwijs halen betere resultaten in taal en rekenen als ze in twee opeenvolgende jaren van dezelfde leraar les krijgen, in vergelijking met leerlingen die een andere leraar krijgen. Het gaat hier om een bescheiden maar positief effect. De oorzaak ligt waarschijnlijk in de sterkere band tussen de leraar en leerlingen. Dat draagt bij aan een effectief leerklimaat in de klas. Onderzoek naar effecten op het welbevinden van leerlingen is niet bekend.
Lees verder
Welke interventies door vakdocenten vergroten de taalvaardigheid van leerlingen in het voortgezet onderwijs?
 VO | Taal | Vakken
Taalgericht vakonderwijs bevordert de taalvaardigheid van leerlingen. Deze inhoudsgerichte benadering is effectief wanneer de docent taal en inhoud met elkaar verbindt. Verder helpt het hoge verwachtingen te hebben van leerlingprestaties en feedback te geven op het taalgebruik. Daarnaast zijn leerlingen gebaat bij interactie en samenwerking om hun taalvaardigheid te oefenen. Om taalgericht vakonderwijs op school in te voeren, is een overkoepelend en breed gedragen taalbeleid raadzaam. Daarvoor is samenwerking tussen taal- en vakdocenten nodig en professionalisering van vakdocenten.
Lees verder
Welke interventies kunnen NT2-docenten inzetten om laagopgeleide, anderstalige cursisten te motiveren om ook buiten de les de Nederlandse taal te leren?
 VOLWASSENENEDUCATIE | Motivatie | Taal | Vakken | Vernieuwingsonderwijs
Anderstalige volwassenen leren beter een tweede taal als zij zowel binnen als buiten de les actief zijn met die taal. Om de motivatie voor het leren buiten de les te versterken is het belangrijk dat docenten inspelen op de interesses en ervaringen van hun cursisten. Daarnaast moet de lesstof goed aansluiten op realistische situaties. Docenten kunnen hen ook stimuleren door te zorgen voor een positieve leerervaring en hen wijzen op plekken buiten de les (zoals een taalcafé) waar ze kunnen oefenen.
Lees verder
Wat zijn de effecten van talentgericht werken op motivatie, sociaal-emotionele ontwikkeling en leerprestaties in het primair onderwijs?
 PO | VO | Ook interessant
De effecten van talentgericht werken in het onderwijs zijn niet eenduidig. Modellen voor talentontwikkeling helpen bij het denken over de relatie tussen talentontwikkeling en uitkomsten op leerlingniveau. Ze schieten echter tekort als onderbouwing bij deze relatie. Motivatie is gunstig voor leerprestaties, werd lang gedacht. Recent onderzoek laat vooral het omgekeerde zien: het leveren van prestaties werkt motiverend. Kennis over gepersonaliseerd onderwijs wijst uit dat er onder bepaalde voorwaarden een positieve relatie is met motivatie en leeropbrengsten. Leerlingen moeten dan wel beschikken over metacognitieve en zelfregulerende vaardigheden.
Lees verder
Welke factoren maken lectoraten en practoraten succesvol? In hoeverre zijn deze factoren toepasbaar in het primair onderwijs?
 PO | Professionalisering | Ook interessant
Of een lectoraat of practoraat succesvol is, hangt af van de inrichting en doelen van de opleiding, het personeelsbeleid en de strategieën voor kennisbenutting. Over de transferbaarheid van deze factoren naar het primair onderwijs is geen onderzoek beschikbaar. Experts op het gebied van de rol van onderzoek in het onderwijs komen wel tot aandachtspunten bij een eventuele introductie van een onderzoeksfunctie in het primair onderwijs. Dat zijn de visie van de school op onderzoek, betrokkenheid van de leerkrachten, kennisbenutting en financiering.
Lees verder
Op welke manier draagt kinder- en jeugdliteratuur bij aan leeractiviteiten in het basisonderwijs die de literaire leesvaardigheid stimuleren?
 LERARENOPLEIDING | PO | Taal | Vakken
Interactie over boeken stimuleert de literaire leesvaardigheid van leerlingen in het basisonderwijs. Het kan dan gaan om interactief voorlezen, leescirkels en boekgesprekken. Wanneer leerkrachten hun leerlingen betrekken bij en laten deelnemen aan gesprekken over boeken, verhoogt dat een actieve leerhouding en de motivatie. Interactie over boeken heeft ook positieve effecten op begrijpend lezen en literaire competentie.
Lees verder

Niet gevonden waar je naar op zoek bent?

Stel direct jouw vraag